`Arafat houdt iedereen in het ongewisse'

De Palestijnen hebben met hun intifadah bereikt dat de Israëliërs gevangenen zijn geworden in eigen land. Maar het is de vraag of dit een levensvatbare Palestijnse staat dichterbij heeft gebracht.

Wie wil weten wat de Palestijnen tot nu toe met hun intifadah hebben bereikt, moet op donderdagavond gaan wandelen in Israëlisch West-Jeruzalem. Voor het uitbreken van de intifadah was donderdag een van de belangrijkste uitgaansavonden voor de Israëliërs. Nu is het stil. De restaurants zijn leeg, net als bussen en markten. Wie zich waagt op straat, doet dat gehaast, schielijk om zich heen spiedend naar verdachte pakketjes of Arabieren in een lange jas, waaronder mogelijk een bom is verstopt. In tien maanden intifadah zijn de Israëliërs gevangenen geworden in eigen land.

,,Het principe van de Oslo-vredesakkoorden was land in ruil voor vrede'', lichtte de populaire Fatah-leider Marwan Barghuthi laatst het doel van deze intifadah nog eens toe, ,,en zolang de Israëliërs ons ons land niet geven, zullen zij geen vrede hebben.'' Barghuthi en vele anderen vinden dat Israël het Oslo-akkoord heeft misbruikt. Al onderhandelend ging de bouw van nederzettingen door – zó snel, dat het aantal joodse kolonisten in bezet gebied sinds het Oslo-vredesakkoord (1993) is verdubbeld. ,,Hoe kun je serieus onderhandelen over teruggave van land, als je dat land tegelijkertijd volbouwt met nederzettingen voor je kolonisten'', vraagt prominent oppositieleider Mustafa Barghuthi in Ramallah zich af. ,,De afgelopen jaren is de Israëliërs gaan denken dat ze én nederzettingen én vrede én veiligheid kan hebben. Die illusie moest worden verstoord.''

Vrede, rust en veiligheid hebben de Israëliërs inderdaad niet meer gekend sinds het uitbreken van de intifadah. Maar of dit de teruggave van land en de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat dichterbij heeft gebracht, is sterk de vraag. Het Israëlische vredeskamp is vrijwel verlamd, de rechtse nationalist Sharon is nu premier, en de Israëlische bevolking verklaart zich in opinieonderzoeken in meerderheid voorstander van keihard optreden door het leger.

Daarbij komen de immense verliezen die de Palestijnen hebben moeten incasseren. Meer dan 500 doden, 10.000 gewonden en honderdduizenden getraumatiseerde kinderen. De Israëlische afgrendelingen en blokkades hebben de samenleving diep ontwricht. Als deze intifadah de Israëliers in een angstpsychose heeft gevangen, dan zijn de Palestijnen fysiek in een gevangenis beland.

In Gaza-stad is het niet meer voor te stellen dat nog maar een paar jaar geleden Israëlische, Amerikaanse en Europese politici beloofden dat de Palestijnse gebieden het `Singapore van het Midden-Oosten' zouden worden. Nu hangen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever op alle muren posters van de `martelaren' die zijn gedood door de Israëliërs. Muurschilderingen van exploderende Israëlische bussen, van Palestijnse guerrillastrijders die Israëlische soldaten de keel afsnijden, bepalen de sfeer. Politieagenten en veiligheidsfunctionarissen hangen de hele dag op straat, bang om hun kazernes in te gaan nu Israël deze regelmatig bombardeert. Op de muur van de islamitische universiteit van Gaza heeft een aanhanger van de extremistische beweging Hamas geschreven: ,,Israël heeft kernbommen, maar wij hebben menselijke bommen.''

Wie of wat kan dit tij van geweld en tegengeweld nog keren? Twee dagen geleden stelde het Palestijnse persbureau WAFA dat ,,stenen beter zijn dan kogels''. Palestijnen moeten beseffen dat hun zwakheid hun sterkste punt is, betoogde WAFA. In de rol van de underdog is veel meer te bereiken dan met militaire confrontaties met het superieure Israëlische leger.

Maar of het wijdverspreide stuk van WAFA een politiek signaal van Arafat is, valt onmogelijk te zeggen. Daarvoor heeft de Palestijnse leider al te veel zigzagbewegingen gemaakt. Eerst beweerde hij maandenlang dat hij niet bij machte is het Palestijnse geweld te stoppen. Toen blies een zelfmoordterrorist zich in Tel Aviv met meer dan twintig discogangers op, en wist Arafat opeens wel het geweld sterk te verminderen. Maar sindsdien is het geweld weer gestaag toegenomen, wat opnieuw de vraag oproept hoever Arafats hand kan en wil reiken.

De lakmoesproef daarvoor komt misschien dezer dagen, nu Hamas verwoestende aanslagen heeft beloofd als vergelding voor de liquidatie door Israël, dinsdag, van acht Palestijnen in Nablus. Zal Arafat alles op alles zetten om een aanslag te voorkomen, omdat hij weet dat de Israëlische vergelding tegen zijn infrastructuur ongekend zal zijn? Of mikt hij juist op een disproportionele Israëlische wraakactie, in de hoop dat vervolgens de internationale gemeenschap ingrijpt? Het zijn vragen die ook de Palestijnen zich stellen. ,,Hij houdt iedereen in het ongewisse, wacht tot alle anderen stelling hebben genomen, en betreedt dan pas de arena'', beschrijft een Palestijnse oud-diplomaat Arafats stijl. Zo trad de oude overlevingskunstenaar als guerrillaleider decennialang met succes op. Maar of het nu ook nog werkt?

Welke keus Arafat op dit moment ook heeft gemaakt, duidelijk is dat hij tussen twee hete vuren staat; van de ene kant internationale en Israëlische druk om het geweld te beëindigen. En anderzijds zeker zo sterke binnenlandse druk om de intifadah voort te zetten.

,,Gaza bestaat voor 70 procent uit vluchtelingen die veel meer voor Hamas voelen dan voor Arafat, die nooit iets voor hen heeft gedaan'', zegt een bron in Jeruzalem. ,,Als hij te ver gaat in zijn aanpak van Hamas, vegen de vluchtelingen hem zo de zee in. Zeker nu Arafats eigen veiligheidsdiensten zijn verzwakt door Israëlische bombardementen en de financiële crisis.'' Toen leden van de Palestijnse veiligheidsdiensten vorige week in Gaza een aantal Hamasleden wilden oppakken, werd de villa van de veiligheidschef onder vuur genomen. Mahmud Zahhar van Hamas zegt fijntjes: ,,Het is niet meer 1996. Toen kon Arafat zijn aanvallen op ons nog voorstellen als een noodzakelijke stap op weg naar een Palestijnse staat. Nu gelooft niemand dat meer.''

,,Ik blijf optimistisch'', zeg Raji Surani, directeur van de belangrijkste Palestijnse mensenrechtenorganisatie in Gaza. ,,Anders word ik namelijk gek.'' Als een van de enigen voorspelde Surani vorig jaar zomer op een lezingentour in de Verenigde Staten de Palestijnse uitbarsting van volkswoede. Nu zegt Sourani: ,,Het wordt nog heel beroerd.''