Happy Together

Slechts zesduizend mensen zagen Happy Together in 1997 in Nederland in de bioscoop: in vergelijking met andere landen weinig voor een film van Wong Kar-wai, de coolste filmmaker sinds Quentin Tarantino. Ook Wongs volgende, veel toegankelijker In the Mood for Love bleef hier achter bij het fenomenale succes in bijvoorbeeld Frankrijk.

Wongs woeste, impressionistische stijl gaat kennelijk te ver voor het Nederlandse arthouse-publiek. Hij vertelt geen verhaaltjes, maar creëert, in nauwe samenspraak met zijn non-conformistische cameraman Christopher Doyle, een sfeer, een ambiance, een gevoel. Ook al zijn hun beelden soms erg mooi, het kost moeite ze als zodanig te ervaren, omdat in de springerige montage de kijker geen rust gegund wordt, en de shots gefragmenteerd worden tot een mozaïek van flitsen. Tot overmaat van ramp is de reputatie van de hoofdrolspelers in Happy Together, Hongkong-supersterren Tony Leung en Leslie Cheung, in een groot deel van Europa beperkt. Het kost menig kijker zelfs moeite ze uit elkaar te houden en te ontdekken dat aan het einde van de film een derde acteur, de jonge Taiwanese rockzanger Chang Chen, in beeld verschijnt.

Twee Chinezen in Buenos Aires: vrienden, minnaars, rivalen, vijanden, later vreemden. Wat je in eerste instantie vooral onthoudt zijn claustrofobische beelden van de twee mannen in een kleine hotelkamer, rokend in hun ondergoed, wanhopig vrijend. Ze beantwoorden aan het romantische cliché dat ze niet met en niet zonder elkaar kunnen leven.

Het eerste deel, overwegend in zwart-wit, zet de toon van een grote, gedoemde liefde in een onbegrepen land. Buenos Aires is Hongkong op z'n kop, zegt een van hen, en de camera van Doyle neemt dat dan even letterlijk.

Later herinner je je ook de beelden van de stad, een waterval, de pampa, Vuurland. En de muziek die de stemming bepaalt: veel tango (van Astor Piazzolla), twee nummers van Zappa, en tenslotte een cover van de hit van The Turtles die de film zijn titel gaf.

Komt het door de manier waarop Leung zijn Marlboro Lights opsteekt, of als Humphrey Bogart zijn hoofd tussen de schouders klemt dat Happy Together associaties oproept met Casablanca? Of heb je het te druk hebt met het verwerken van het melancholieke uiterlijk van de film? In een dagboek dat Doyle voor het Britse filmblad Sight & Sound bijhield tijdens de opnamen, bekent de cameraman dat hij geen greep kon krijgen op Buenos Aires. Wong koos de stad uit omdat hij geïmponeerd was door Manuel Puigs roman Buenos Aires Affair, waar de film ook op zou zijn gebaseerd, maar vooral omdat hij in het jaar voorafgaand aan de soevereiniteitsoverdracht van Hongkong zo ver mogelijk weg wilde zijn. Sommigen zagen in het gedoemde liefdespaar zelfs een politieke metafoor, maar wie is dan China en wie Hongkong? Op associatief niveau klopt de vergelijking beter, want Happy Together gaat op een sarcastische manier over ballingschap en afscheid.

De weerbarstige, in feite pas in de montage geboren film geeft zijn geheimen niet eenvoudig prijs. Je zou het, als contrast met de heersende filmmode, een feel bad movie kunnen noemen. Over enige decennia zou het wel eens een klassieker kunnen zijn geworden.

Happy Together (Wong Kar-wai, 1997, Hongkong), Canvas, 23.15-0.50u.