Vulkaanuitbarsting van muzikaliteit

Er bestond al een bundel cellosonates van Boccherini. Ook van Jean-Louis Duport, cellist van de Pruisische hofkapel, was in 1787 een aantal cellosonates in druk verschenen. Maar onder de grote componisten was Beethoven de eerste die de cello uit zijn tot dan toe louter begeleidende rol bevrijdde door vijf Sonates voor cello en piano te componeren. De directe aanleiding vormde zijn ontmoeting in 1796 met Duport aan het hof van koning Frederik Willem II van Pruissen. Aan deze vorst, die zelf ook verdienstelijk cello speelde, droeg Beethoven zijn eerste twee Sonates voor cello en piano. op. 5 nrs. 1 en 2 op. Daarnaast componeerde Beethoven nog drie variatiereeksen voor cello en piano, waarvan in elk geval twee (Zeven variaties op `Bei Männer, welche Liebe fühlen' en Twaalf variaties op en thema uit `Judas Maccabäus') voor het hof in Berlijn.

Tijdens de Zomerconcerten vertolkt celliste Quirine Viersen samen met de Duitse pianiste Silke Avenhaus in twee avonden alle cellowerken van Beethoven. Viersen opende haar mini-Beethovenserie gisteravond met een enerverende lezing van de Zeven variaties op `Bei Manner, welche Liebe fühlen' die tijdens de laatste variatie uitmondde in een ware vulkaanuitbarsting van muzikale energie. Liet Avenhaus zich aanvankelijk nog opzwepen door de meer pianistisch dan cellistisch gedachte partituur, zodat Viersen af en toe in het nauw gedreven raakten door het tumult van de vleugel, tijdens de uitvoering van Beethovens Eerste sonate in F voor cello en piano belandden beide dames in uitgebalanceerder vaarwater en kwam de Beethoveniaanse dialoog optimaal op gang. Beide musici profileerden zich in toenemende mate als sterke en eigenzinnige muzikale persoonlijkheden, met een opmerkelijke, natuurlijke dispositie voor hun instrument. Het spel van Avenhaus verrichtte wonderen met de Twaalf variaties op en thema uit `Judas Maccabäus', terwijl Viersen het meest overtuigend was in haar even intense als gevoelige benadering van de Vijfde sonate in D voor cello en piano. Viersen, die in de begintijd van haar stormachtige carrière uitblonk in muzikale spontaniteit, is de laatste jaren duidelijk op zoek naar haar eigen muzikale identiteit. Dat heeft voor- en nadelen: enerzijds weet ze soms hartverscheurend mooi te fraseren, maar anderzijds verliest ze zich regelmatig in cerebrale `vondsten', waardoor de muziek soms te bestudeerd en gecompliceerd klinkt en haar toon inboet aan puurheid en kernachtigheid.

Concert: Quirine Viersen (cello) , Silke Avenhaus (piano) . Programma: werken van Beethoven. Gehoord: 7/8 Concertgebouw Amsterdam. Volgende concert: 8/8 aldaar.