Remake van `Planet of the Apes' is kaskraker in VS

De remake van de cultklassieker Planet of the Apes, die vorige week in de VS in première is gegaan, heeft nu al een enorm bedrag opgeleverd. En dat terwijl de film door de critici vrijwel unaniem is afgekraakt.

Het zomerse filmseizoen in de Verenigde Staten was tot nu toe teleurstellend. Na aanvankelijke successen als Shrek en The Fast and the Furious, volgde met Pearl Harbor, A.I. en Lara Croft: Tomb Raider de ene flop na de andere. Maar filmbonzen in Hollywood kunnen opgelucht ademhalen. Planet of the Apes zorgde afgelopen week voor een fikse opleving aan de bioscoopkassa. De film had met een krappe 70 miljoen dollar (ruim 170 miljoen gulden) het op een na beste openingsweekend aller tijden (het record staat met 72 miljoen nog altijd op naam van The Lost World: Jurassic Park uit 1997).

Planet of the Apes is een remake – of `reimagining' zoals regisseur Tim Burton het noemt – van de gelijknamige cultklassieker uit 1968 met Charlton Heston in de hoofdrol. De film was gebaseerd op de sciencefictionroman La Planète des Singes van Pierre Boulle. Het verhaal draait om een ruimtereiziger die op een planeet belandt waar de apen de geëvolueerde soort zijn, terwijl mensen doofstomme Neanderthalers zijn en als beesten worden behandeld.

Het origineel van Planet of the Apes was een van de eerste blockbuster sciencefictionfilms en kan met recht een ijkpunt in de filmgeschiedenis genoemd worden. Niet alleen zorgde de film ervoor dat science fiction een rendabel en populair genre werd, de door Franklin J. Schaffner geregisseerde klassieker was ook een van de eerste sciencefictionfilms die door critici serieus werd genomen. De film werd bovendien gevolgd door maar liefst vier vervolgen en twee televisieseries, een prestatie die tot op heden door Hollywood wordt nagestreefd. Maar bovenal vormde Planet of the Apes (en zijn vele `sequels') een tijdsdocument: in de omgekeerde wereld van de apenplaneet zag menig criticus een allegorie van de strijd die de Amerikaanse burgerrechtenbeweging in de jaren zestig voerde tegen de discriminatie van de zwarte bevolking in de VS. Door het onrecht dat de arrogante, blanke Charlton Heston in de film door de apen werd berokkend, konden de blanke Amerikanen voelen wat zij de minderheden in hun land hadden aangedaan.

Die – soms belerende – politieke boodschap lijkt ogenschijnlijk uit de remake verdwenen. Wanneer bijvoorbeeld een aap naar de Rodney-King affaire verwijst wanneer hij zegt ,,Can't we all just get along'', is dat geen aanklacht tegen raciale ongelijkheid, maar een grap.

Burton lijkt geen maatschappijkritiek te willen bedrijven. Hooguit houdt hij ons op humoristische wijze een spiegel voor. Toch is de politiek niet helemaal verdwenen. De vooraanstaande columnist van The New York Times Maureen Dowd heeft de `onmenselijke' apenwereld al vergeleken met het beleid van de regering Bush: ,,Apetown kwam me op een vreemde, verontrustende manier bekend voor: een evolutie die achteruit holt, vooruitgang in de achteruitversnelling, een arrogante neiging om zich te ontdoen van de verdragen die het menselijk ras regeren. [...] Hmmm, dus W. is President Primate''.

Het publiek mag Planet of the Apes enthousiast hebben onthaald, dat geldt niet voor de critici. De meerderheid van de kritieken vond Burtons versie maar bleek afsteken tegen het origineel. `Mistroostige recycling', oordeelde de Wall Street Journal terwijl Time simpelweg concludeerde: `Huur het origineel'. Slechts de Washington Post vond de film `voortreffelijk verbeeld en onverschrokken uitgevoerd'. Waar iedereen het over eens is, is dat de apen er uiterlijk veel op vooruitgegaan zijn. Waren de houterig, om niet te zeggen menselijk, bewegende apen in het origineel tamelijk lachwekkend, in de remake zijn de primaten dankzij de stijl van Burton en de verbluffende make-up van zesvoudig Oscarwinnaar Rick Baker werkelijk angstaanjagende `beesten'. De apen zien er, wel, apelijk uit. ,,Het zijn trotse dieren die niet proberen menselijk gedrag te imiteren, maar in de kamers rondspringen en tegen de muren stuiteren'', aldus The New York Times. En dat mag ook wel: niet alleen hebben de acteurs zich maandenlang door deskundigen laten onderwijzen over aapgedrag om zodoende hun `inner ape' te vinden, naar verluidt liepen er op de set ook een paar chimpansees rond die voor inspiratie moesten zorgen.