Britse lammetjes naar de slachtbank

Kerngezond zijn ze, de bijna anderhalf miljoen lammetjes die grazen op de vlaktes in Wales, Cumbrië en Devon. Toch zullen ook zij spoedig worden afgemaakt, in navolging van miljoenen soortgenoten die als gevolg van de mond- en klauwzeercrisis een vroege dood vonden. Hiertoe besloot gisteren de Britse regering. De zogeheten `lichte' lammetjes waren bestemd voor consumenten op het Europese vasteland, maar wegens de mond- en klauwzeer mogen ze niet worden uitgevoerd. En de Britten zelf hebben geen trek in de berglammetjes.

De grote supermarkten in Groot-Brittannië hebben nog aangeboden het lamsvlees op te slaan, maar volgens de regering zijn er gewoon te veel lammetjes om op te eten. Asda, de op twee na grootste supermarktketen, maakte gisteren bekend de prijzen van het lamsvlees met ingang van volgende week drastisch te verlagen, in een ultieme poging het onverkoopbare lamsvlees aan de man te brengen.

De Britse overheid wil de schapenhouderij intussen grondig hervormen. Het moet afgelopen zijn met de aanzienlijke subsidies, verklaarde Lord Whitty, de minister van Plattelandszaken, gisteren. ,,Er zal geen terugkeer zijn naar de `normale situatie', de schapenhouderij móet veranderen'', aldus Whitty. Niet alleen is er een overschot aan schapenvlees voor de markt, de kuddes brengen ook schade toe aan de omgeving door de heuvels kaal te grazen.

Met zijn beleidsaankondigingen heeft Whitty de woede opgewekt van de schapenboeren, die al zwaar getroffen zijn door de MKZ-epidemie. ,,Als we zo doorgaan, zijn er over een tijdje geen schapen meer over in ons land. Het is gevaarlijk nu te snelle besluiten te nemen'', zei William Jenkins, lid van de National Sheep Association. Whitty blijft echter bij zijn standpunt: ,,Ik ben niet uit op vernietiging van de schapensector, maar wil me inzetten voor een levensvatbare industrie.''