Macedoniërs: eerst rebellen ontwapenen

Twee prominente Macedonische leiders hebben gisteren gesuggereerd dat een akkoord met de Albanese minderheid pas wordt getekend na de ontmanteling en ontwapening van het Albanese rebellenleger UÇK.

De twee, premier Ljubco Georgievski en parlementsvoorzitter Stojan Andov, wekken daarmee twijfel aan de bereidheid van de Macedoniërs een akkoord met de minderheid te sluiten: tot nu toe was het uitgangspunt dat een vredesakkoord wordt getekend en door het Macedonische parlement wordt goedgekeurd, waarna een NAVO-vredesmacht van drieduizend man wordt belast met de ontwapening van het UÇK.

Premier Georgievski zei gisteren dat een vredesakkoord ,,schandelijk'' zou zijn en ,,een vernedering van elke Macedonische burger'' zou betekenen als het zou worden ondertekend terwijl ,,de heuvels nog worden bezet door terroristen''. Volgens de premier ,,moeten we de gebieden die zijn veroverd herwinnen'' en ,,mogen we niet discussiëren onder de druk van wapens''. ,,Macedonië heeft de militaire uitrusting, de soldaten en de politiemannen die in staat zijn de wet te herstellen'', aldus Georgievski.

Parlementsvoorzitter Stojan Andov zei gisteren dat het parlement zal weigeren zich over een vredesakkoord uit te spreken zolang het UÇK niet is ontwapend en ontmanteld. Andov viel ook bitter uit naar de Amerikaanse regering wegens haar pogingen, de Oekraïne ertoe te brengen Macedonië geen wapens meer te verkopen. ,,De internationale gemeenschap is verschoven van haar eerdere veroordeling van de rebellen naar pogingen onze wapeninvoer te blokkeren'', aldus Andov.

Een onzer redacteuren voegt hieraan toe: Het is nog niet duidelijk wat de uitlatingen van Georgievski en Andov betekenen voor het vredesoverleg dat vandaag in Ohrid wordt hervat. Zowel Georgievski als Andov behoort tot de groep hardliners aan Macedonische zijde, die alleen onder zware druk concessies doen aan de Albanese minderheid en die geloven dat de Macedonische strijdkrachten in staat zijn met de rebellen van het UÇK af te rekenen.

Aan de andere kant deden ze hun uitspraken op de nationale feestdag van Macedonië, het feest van Ilinden (St. Elias), waarop de Macedoniërs hun opstand tegen de Turken in 1903 herdenken; die omstandigheid kan beiden ertoe hebben gebracht zich krachtig nationalistisch uit te laten om hun achterban – die evenmin voelt voor concessies jegens de Albanezen – gerust te stellen. Die houding zouden ze aan de onderhandelingstafel weer zouden kunnen inruilen voor meer pragmatisme, al dan niet onder druk van de internationale bemiddelaars. Eén dag voordat ze gisteren het woord voerden, bereikten de Macedonische partijen in Ohrid een akkoord met de Albanese minderheid over de status van de Albanese taal, een van de moeilijkste dossiers in het vredesoverleg.