Dwarse theatermaker

In een Berlijns ziekenhuis is de even beroemde als omstreden toneelregisseur Einar Schleef (57) overleden aan een hartaanval. Schleef, die al langere tijd hartproblemen had, stierf op 21 juli, maar zijn advocaat heeft zijn overleden pas nu bekendgemaakt. Schleef werd beroemd door zijn ensceneringen van Jellineks Ein Sportstück (1998) voor het Wiener Burgtheater en Hochhuths Wessis in Weimar (1993) voor het Berliner Ensemble. In 1999 was zijn bewerking van Oscar Wilde's Salome te zien op het Holland Festival. Volgend seizoen zou hij bij Toneelgroep Amsterdam Het balkon van Genet regisseren. Schleef schreef één roman, Gertrud.

De Oost-Duitse Schleef werd in 1944 geboren in Sangershausen, hij studeerde in de jaren zestig decorontwerp aan de kunstacademie in Oost-Berlijn, en werkte in de jaren zeventig bij Bertold Brechts Berliner Ensemble. Na hevige kritiek op zijn werk van het communistisch bewind, en na de arrestatie van zijn vriendin, vluchtte Schleef in 1976 naar West-Duitsland. Daar studeerde hij regie aan de filmacademie van West-Berlijn en werkte hij voor Schauspiel Frankfurt.

Na de hereniging van de beide Duitslanden in 1990 keerde hij terug bij het Berliner Ensemble waar hij een spraakmakende bewerking maakte van Wessis in Weimar (1993), Rolf Hochhuths aanklacht tegen de West-Duitse `kolonisatie' van de voormalige DDR. Voormalig bondskanselier Helmut Kohl hekelde de vermeende vergoeilijking in het stuk van de RAF-moord op industrieel Detlev Rohwedder. Schrijver Hochhuth was woedend omdat Schleef zijn hele tekst verknipte en naar zijn hand zette, waarbij ook de gewraakte passage over Rohwedder sneuvelde. De critici vonden Schleefs versie echter veel beter dan het dogmatische origineel.

Na de rel verliet Schleef het Berliner Ensemble en ensceneerde voor het Wiener Burgtheater Ein Sportstück van Elfriede Jelinek. In dit zes uur durende spektakel wordt betoogd dat sport en oorlog één zijn, een middel van de staat om het volk te onderdrukken. Ein Sportstück zou in 1999 ook op het Holland Festival worden opgevoerd, maar toen dat niet haalbaar bleek presenteerde Schleef Salome. De laatste jaren werkte hij aan een autobiografisch drieluik: Totentrompeten (1995-2000).

Schleefs sacrale stukken kenmerkten zich door een weelderige aankleding, met veel blote mannen, uniformen, plateauzolen en staal, en tamelijk Spartaans gebrachte teksten, het liefst schreeuwend gescandeerd door koren: ,,Hass macht Spass! Hass macht Spass!''. Schleef hield van grotesk spel, strakke mise-en-scènes en groepschoreografieën, die deden denken aan massabijeenkomsten van nazi's of communisten. Mannen zijn bij Schleef tirannieke, domme groepsdieren die streven naar de roes van geweld en drugs, en naar het vertrappen van individualisten en vrouwen. Met zijn lange, zware stukken vol provocaties stelde Schleef zijn publiek danig op de proef en wist hij velen op de kast te jagen. Vaak kreeg hij de kritiek uit te zijn op effectbejag en kille esthetiek. `Nazischeisse' werd zijn werk wel genoemd. Maar zijn collega Claus Peymann zei gisteren tegen het Duitse persbureau DPA: ,,Een onbuigzaam genie heeft de wereld verlaten. Het Duitse en Europese theater houdt zijn adem in.''