Ja, ik wil alsnog

Ze wezen het huwelijk af en experimenteer- den als eersten op grote schaal met andere samenlevings- vormen: de veertig- en vijftigplussers van nu. Maar onder de protestgeneratie van weleer wint het huwelijk aan populariteit. `Als twintiger was ik niet romantisch. Nu wel.'

Een paar maanden geleden zijn ze getrouwd, op de dag af 23 jaar nadat ze elkaar voor het eerst zoenden: Mirjam Bode en Jan Jongkind. ,,We hebben ons ondergedompeld in alle rituelen die bij het huwelijk horen: het feest met wel honderd mensen, de bruidstaart, de champagne. Ik heb ook een toespraakje gehouden dat ik afsloot met een heuse liefdesverklaring aan Mirjam'', zegt Jan lachend aan de keukentafel van de echtelijke woning. Sinds een half jaar woont het paar zelfs helemaal samen, een stap die ze nooit eerder gezet hebben. De woongroep waarin ze woonden, heeft zijn economische en opvoedende functie wel gehad, zoon Leon is inmiddels achttien.

Net als voor veel van hun generatiegenoten was trouwen voor Mirjam Bode (44) en Jan Jongkind (45) absoluut niet aan de orde in de jaren zeventig en tachtig. Daar waren redenen genoeg voor. Het huwelijk was benauwend en stond voor de gezapigheid van je ouders waaraan je wilde ontsnappen. Ware liefde behoefde geen boterbriefje; of en hoe lang je bij elkaar bleef maakte je zelf wel uit, daar moest geen overheid aan te pas te komen en zeker geen ambtenaar met een toespraak vol tegeltjeswijsheden. Jongkind: ,,Voor mij was trouwen vooral kleinburgerlijk. En ik denk dat ik vroeger ook benauwd was voor alimentatiekwesties. Daar kwam bij dat ik toen ook nog wat andere verhoudingen links en rechts had. De vrijheidsideologie, het idee van latrelaties en je eigen bed hebben, het was toen allemaal heel gewoon.'' Daar kwam de feministische kritiek op het huwelijk nog eens bij. En Simone de Beauvoir was zeker niet de enige die de stelling huldigde dat het huwelijk gevaarlijk is voor de vrouw. Bode: ,,Vroeger zag ik het huwelijk vooral als een instelling om vrouwen in het gareel te houden.''

Dus gingen de gelieven apart wonen en pas na vijf jaar, toen Mirjam Bode zwanger raakte, trok Jan Jongkind bij haar woongroep in. Bode: ,,Dat was vooral om samen voor ons kind te zorgen. Ik heb zelfs een tijd gedacht: als dat voorbij is, kan ik weer eens apart gaan wonen. We hadden niet het idee dat we vanaf dat moment samen door het leven zouden gaan.'' Jongkind: ,,Je hield er in die tijd rekening mee dat liefde het niét zou houden, want dat was natuurlijk vaak het geval. Die van ons heeft het, zo blijkt nu, wél gehouden.''

De generatie die geboren werd rond 1950 heeft een succesvolle aanval gelanceerd op het traditionele huwelijk. Dankbaar gebruikmakend van de pil gingen aanvankelijk vooral linksgeoriënteerde, studerende jongeren op grote schaal samenwonen en experimenteren met andere relatievormen. `Hokken' noemden de tegenstanders het. Inmiddels is samenwonen alom geaccepteerd, van ongehuwd ouderschap kijkt geen mens meer op, zelfs homo's kunnen trouwen en gehuwden mogen ook apart wonen. Seksualiteit, samenwonen, trouwen en voortplanting zijn niet meer automatisch aan elkaar gekoppeld. De juridische zaken die vroeger via het huwelijk geregeld werden, zijn ook prima te regelen met samenlevingscontract of partnerschapsregistratie.

En net nu alles kan en alles mag wordt trouwen onder de voorvechters van alternatieve samenlevingsvormen alsnog populair. Stellen die al tien, twintig jaar bij elkaar zijn, samen een of meer kinderen hebben en er altijd prat op gingen dat ze hun onafhankelijkheid bewaarden, voelen nu alsnog de behoefte om elkaar publiekelijk hun jawoord te geven.

Waarom nu wel? Chrisje Duyvis (42): ,,We hadden ons punt inmiddels wel gemaakt. Kinderen hoeven niet meer de achternaam van de vader te krijgen, je kunt nu ook een hypotheek op beider naam afsluiten en de voor vrouwen onderdrukkende bijklank heeft het huwelijk niet meer. De behoefte om ons er om dat soort redenen tegen af te zetten, was daarmee weggenomen.''

Ze vervolgt: ,,Zelf had ik altijd het idee: áls ik ooit ga trouwen, doe ik het om de romantiek, uit emotionele overwegingen.'' Zij en haar vriend Sidney Haijtema (42) hebben inmiddels hun tienjarige relatie en het ouderschap van drie kinderen bezegeld met een trouwfeest. Haijtema, ooit naar eigen zeggen een echte `antitrouwer': ,,Alle zakelijke dingen hadden we allang geregeld, waardoor het voor mij een heel zuiver moment is geweest: het kiezen voor elkaar.''

Chrisje Duyvis: ,,Natuurlijk konden we allang niet meer zomaar zeggen: morgen stap ik maar eens op. We hadden samen al drie kinderen en een huis. Toch was er nog een puur emotionele keus te maken. Het omslagpunt kwam bij mij toen ik me niet meer kon voorstellen dat we ooit nog uit elkaar zouden gaan.'' Haijtema had het nog een tijdje voor zich uitgeschoven, vond het toch wel een grote stap. ,,Ik had die mijlpaal van tien jaar nodig voor de bekroning van onze relatie.''

Het idee voor een groots feest was geboren. Maar toen gebeurde er iets dat vrijwel alle stellen in dit verhaal – tot hun eigen verbazing – overkwam. Duyvis: ,,Toen het idee concreet werd, gingen we praten over wat het nu eigenlijk betekende en kreeg het ritueel van de verbintenis voor ons steeds meer diepgang. Dat had ik niet verwacht. Nog nooit had ik zo duidelijk tegenover iemand uitgesproken: `Ik wil met jou de rest van mijn leven delen', en zeker niet en public. Dat was heel emotionerend, niet alleen op de dag zelf, maar ook in de periode ervoor.''

Het overwinnen van diverse relatiecrises kan ook een mooie aanleiding zijn om te trouwen. Dat gold bijvoorbeeld voor Bettie Spijksma (47) en Frank van Kreuningen (67), die wel uitvoerig getwijfeld hebben.

Het waren niet de geringste beproevingen waartegen hun negentienjarige relatie uiteindelijk bestand bleek. Daar was bijvoorbeeld het leeftijdsverschil van twintig jaar, waar vooral Bettie Spijksma op gezette tijden moeite mee had. Zij wilde graag een tweede kind, maar hij, ook al vader van drie zoons uit een eerder huwelijk, had daar geen trek in. Verder was er het gegeven dat Frank van Kreuningen zichzelf zag als een polygame man. Spijksma: ,,We hebben een jarenlange crisis gehad, maar hij was nu eenmaal de vader van Koen en we hadden een goeie seksuele relatie.'' Van Kreuningen: ,,Ik heb een jaar of tien naast Bettie een vriendin gehad en dat gaf nogal wat spanningen. Toen dat gestopt was en ik klaar was met het rouwen daarover, vond ik het eigenlijk fair om Bettie te vragen. Want ik ben altijd van haar blijven houden. Toen heeft ze eerst geweigerd.'' Spijksma: ,,Ja, ik dacht: dan gá ik trouwen en dan doe ik dat met een man die twintig jaar ouder is dan ik. Kan ik niet iets beters verzinnen? Natuurlijk was dat leeftijdsverschil er altijd al, maar bij het besluit om te trouwen, komen alle onderwerpen weer even aan bod, heel gek. Vroeger dacht ik altijd dat Frank degene was die er niet voor koos, maar er was natuurlijk ook iets bij mij waarom ik het niet deed. Ik besefte toen: als ik het echt doe, dan moet ik ook alle achterdeuren die ik nog heb, sluiten. Daar heb ik even over gedaan, en net toen ik zover was, vroeg hij het nog een keer. En toen wilde ik.'' Ze stond zelf versteld van haar reactie: ,,Ik ben wekenlang van de kaart geweest en werd weer ongelooflijk verliefd. Jézus, toen kwam er een energie vrij!''

Frank van Kreuningen reageerde iets minder euforisch, hij moest afscheid nemen van het polygame leven – de voorwaarde die Bettie Spijksma stelde – en dat deed hem wel wat. Zij merkt dat vrouwen nu toch anders op hem reageren: ,,Die denken eerder: een getrouwde man, daar begin ik niet aan.''

Om echt helemaal schoon schip te maken, voerden ze een aantal gesprekken met een vriend, een voormalige dominee, die zou spreken tijdens het trouwritueel. Van Kreuningen: ,,We hebben toen een aantal intensieve, heel bijzondere gesprekken gevoerd. Hij getroostte zich veel moeite om de zuiverheid van onze motieven boven tafel te krijgen.''

Toen Mirjam Bode en Jan Jongkind met een aantal sterfgevallen en ernstige ziektes in hun families te maken kregen, realiseerden ze zich dat ze ten opzichte van elkaar financieel en juridisch niets geregeld hadden. Jongkind: ,,Dan zie je hoe belangrijk het is dat je niet alleen financiële, maar ook emotionele dingen goed verzorgt. Bijvoorbeeld wie beslissingen mag nemen over sterven en begraven, hoe een erfenis geregeld is. Als je getrouwd bent, heb je een sterkere positie tegenover de rest van de familie. Niet dat we verwachten dat morgen de dood aan de deur klopt, maar je komt toch op een leeftijd dat dat realistischer wordt. We beseften toen hoe belangrijk het is om goed voor elkaar te zorgen en dat ook vast te leggen.'' Trouwen in gemeenschap van goederen vonden ze uiteindelijk een passendere rechtsvorm dan een samenlevingscontract of partnerschapsregistratie.

,,Het feit dat Jan wilde trouwen, dat hij dat aandurfde, betekende heel veel voor me'', vertelt Mirjam Bode. ,,De stap om zich economisch aan mij te binden houdt immers vooral voor hem een groter financieel risico in, omdat ik een eigen bedrijf heb en hij een hoger inkomen heeft. `Hij doet 't, hij doet 't!' dacht ik steeds maar, heel verbaasd.'' Jongkind: ,,Voor mij was het juist wel prettig om dat beheer over mijn eigen centen eindelijk eens los te laten en te merken dat ik niet meer zo nodig die controle hoef te hebben.''

Vervolg op pagina 20 (20)

Ja, ik wil alsnog

Vervolg van pagina Z1 (19)

Bode: ,,Jij gaf ook in de eerste week na ons trouwen opeens je pincode aan mij door om af te kunnen rekenen. Niet dat ik dat wilde, maar dat had je nog nooit gedaan.''

Toeval of niet, de vrouwen in dit verhaal wilden – het feminisme ten spijt – toch wel ten huwelijk gevraagd worden. Chrisje Duyvis: ,,Ik dacht: wanneer vráágt hij me nou?'' Waarom ze zelf niet het initiatief konden nemen, wordt niet helemaal duidelijk. In ieder geval voelden de vrouwen in de meeste gevallen al eerder de behoefte aan een verbintenis, maar vonden ze ook: hij moet het zelf ook echt willen. Een huwelijk op deze leeftijd wil je niet voor elkaar krijgen met zeuren.

Paren die elkaar al zo lang kennen en alsnog besluiten om te trouwen, gaan bij hun beslissing niet over één nacht ijs, zoveel is wel duidelijk. Als ze eenmaal de knoop hebben doorgehakt en alle relatiekwesties besproken zijn, dan moet dat natuurlijk gevierd worden. Groots. Dus niet even snel, bijna schaamtevol, op maandagochtend een boterbriefje halen op het stadhuis zoals veel van hun generatiegenoten ooit deden. Nee, er moet een feest komen met de nodige symboliek en rituelen. Het statement dat de geliefden tegenover elkaar maken willen ze ook – of misschien wel juist – demonstreren tegenover de buitenwereld. Daarbij is een zelfbedacht ritueel wel zo betekenisvol.

Zo onthulden Frank van Kreuningen en Bettie Spijksma ten overstaan van vrienden en familie de tatoeage die ze beiden op hun schouder hadden laten zetten: een Egyptisch levensteken, een herinnering aan hun eerste reis. Zoon Koen mocht ze elk een kettinkje omhangen en de ex-dominee die nu helemaal op de hoogte was, hield een indrukwekkende rede.

Zo togen Chrisje Duyvis en Sidney Haijtema, voorafgegaan door muzikanten, met hun kinderen in een lange stoet door het park naar het Tropeninstituut, waar de ambtenaar wachtte. De man was tevoren zorgvuldig geïnstrueerd over procedure en tekst. Haijtema verlangde bijvoorbeeld op dit moment toch wel naar de ouderwetse woorden `tot de dood ons scheidt'. Voor de toespraak hadden ook zij een bevriende dominee uitgenodigd.

Ze hebben intens genoten van alle riten. Jan Jongkind: ,,Vroeger moest ik niets van rituelen hebben. Ik was een echte kersthater. Misschien komt het door onze leeftijd of door de begrafenissen die we de afgelopen tijd hebben meegemaakt, maar ik vind het toch wel iets hebben om vorm te geven aan je familie- en gemeenschapsband. Het gekke is: juist doordat je het deelt met anderen, gebeurt er ook iets met jezelf.''

En hoe vinden de kinderen het, dat vader en moeder dan toch nog trouwen? In één woord: geweldig. Niet alleen wegens het feest of omdat ze een rol krijgen in het ritueel, maar omdat kinderen zoveel mogelijk garanties willen dat hun ouders bij elkaar blijven. De scheidingen die ze om zich heen zien, zijn alleen maar verontrustend. Ook de kinderen van Chrisje Duyvis en Sidney Haijtema juichten de trouwplannen toe.

Duyvis: ,,Ik kan iedereen aanraden: ga je ooit trouwen, doe dat dan pas als je kinderen hebt. Als kinderen bewust meemaken dat je belooft om bij elkaar te blijven, geef je ze de waarde daarvan echt mee.'' De reactie van Koen (18), zoon van Frank van Kreuningen en Bettie Spijksma op het trouwplan: ,,Heel erg tof, want ik ben vaak bang geweest dat jullie uit elkaar zouden gaan.''

Je relatie in het openbaar en op rituele wijze bevestigen, dat is de behoefte van de stellen in dit verhaal. ,,Het huwelijk is verschoven van een garantie vooraf naar een oorkonde achteraf'', zegt ook sociaal-demograaf dr. Jan Latten (zie kader). Maar de ooit zo vrijgevochten partners hebben meer voor ogen dan zomaar een feestelijke doorstart. Ze willen ook laten zien dat hun zelfstandigheid niet meer zo nodig bewezen hoeft te worden, de vluchtwegen hoeven niet meer open te blijven, de tijd van relatie-experimenten is voorbij.

Nadenken over trouwen blijkt voor deze `oude stellen' bovendien een goed moment om schoon schip te maken. De heikele thema's verschillen natuurlijk per relatie, maar of de strijd nu ging over eindelijk één slaapkamer delen, niet meer buiten de deur vrijen of elkaars pinpasje gebruiken, feit is dat met het jawoord ook die onderwerpen geregeld zijn. Althans voorlopig.

Door het trouwen en alles wat eraan vooraf ging is er echt iets veranderd, vindt Frank van Kreuningen. Hun relatie is intenser geworden, ze slapen vaker samen en hebben nu ook een gezamenlijke woonkamer. Bettie Spijksma drukt haar handen op elkaar om haar woorden kracht bij te zetten: ,,We zijn nu echt iets aangegaan, er is een verdieping gekomen en het gaat ontzettend leuk.'' Of ze wel eens gedacht hebben: waarom hebben we dit niet eerder gedaan? Het antwoord klinkt heel beslist: ,,Nee, eerder kon het echt niet.''

Vroeger zag ik het huwelijk vooral als een instelling om vrouwen in het gareel te houden

Ik kan iedereen aanraden: ga je ooit trouwen, doe dat dan pas als je kinderen hebt