Spektakel

Alles wankelt, niets blijft overeind. Nu lees ik weer dat ook in de motorsport het gebruik van verboden stimulerende middelen niet valt uit te sluiten. Sterker nog, crosser Marco Stalman werd twee jaar geleden positief bevonden op het gebruik van cannabis en een half jaar geschorst voor alle wedstrijden. Dit jaar is een Zwitserse coureur gepakt. Zijn naam is niet medegedeeld. Overigens gaan zowat alle motorcrossers zich te buiten aan multivitaminen en voedingssupplementen. En aan zware pijnstillers.

Dat voetballers een jointje roken, kan geen kwaad. Nu de bal niet meer van echt leder is, blijft de schade bij een verkeerde kopstoot beperkt. Maar ik probeer me voor te stellen hoe een 500cc-rijder met een portie cannabis op door de bochten scheurt. Zelf zou ik na een jointje door alle bochten tegelijk willen gieren. Uiteraard rechtstaand op de machine, handjes draaiend in de lucht, af en toe wuivend naar een blonde Drentse stoot, om mijn knalprestatie net voor de finish nog even in de verf te zetten door ostentatief van de motor af te springen voor een révérence naar het publiek.

Doodsgevaarlijk.

Maar dat is motorracen sowieso. Waarom komen er ook dit weekend weer honderdvijftigduizend toeschouwers op de TT van Assen af? Juist om de coureurs te zien zwabberen en te zien vallen. Zonder een beetje spectaculaire crash is er niets aan. De coureurs zijn zo voorbij en bovendien vrijwel onherkenbaar in de strijd. Je herkent ze alleen aan het nummer van de motor, aan de sponsor op het chassis, niet aan de gezichten.

Toch zou ik dit weekend gaarne in Assen zijn. Er is geen groter welbehagen dan de geur van verbrande olie en benzine. Het contrast van die spichtige mannetjes op hun zware machines is al even hallucinant. En dan is er nog het publiek van Assen. Een uniek publiek dat je in geen enkele skybox ter wereld tegenkomt. Met aftrek van Relus ter Beek die je overal tegekomt waar de vrijgevige collega's van De Telegraaf een beetje rondhangen. Als er in de verte maar een halve Heinekentent ontluikt, versnelt de commissaris van de koningin de paradepas, zijn paradijsje tegemoet.

Het TT-publiek is ruiger en heviger dan de gemiddelde Nederlander. Ruig van taal en gebaar. Hevig in de opwinding en de commentaren. Rond het circuit van Assen beleeft de machocultuur haar jaarlijkse hoogmis als nergens anders in Nederland. Soms vallen er heuse klappen want motorracen is de laatste sport die nog uiteenvalt in vijandige kampen. Biaggi versus Rossi, Capirossi versus Roberts. De coureurs kunnen elkaars bloed wel drinken en hun aanhang is al even onverzoenlijk.

En dan zijn er nog de vrouwen op en rond het circuit. Ze lijden bijna allemaal aan het leersyndroom, zoals de rijders. Zo spreken ze ook: geharnast. Miep Brons is een oase van beschaving in vergelijking met de dames die zich op de TT van Assen laten bewonderen. Want om het laatste gaat het ook. Ze willen gezien worden in hun vamperige verschijning. Ik ken geen enkele sportmanifestatie waar de vrouwen zo lang na de wedstrijd blijven hangen. In cafés en disco's, in friettenten en brasseries. Hangvrouwen.

Er wordt in Assen andermaal veel van Jurgen van den Goorbergh verwacht. Terwijl iedereen weet dat hij met zijn 3-cilinder Proton niet echt competitief is. De Proton behoort op het moeilijke circuit van Drenthe niet tot de best sturende machines. Van den Goorbergh geeft zich geen kans. Maar daar heeft het publiek in Assen geen boodschap aan. Dit publiek gelooft in mirakels. In het wonder van mens en machine.

Loris Capirossi reed op de eerste trainingsdag de snelste ronde uit de TT-historie. De organisatoren stonden meteen te jubelen dat het publiek een festival van snelheidsrecords te wachten staat. Dat zouden ze beter niet doen want het circuit is door de coureurs niet als superveilig omschreven. Sommige rijders spreken van een onveilig gevoel. Precies wat de massa wilde horen. Zo'n zinnetje na de eerste training zwiept de verbeelding op. Er zullen zondag in Assen niet 150.000 toeschouwers maar 160.000 toeschouwers langs het circuit staan. Tienduizend meer dan verwacht. En alle tienduizend wrijven zich nu al in de handen bij de fenomenale smak die hun zondag en de dagen nadien zal opvrolijken. Uiteraard liefst in de bocht waar zij geposteerd staan.