Een recessie met terugwerkende kracht

Een toonaangevend internationaal concern zou worden opgeknoopt als het zijn cijfers met terugwerkende kracht sterk wijzigt, maar de grootste economie ter wereld, die van de VS, draait er zijn hand niet voor om. In de schaduw van de vorige week gepubliceerde economische groei over het tweede kwartaal van dit jaar, werd een aantal revisies bekendgemaakt over het bruto binnenlands product (bbp) in de afgelopen drie jaar. Zo gaf het jaar 2000 bij nader inzien geen 5 procent groei te zien, maar 4,1 procent. Het eerste kwartaal van dat jaar was de grootste misslag, met niet 4,8 procent groei, maar 2,3 procent.

Waar zit het probleem? Naast de voorraden, die altijd een heikel punt zijn in de bbp-telling, zijn het kennelijk vooral de gehanteerde prijsveranderingen van technologiegoederen. Dergelijke goederen zijn een netelig probleem voor statistici. Ze nemen zo snel in kwaliteit toe, dat statistici ze in hun boeken in prijs laten dalen: meer waar voor het zelfde geld. Dat geeft merkwaardige effecten. Stel dat een computer van 3.000 gulden dit jaar zo veel meer kan dan een computer van 3.000 gulden vorig jaar, dat hij voor statistici tien procent `goedkoper' is geworden. Dan zal, bij verkoop van één zo'n computer in zowel dit als vorig jaar, in de boeken toch een `reële', of volume stijging van de computerverkopen met 10 procent prijken.

Vandaar de enorme gerapporteerde groei van uitgaven en investeringen in technologiegoederen in de VS die aanvankelijk tijdens de tech-boom is gerapporteerd. Maar nu blijkt dat het agressieve `afprijzen' in de VS bij nader inzien toch wat is overdreven. En dat heeft heel wat gevolgen. De eerste is dat de Amerikaanse bbp-inflatie logischerwijs hoger uitvalt over 2000: 2,3 procent in plaats van 2,0 procent. De lagere economische groei heeft bovendien moeten resulteren in een veel lagere productiviteitsstijging - voorheen nog het wonder van de nieuwe economie. De consumptie van gezinnen is minder hard gegroeid, zodat het beruchte particuliere spaartekort is omgeslagen in een klein overschot van 1 procent.

Dat zaait wantrouwen over de Amerikaanse bbp-cijfers van dit jaar. Als door de recessie in het bedrijfsleven en de val van de investeringen het tempo van technologische innovatie terugloopt, dan neemt ook het statistische afprijzen af. En dus kan de volumegroei van uitgaven en investeringen in deze categorie verder tegenvallen. Vraag is of dat al zal blijken uit de bbp-cijfers over dit jaar. Of dat ook de Amerikaanse recessie van 2001 gemakshalve pas volgend jaar met terugwerkende kracht zal worden geconstateerd.