DE ZWARTE MARKT

Tussen Rusland en Polen liggen twee vergeten landen, Witrusland en de Oekraïne. Het ene is een volwaardige dictatuur, het andere, de Oekraïne, begint er trekjes van te krijgen. Machtsmisbruik, corruptie, onduidelijke moorden en een straatarme bevolking, die langzamerhand gedwongen wordt tot autarkie. In Luhansk bijvoorbeeld, waar de vroegere arbeiderselite uit de staatsmijnen nu illegaal en eigenhandig de steenkolen uit de aarde graaft.

Twaalf jaar geleden, toen de perestrojka hoogtij vierde en het IJzeren Gordijn verkruimelde, kreeg ik voor de eerste keer in mijn leven toestemming om naar het westen te gaan. Het belangrijkste probleem waar ik meteen op stuitte was aan buitenlanders uitleggen waar ik vandaan kwam. De Oekraïne? mompelden ze in verwarring. Wat is dat?

Nu placht ik te denken dat ik behoorde tot een van de grootste en misschien wel oudste Europese naties, die nog afstammen van het Kievse Rusland. Dat werd in de late Middeleeuwen door Polen en Moscovië opgedeeld, maar is altijd blijven vechten voor nationale onafhankelijkheid. De hele wereld, zo dacht ik, steunde die strijd met grote sympathie.

Nou, legde ik geduldig uit, het is één van de zogenoemde 'Unierepublieken' van de zogenoemde Sovjet-federatie...

O ja, knikten mijn gesprekspartners blij, je komt uit Rúsland!

Nee, probeerde ik terug te vechten. Maar het was een verloren strijd.

Maar aan het eind van die reis was er eindelijk iemand die deze routineconversatie doorbrak. Welke Oekraïne, zei hij vertrouwelijk, het Poolse of het Russische? Nu was het mijn beurt om met mijn mond vol tanden te staan. De Sovjet-variant, mompelde ik.

Twee jaar na dit gesprek stortte de Sovjet-Unie in en ontstond het handjevol nieuwe onafhankelijke staten, de Oekraïne incluis, dat uitsluitend in het leven geroepen leek om de lokale elites te bevoordelen, de buitenlanders te verbazen en de eigen bevolking op het verkeerde been te zetten, die nog steeds maar niet begrijpt waarom de zoete vruchten van de westerse democratie en de vrije markt zo bitter smaken in haar eigen land.

Donbass is het meest oostelijke gedeelte van de Oekraïne. De naam is een samentrekking van het bassin van de rivier de Don.

De rivier die door de Russische schrijver Michail Sjolochov in zijn beroemde roman is beschreven, loopt nog zo'n tweehonderd kilometer oostwaarts Rusland in.

Ooit was dit steppeland dat zich uitstrekte van de Stille Oceaan tot aan Centraal Europa, het thuisland van nomaden die paarden fokten en de Slavische landbouwers in het noordwesten lastigvielen. Pas aan het eind van de 18de eeuw werd het laatste bolwerk van de nomaden, het chanaat van de Krim, onderworpen door het snel groeiende Russische rijk. Tegelijk met de kolonisatie van de rijke zwarte-aarde-gebieden ontstond er midden 19de eeuw een industriële opleving na de ontdekking van steenkool en ijzererts in het bekken van de Don, om precies te zijn: in het bekken tussen de Russische Don en de Oekraïense Dniper.

Sindsdien is het Donbass het meest verstedelijkte, geïndustrialiseerde en vervuilde gebied van het land. Hier woont bijna 20 procent van de Oekraïense bevolking op 10 procent van het grondgebied. Bijna 40 procent van de industriële export van de Oekraine komt uit het Donbass, en bijna de helft van de industriële subsidies gaan naar dit gebied, hoofdzakelijk naar de verouderde en inefficiënte kolenmijnen.

Heorhiy Basakin, hoofd van het departement voor industrieel beleid van de gemeente Luhansk, erkent dat het gebied de lokale autoriteiten en de centrale overheid in Kiev hoofdpijn bezorgt.

Er zijn ongeveer 200 mijnen in de Oekraïne, zegt hij, en ongeveer eenderde zou moeten worden gesloten, omdat zij maar 3 procent van de Oekraïense steenkool produceren. Om 1 miljoen ton steenkool te produceren, moeten bij ons 6.000 mijnwerkers een jaar werken, terwijl de Polen daarvoor maar 3.000 man nodig hebben, de West-Europeanen 1.200 en de Amerikanen maar 300. Daardoor › is de gemiddelde prijs van de Oekraïense steenkool 55 dollar per ton. Steenkool uit Zuid-Afrika is 10 dollar per ton goedkoper.

Ook de menselijke prijs is hoog. Bijna elke week komt één mijnwerker om door ontoereikende uitrusting en doordat de veiligheidsregels worden veronachtzaamd, en bijna elke dag raakt een mijnwerker ernstig gewond. De familie van een omgekomen mijnwerker krijgt 2.000 hrivna's (minder dan 1.000 gulden) compensa- tie, het gemiddelde maandsalaris.

Over het belangrijkste probleem van het gebied praat Basakin niet graag: de overweldigende corruptie en de machtige schaduweconomie die welig tiert op de zware staatssubsidies en de bizarre belastingconstructies voor lokale bedrijfjes. Je hoeft alleen maar de toptien van de Oekraïense bedrijven te vergelijken met de toptien van de hoogste belastingbetalers. De eerste lijst bestaat bijna uitsluitend uit regionale staalbedrijven, de tweede telt hoofdzakelijk westerse bedrijven als Philip Morris, Reemtsma en UMC.

Werknemers noch managers in het Donbass hebben enige belangstelling voor arbeidseffectiviteit aangezien de subsidies van de staat een veel betrouwbaarder bron van inkomsten zijn. Grillige patronen van ruilhandel, dubbele boekhouding en dubieuze bemiddeling van kleine bedrijfjes resulteren in het effectief wegsluizen van geld van staatsbedrijven naar talloze buitenlandse rekeningen.

De centrale regering in Kiev is klaarblijkelijk niet in staat of niet van plan om dit soort praktijken in het Donbass en elders in de Oekraïne aan banden te leggen.

In 1993 organiseerden de plaatselijke postcommunistische oligarchen massale mijnstakingen die uiteindelijk leidden tot de val van president Kravtsjoek en tot vervroegde presidentsverkiezingen. In 1996, toen de rivaliserende Dnipropetrovsk-clan van president Koetsjma en zijn beste vriend premier Lazarenko zegevierde, leek het er even op dat de godfathers van het Donbass zware tijden tegemoet gingen. Een van hen zocht zijn heil in Israël, een ander in Engeland en de populaire lokale politiek leider Yevhen Shcherban werd compleet met zijn familie, assistenten en lijfwachten omgebracht toen hij op vliegveld Donetsk uit het vliegtuig stapte. Deze moord blijft een van de brutaalste uit de Oekraïense geschiedenis: probeer je maar eens voor te stellen hoe de moordenaars er in godsnaam in geslaagd zijn per auto het streng bewaakte vliegveld op te komen, naar het vliegtuig op de landingsbaan te rijden en, na met machinegeweren een half dozijn mensen te hebben afgemaakt, als in een Hollywood-thriller spoorloos te verdwijnen.

Maar binnen twee jaar lagen de kaarten al weer heel anders. Zodra de machtigste Oekraïense tycoon Pavlo Lazarenko in zijn naïveteit zijn eigen presidentiële ambities had geventileerd, werd hij onmiddellijk ontheven van zijn functie, beroofd van zijn talloze lucratieve bedrijven en van zijn eigen politieke partij, die op dat moment een van de grootste was in het Oekraiense parlement.

Terwijl Lazarenko nu in Californië een aanklacht wegens witwassen aan de broek heeft hangen, lijken zijn Donbass-rivalen sterker dan ooit tevoren. In april sloten zij een pact met andere oligarchen om de eerste competente en efficiënte premier van de Oekraïne, Viktor Yushchenko, te wippen. Yushchenko was er binnen een jaar in geslaagd de economische toestand van het land substantieel te verbeteren door de schaduweconomie te beteugelen en de energiesector te zuiveren. Maar toen hij de heilige koe van de Oekraïense oligarchen, de steenkool- en staalindustrie, wilde aanpakken, werd hij weggewerkt.

Kwade tongen beweren dat de › indrukwekkende macht van de Donbass-clan niet alleen gebaseerd is op handige manipulatie met staatssubsidies en het dumpen van metaal, maar ook op grote papaver- en hennepplantages. Niemand wil hierover praten, misschien omdat Petro Shevchenko, een onderzoeksjournalist uit Luhansk, een paar jaar geleden dood werd gevonden. De officiële verklaring was zelfmoord. Maar Shevchenko's vrienden verbazen zich er nog steeds over hoe het toch kan dat deze geestelijk en lichamelijk sterke man naar Kiev kwam met nieuw materiaal (dat nooit gevonden is), telefonisch een afspraak maakte met zijn collega's om hen in de stad te ontmoeten, maar in plaats daarvan naar een buitenwijk ging waar hij zich verhing in een verlaten gebouw.

Vorige maand werd Igor Aleksandrov, directeur van een televisiestation in Oost-Oekraïne, met knuppels vermoord, waarschijnlijk om zijn verslaggeving over de georganiseerde misdaad.

Waar Basakin wél openlijk over praat, is over de noodzaak om ongeveer honderd mijnen te sluiten. Dat betekent ontslag voor 300.000 mensen, onder wie 100.000 mijnwerkers. Niemand weet hoe die mensen weer aan werk geholpen moeten worden. En dan te bedenken dat de mijnwerkers de arbeiderselite waren van de Sovjet-Unie. Veel van de mensen in het Donbass hebben sterke paternalistische gewoonten (de staat moet voor ons zorgen), tonen nauwelijks enig sociaal initiatief en zijn niet in staat om een eigen zaak op te zetten. Omdat de werkloosheid snel toeneemt, verergeren de sociale problemen. Donbass heeft het hoogste sterftecijfer en ziekteverzuim, de hoogste misdaadcijfers en het hoogste aantal scheidingen, en de meeste alcohol- en drugsverslaafden van de hele Oekraïne.

Met enige regelmaat berichten kranten over wanhopige mensen die nieuwe vormen van voorhistorische bedrijvigheid bedenken. Een jongen van 12 werd geëlektrocuteerd toen hij koper probeerde te stelen van een hoogspanningsmast. Zijn oudere collega's in Lysychansk bleken succesvoller in de jacht naar koper: in één nacht ontmantelden ze een hele trolleybuslijn in een buitenwijk, ironisch genoeg de lijn naar het kerkhof. Sommigen hebben zich gespecialiseerd in het stelen van olie, of van ammonia, uit regionale pijpleidingen, anderen stelen tin van daken, elektrische motoren uit liften, en rails en bielzen van spoorlijnen.

Basakin denkt dat de regionale problemen alleen kunnen worden opgelost door radikale economische hervormingen, die zowel het economische en ecologische herstel van het gebied als een krachtige sociale politiek omvatten. De staat is te arm om miljoenen werklozen te onderhouden. Maar het is nog gevaarlijker ze te ontslaan zonder voldoende steun. De regering moet duidelijk maken dat mensen moeten verhuizen, als er geen vooruitzichten in de regio zijn. Maar tot nu toe zijn er alleen maar een heleboel halve maatregelen getroffen die weinig soelaas bieden.

Het is net als in die populaire grap over de conversie van een militair bedrijf. Hoe is het met je tankfabriek na de conversie? vraagt een man aan zijn vriend. Prima, we maken nu wandelwagentjes voor kleine kinderen. Is er vraag naar? O zeker, maar moeders klagen nog dat het moeilijk is een kind onder het deksel van de tanktoren uit te tillen. M

Otto Snoek is freelance fotograaf

Mykola Riabchuk is schrijver en journalist en adjunct-hoofdredacteur van het tijdschrift Krytyka in Kiev. Zijn laatste essaybundel 'Van Klein Rusland tot de Oekraïne: de paradoxen van een verlate natievorming'(2000) was in de Oekraïne Boek van het Jaar in de categorie Oekraïense non-fictie.

[streamliners] Er zijn ongeveer tweehonderd mijnen in de Oekraïne en ongeveer eenderde zou moeten worden gesloten.

Grillige patronen van ruilhandel en dubbele boekhouding resulteren in het wegsluizen van geld van staatsbedrijven naar buitenlandse rekeningen.

Een jongen van twaalf werd geëlektrocuteerd toen hij koper probeerde te stelen van een hoogspanningsmast.