Michael Moore

Het werk van Bob Dylan is nooit doorgedrongen tot het jazzrepertoire. Vermoedelijk wordt zijn muziek in die kringen te simpel geacht om mee uit de voeten te kunnen. Op Jewels And Binoculars. The Music Of Bob Dylan buiten rietblazer Michael Moore, bassist Lindsey Horner en slagwerker Michael Vatcher die vermeende zwakte juist prachtig uit. Ze nemen Dylans basale melodiewendingen als schetsmatig uitgangspunt voor buitengewoon fraaie improvisaties, waarbij ze zich bepaald niet in de weg laten zitten door de harmonieën van de originelen.

Het zeer gelijkwaardig opererende trio speelt met een opmerkelijk introverte aanpak, die vooral als Moore zijn klarinet ter hand neemt uitmondt in een heel ander soort lyriek dan die waarin Dylan gespecialiseerd is, maar die net zo veel bestaansrecht heeft, ook voor wie de originelen niet kent.

Misschien moet je wel een Amerikaan in Europese `exile' zijn (Moore en Vatcher wonen al decennia in Amsterdam, Horner zit in Antwerpen) om zo'n oorspronkelijke visie op Dylans werk te ontwikkelen.

Op het tegelijk verschenen White Widow is Moore, met landgenoot Mark Helias op de contrabas, de Britse pianist Alex Maguire en de Nederlandse drummer Han Bennink, wat extraverter in de weer, zeker in groepscomposities als `Moffat' en `Aspatria'. Het aloude `I loves You Porgy' krijgt een melancholieke, beetje bluesy lezing. In de overige nummers, meestal van de hand van Moore maar tamelijk springerig voor zijn doen, blijkt dat de lyriek in zijn spel en schrijfwerk niet van Bob Dylan afhangt.

Michael Moore, Lindsey Horner, Michael Vatcher: 'Jewels And Binoculars', The Music Of Bob Dylan (Ramboy 15) distr. BV Haast

Michael Moore: White Widow (Ramboy 16) distr. BV Haast