Hoe zoet ruikt de zomernacht

Hoe ziet de lucht eruit in de zomermaanden? Hoe klinkt het strand, hoe ruikt de nacht? De redactie van Bonanza, het kunstprogramma van de VPRO, gaf vier schrijvers de opdracht een essay te schrijven over de thema's lucht, nacht, strand en weg. Vier filmers maakten de beelden erbij; het essay wordt voorgelezen in voice over. Vorige week maakten schrijver Edzard Mik en filmer Camille Verbunt een impressie van vliegveld Schiphol (`lucht'), de komende weken volgen Peter Verhelst en Jos van den Bergh (`strand'), en de eindredacteuren van het programma, H.M. van den Brink en Rob Schröder (`weg').

Voor de uitzending van vanavond schreef Dirk van Weelden een essay over de zomernacht. Net als bij Edzard Mik is zijn `essay' eigenlijk meer een poëtische mijmering, een impressie die de geuren en geluiden van de zomernacht oproept. Gedachtes en ideeën die het overwegen langer dan tien seconden waard zijn, bevat zijn tekst niet. Van Weelden schrijft in de tweede persoon – een op zich aanstellerig stijlfiguur – over een man die op een rieten stoel op zijn dakterras de geuren en geluiden van de stad in een zomernacht tot zich neemt: sirenes, de zware kruidige geur van het asfalt, de laatste etensgeuren.

De jijfiguur gaat vervolgens de straat op, waarna Van Weelden zijn gedachtes laat gaan over de mensen in het uitgaansleven, die door hun speciale kleding, de duisternis en het kunstlicht zich personages in een film wanen, ,,om zich uit te drukken; een ander te zijn''. Hij concludeert: ,,Het is onvermijdelijk dat de zomernacht een film is.'' De jij-figuur wil ook wel in zo'n film, maar liever in een goede film, zonder glamour. `Jij' wil liever in een VPRO-film, zeg maar. Inspreker Johan Leysen leest de mijmering erg donkerbruin voor, met een dicht tegen de microfoon aan fluisterende Candlelight-stem.

Filmer Mark de Cloe maakte even impressionistische beelden van het nachtelijke straatleven in Rome, met schuchter zoenende paartjes, jonge mensen op scooters, de rondhangende menigte bij de Fontana di Trevi, een volksvrouw die een emmer water uit de fontein haalt. De beelden zijn uiteraard duister getint, met veel blauw. Een te betreuren stijlbreuk is de aanwezigheid van een kalende acteur, Harry van Boxtel, die zwijgend de jij-figuur speelt. Dat vloekt met de documentairebeelden van de stadsnacht, het is overbodig en te concreet. Vooral als `jij' op het eind een echte filmset opwandelt.

Op zich is het bewonderenswaardig dat Bonanza dit soort ongewone impressionistische stemmingstelevisie maakt, de beelden van De Cloe en de zinnen van Van Weelden zijn bij vlagen fraai, maar vijfentwintig minuten is toch nog te lang. Al snel verijlt de aandacht, vervliegt de tekst, en begint thuis op de zweterige bank het geliefde kijkersspel `locatie raden': waar zijn we in Rome?

Bonanza, VPRO, Ned.3, 22.45-23.10u.