Talibaan hangen vier mannen op in Kabul

De Talibaan, de streng islamitische heersers in Afghanistan, hebben vanochtend vroeg in Kabul vier mannen laten ophangen die schuldig waren bevonden aan een reeks bomaanslagen in de hoofdstad vorig jaar. De terechtstelling gebeurde op hetzelfde kruispunt waar in 1996 het verminkte lijk van de voormalige president Najibullah door de Talibaan werd opgehangen. Enkele honderden Talibaan woonden de ophanging bij, terwijl in de uren daarna ook een nieuwsgierige menigte, onder wie enige kleine jongens, de bungelende lichamen kwam bekijken.

De doodstraf is in Afghanistan de afgelopen jaren geen ongebruikelijk sanctie. Onder verwijzing naar de shari'a, het islamitisch recht, passen de Talibaan voorts met enige regelmaat lijfstraffen toe zoals het afhakken van ledematen voor diefstal en geselingen voor minder ernstige vergrijpen.

De vier mannen hadden volgens de Talibaan bekend verantwoordelijk te zijn voor bomaanslagen op de ministeries van Buitenlandse Zaken en Onderwijs en een hotel. Hierbij kwam één persoon om het leven en vielen tientallen gewonden.

Intussen neemt de druk op de Talibaan uit het buitenland toe wegens de arrestatie eerder deze week van 24 medewerkers van de hulporganisatie Shelter Now International, onder wie acht buitenlanders.

De Talibaan beschuldigen de organisatie ervan het christendom uit te dragen in Afghanistan, een vergrijp waarop in beginsel de doodstraf staat. Het islamitische bewind zegt onder meer Bijbels en cd-roms met het verhaal van Christus in de Afghaanse taal Dari te hebben aangetroffen. Shelter Now International ontkent de beschuldiging ten stelligste.