Geesteszieken gedood bij brand in Zuid-India

Door een brand in een tehuis voor psychiatrische patiënten in de deelstaat Tamil Nadu zijn gisteren zeker 25 doden gevallen. Volgens de politie van Ramanathapuram, 500 kilometer ten zuiden van Madras, konden de patiënten zich niet uit de voeten maken omdat ze waren vastgeketend aan hun bedden. De politie onderzoekt of het tehuis wel aan de veiligheidseisen voldeed en over de nodige bouwvergunningen beschikte.

De vraag die echter wordt gesteld is waarom de patiënten waren vastgeketend. Geestelijke gestoordheid wordt in grote delen van India niet gezien als een geneesbare of behandelbare aandoening. Patiënten worden meestal zo lang mogelijk thuis gehouden, in het grootste geheim, en pas naar een inrichting gebracht als de toestand ernstig is verslechterd.

Deze inrichtingen worden in kleinere plaatsen vooral gerund door religieuze en charitatieve organisaties. Er zijn dan ook zelden artsen of medicijnen beschikbaar, met als gevolg dat de hulpverleners de patiënten vooral in leven houden en hen beschermen tegen elkaar en zichzelf. De methode van het 's nachts vastketenen is daar een gevolg van.

Volgens Indiase media moet dit incident leiden tot een discussie over mentale gezondheid in het algemeen. Hindoes hebben namelijk een zeer ambivalente houding tegenover geestelijke stoornissen. Patiënten worden enerzijds heilig verklaard en als sadhu's gerespecteerd, anderzijds echter gevreesd en veracht, omdat ze zouden zijn behekst.