Elektronische ogen waken over de WK atletiek

In het Canadese Edmonton beginnen vrijdag de wereldkampioenschappen atletiek. Het gebruik van geavanceerde apparatuur moet fouten voorkomen. Verschillen kunnen tot éénduizendste van een seconde worden bepaald.

Aan de finish van atletiekwedstrijden heeft het menselijke oog plaatsgemaakt voor het elektronische oog. De tijden worden al lang niet meer geregistreerd door officials met een stopwatch in de hand, maar door zeer geavanceerde apparatuur. Het voordeel: fouten zijn nagenoeg uitgesloten. In Edmonton, waar vrijdagnacht de wereldkampioenschappen atletiek beginnen met de marathon voor mannen, is het technologisch vernuft opnieuw toegenomen.

Voor de sprintnummers, waartoe alle loopnummers tot en met de 400 meter worden gerekend, wordt in de Canadese stad gebruik gemaakt van het Seiko Start and Auto Recall System. Bijzonder daaraan is dat er techniek in de startblokken is verwerkt. Onder andere een mini-speaker, zodat alle atleten het startschot gelijktijdig en met hetzelfde volume kunnen horen.

Tevens zijn de startblokken voorzien van een kleine voetplaat die in verbinding staan met het startpistool. De druk van de voet op die plaat bepaalt of er sprake is van een valse start.

Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken, dat het voor een mens onmogelijk is om sneller dan ééntiende van een seconde op een startschot te kunnen reageren. Op basis van die kennis heeft de Internationale Atletiek Federatie (IAAF) die marge officieel in de regels vastgelegd.

Indien een atleet binnen ééntiende van een seconden reageert, wordt de afgenomen druk op de voetplaats onmiddellijk geregistreerd. In dat geval geeft een elektronisch signaal aan, dat er sprake is van een onrechtmatige start en staat op het scorebord in het stadion binnen een tel de boosdoener vermeld.

Bij een goede start wordt de fotofinishapparatuur automatisch in werking gesteld. Aan de eindstreep scant een videocamera met een ultradunne straal de lopers tot een 2.000 meter per seconde nauwkeurig. De rangschikking kan vervolgens op basis van een ononderbroken beeld via een beeldscherm worden bepaald. Binnen enkele seconden seint het systeem de uitslag, met de tot éénhonderdste van een seconde herleide tijden, door naar het scorebord.

Is er sprake van een `dead heat' dan kunnen de beelden zodanig worden vergroot, dat het verschil tot éénduizendste van een seconde kan worden bepaald.

Dat is wel even iets anders dan de officials die voorheen met hun stopwatch op een soort trap aan de finishlijn zaten gestapeld. En verdwenen zijn ook de discussies over de uiteindelijke einduitslag. Met name de 100 meter was bij menselijke waarneming menigmaal onderwerp van debat. Als de drie juryleden, die de winnaar moesten klokken, niet eensgezind waren, gold het meerderheidsprincipe. In geval van bijvoorbeeld tweemaal 10,2 en eenmaal 10,1 gold 10,2 als de officiële tijd van de winnaar.

Het gebeurde evenwel in het verleden dat in dezelfde race voor de nummer twee tweemaal 10,1 en eenmaal 10,2 werd geklokt. Dan zou zich het merkwaardige feit voordoen, dat de loper die waarneembaar als tweede over de streep kwam een snellere tijd had dan de winnaar. In dat geval werd de eindtijd door de hoofdscheidsrechter gecorrigeerd tot 10,2 en bleef de nummer twee gewoon nummer twee; van ex-equo was dan geen sprake.

Naast de registratie van de tijd staat er aan de finishlijn ook een klok die de flashtime aangeeft. Die is officieus, omdat er kan zijn gesjoemeld met andere ledematen dan de borst, waarmee de rangschikking wordt bepaald. Maar dat apparaat staat in verbinding met een klok, vijftig meer voor de finish die de windsnelheid aangeeft. Een registratie van bijvoorbeeld +1,9 betekent dat er sprake is van rugwind en bij -1,9 vanzelfsprekend van tegenwind.

De loopnummers van meer dan 400 meter hebben als service voor het publiek de mogelijkheid om splittijden van desgewenst de 200 meter of 400 meter weer te geven. De toeschouwers kunnen op die manier een mogelijke recordverbetering nauwgezet vanaf hun plek op de tribune volgen.

Deelnemers aan de wegwedstrijden (marathon en snelwandelen) zijn uitgerust met een chip, waarmee om de vijf kilometer een tussentijd wordt doorgegeven. Daarvoor ligt op elk registratiepunt een speciale mat die de tijd doorseint naar het grote scorebord in het stadion, zodat het publiek vanaf die plek de ontwikkeling in een wedstrijd op afstand kan volgen.

Voor de technische nummers op het veld wordt tijdens de wereldkampioenschappen in Edmonton gebruik gemaakt van de Electronic Distance Measuring, een apparaat dat tot een 1/100,000 nauwkeurig de afstand kan meten. Het instrument lijkt sprekend op de mechaniek die landmeters gebruiken. Op basis van infraroodstralen tussen het afzetpunt en de markeringsplek van de landing bepaalt het apparaat exact de gesprongen of gegooide afstand.