`Eerst fouten, dan leugens'

Israëliërs schoten gisteren in Gaza een politiepost in puin; er zouden wapens worden gemaakt. Maar er werden vooral wc's geraakt.

,,Ze waren gloednieuw en soeber de loeks'', zegt een sombere majoor Djamil Abu Kashif, hoofd rekrutentraining van de politiepost `Arafat Stad' in het centrum van Gaza. Met de handen op de rug ijsbeert Abu Kashif heen en weer door de puinhoop die vier Israëlische raketten gisteren hebben aangericht. De `super de luxe' toiletgelegenheid waar tot gisteren vier uur `s middags de rekruten van de Palestijnse politie hun behoefte deden en een douche namen, ligt in puin. De wasbakken zijn kapot of beschadigd, water lekt uit kapotte stortbakken, kraters in de grond en verwrongen gewapend beton herinneren aan de inslagen.

Het Israëlische bombardement gisteren was een vergelding voor een Palestijnse mortieraanval eerder die dag op een joodse nederzetting. Op de getroffen plek in Arafat Stad zou volgens Israëlische legerwoordvoerders bovendien een wapenfabriek staan. Maar één blik op de plaats van de inslagen maakt duidelijk dat hier, tussen de minuscule douchehokjes en wc's, zeker geen wapens of mortieren in elkaar werden gezet. ,,Eerst maken de Israëliërs fouten, en dan liegen ze om die toe te dekken'', zegt Ahmed Hussein Suweydan, hoofd beveiliging van Arafat Stad. ,,Hádden we maar wapenfabrieken!'' voegt hij er grijnzend aan toe. ,,Dan konden we iets terug doen als ze ons bombarderen''.

Bij de Israëlische aanval vielen volgens de Palestijnse autoriteiten 17 gewonden, van wie er vier ernstig aan toe zijn. Door de explosie is uit veel gebouwen het glas geslagen, ook een aangrenzende cafetaria is flink beschadigd. De angst in Arafat Stad zit er nu goed in, want op een paar bewakers en hoge functionarissen na is het enorme complex uitgestorven men is bang voor herhaling. Ook bij de gebouwen van de vele andere veiligheidsdiensten in Gaza staat nu iedereen weer de hele dag buiten.

,,We hoorden helikopters vliegen, maar ik dacht niets bijzonders'', vertelt majoor Djamil Abu Kashif over de aanval van gisteren. ,,Ik ging ervan uit dat de Israëliërs weer een auto van een militant kwamen opblazen. Maar toen hoorde ik hier opeens vier enorme knallen. Zonder waarschuwing vooraf, niets. Het is een groot geluk dat de rekruten net lagen te slapen. Als de Israëliërs een half uur eerder hadden gebombardeerd, was het een bloedbad geweest''.

De hoofdverantwoordelijke in Arafat Stad is kolonel Kuneir Radjih Abu Lahya. Hij ontkent in alle toonaarden dat waar dan ook op het complex mortieren of andere wapens worden gemaakt, en biedt desgewenst een rondleiding aan. ,,Wij leiden hier jonge kerels op tot goede politiemensen'', zegt hij verontwaardigd. ,,Wij onderwijzen ze de wet en geven training. Niks wapenfabriek.''

Wie gisteren de mortier heeft afgeschoten op de joodse nederzetting, wordt op dit moment `uitgezocht', zegt kolonel Abu Lahya. [Vervolg GAZA: pagina 4]

GAZA

'Ze bomarderen diegenen, die het geweld willen stoppen'

[Vervolg van pagina 1] ,,We hebben strikte orders om alle aanvallen op joodse nederzettingen of Israëlische doelen vanaf Palestijns gebied te verhinderen. Het probleem is: hoe kan ik mijn mensen motiveren om op te treden als Israël ze steeds bombardeert? Hoe kan ik uitleggen dat we aanvallen op Israël moeten voorkomen, als we eerst zelf door Israëlische aanvallen gewond zijn geraakt, of zelfs kameraden hebben verloren?''

Daarbij komt, vervolgt kolonel Abu Lahya, dat na zo'n bombardement iedereen dagenlang buiten de kazernes blijft, uit angst voor nieuwe aanvallen. Die nemen dus niet meer de telefoon op, zo die nog werken want door geldgebrek is menig Palestijns ministerie en overheidsgebouw afgesloten. Coördinatie is dus zeer moeilijk. ,,Israël wil dat het geweld ophoudt'', zegt kolonel Abu Lahya, ,,maar tegelijkertijd bombarderen ze de enige die daarvoor kunnen zorgen''.