Bezwaar sociale partners tegen plan zorgstelsel

De sociale partners hebben ernstige bezwaren tegen grote delen van het plan van het kabinet voor een nieuw zorgstelsel. Het kabinet betuttelt de burger te veel door iedereen tot een gelijke basispolis te verplichten, zo menen de landelijke organisaties van werkgevers en werknemers. Ook frustreert het kabinet de ontwikkeling van het stelsel door met het zorgbeleid inkomenspolitiek te willen bedrijven.

Dit blijkt uit het commentaar van de Stichting van de Arbeid op de nota `Vraag aan bod' die minister Borst (Volkgezondheid) begin juli publiceerde. Volgens deze nota dienen ziekenfonds en particuliere verzekering in elkaar op te gaan en elke burger te verzekeren van een voor iedereen gelijk basispakket. De premie voor de nieuwe basispolis, die op zijn vroegst op 1 januari 2005 kan ingaan, wordt deels afhankelijk van het inkomen.

De sociale partners, die in september in de Sociaal-Economische Raad unaniem over een nieuwe opzet van het zorgstelsel adviseerden, kunnen zich vinden in Borsts analyse van de problemen, maar maken ernstig bezwaar tegen de uitwerking. Waar de SER elke burger verplicht de keuze liet tussen ten minste twee verzekeringspakketten (waaronder een `uitgekleed' basispakket) kiest Borst voor een voor iedereen gelijk standaardpakket. Volgens de Stichting doet Borst daarmee geen recht aan het vermogen van de burger om deels zelf zijn verzekeringspakket vast te kunnen stellen.

De Stichting vindt het ook onjuist dat het kabinet het SER-voorstel niet heeft overgenomen om de premie onafhankelijk van het inkomen vast te stellen. Daardoor wordt binnen zorgbeleid inkomensbeleid gevoerd wat onnodig complicerend werkt, aldus de sociale partners. Ook zouden de hogere inkomensgroepen er deels onnodig op vooruit kunnen gaan.