Boze badgasten en apathische werknemers

Forenzen worden niet eens meer boos over de zoveelste chaos bij de NS. ,,Mijn werkgever ziet ook wel dat ik er niets aan kan doen.''

Dit is de twaalfde dag dit jaar dat Peter Paul Zwart, technisch manager bij een Amsterdams telecombedrijf, een ochtend doorbrengt op Utrecht Centraal. Hij ijsbeert onder de digitale dienstregeling in de hal. Het is negen uur. Zojuist is de eerste stoptrein van vanochtend naar Amsterdam met twee treinstellen vertrokken. Tjokvol boze badgasten. Zwart wacht in tweedelig grijs op de intercity. ,,Ik ben redelijk rustig op dit moment'', zegt Zwart. ,,Apathisch. Mijn werkgever ziet ook wel dat ik er niets aan kan doen.'' Verderop staat Jurgen Agterberg, verzekeringsadviseur, er al even gelaten bij. ,,Lukt het niet, dan neem ik een dag vrij om te klussen in mijn nieuwe huis.''

Vannacht om twee uur is het treinverkeer in en rond Utrecht uitgevallen door een storing in het computersysteem van de verkeersleiding. Zowel de hoofdserver die de zestien regio's bedient, als de reserveserver begaf het om nog onbekende reden. Daardoor werkten wissels en seinen niet volgens het spoorboekje. Verantwoordelijke voor de computerstoring is de Railverkeersleiding in Utrecht.

Tienduizenden reizigers stonden te wachten op de stations van Utrecht, Woerden, Driebergen-Zeist, Culemborg, Breukelen en Bilthoven. Omdat veel touringcarbedrijven in de zomermaanden geen chauffeurs kunnen leveren, ontstond er een tekort aan bussen. Touringcarbedrijven uit Brabant en Limburg werden ingeschakeld, maar pas tegen tien uur waren er bussen voorhanden. Even voor negen uur reden de eerste stoptreinen naar en van Utrecht weer.

In de hal staan conducteur Bert van Doorn en machinist Nico Herber opgewekt de gestrande reizigers te woord. Bij de laatste stakingen hebben ze ervaring opgedaan als publieksvoorlichter. Eigenlijk hadden ze op de trein naar Baarn moeten zitten, zegt Van Doorn ,,maar dit is veel leuker.''

,,Wie fahren wir nach München?'', vraagt een melige televisieverslaggever aan Van Doorn. ,,Gleiss vier'', antwoordt de conducteur goedmoedig. ,,Het is wel weer feest bij de NS, hè?'', zegt een man met een vouwfiets. ,,Altijd meneer'', zegt Van Doorn. ,,What's the problem today?'', vraagt een Antilliaan geïrriteerd. ,,Relax'', zegt Van Doorn.

Het zijn vooral de incidentele reizigers die zich nog opwinden over de vertragingen van vandaag. Zoals de vrouw op weg naar Schiphol die vanochtend een telefoongids eiste van machinist Herber. ,,Die service kun je me toch wel leveren?'', schreeuwde ze. ,,Nee'', riep Herber terug. ,,U verwacht toch niet dat ik met een telefoongids op mijn nek loop.?''

Of de mevrouw met het kortgeknipte grijze haar. Ze moet om kwart over negen in het Universitair Medisch Centrum zijn. Haar dochter vertrok om zeven uur uit Ede-Wageningen om haar te vergezellen. Maar waar is ze? ,,Heeft u mobiele telefoon?'' vraagt Van Doorn rustig. Nee. ,,Heeft zij mobiele telefoon? Dan kan ik haar even bellen.'' Ja, maar waar heb ik het nummer? Ze loopt weg in paniek. Tien minuten later is ze terug, opgelucht. Aan haar hand loopt haar dochter.