NIEUWE SCANTECHNIEK VOORSPELT HERSTEL NA HERSENINFARCT BETER

Door een nieuw type MRI-scan te combineren met een standaard neurologische test, is al in een vroeg stadium te voorspellen in hoeverre een patiënt na een herseninfarct zal herstellen. Dit gegeven is nodig om de patiënt optimaal te kunnen behandelen, terwijl de onderzoekers hopen dat de methode ook een eind zal maken aan de grote onzekerheid waarin patiënten, en de mensen uit hun omgeving, na een beroerte verkeren (The Lancet, 30 juni).

Ruwweg een kwart van de mensen met een herseninfarct sterft binnen zes maanden, een even grote groep is na een halfjaar zonder restverschijnselen hersteld. De overigen blijven min of meer gehandicapt. In de eerste uren en dagen na de beroerte is het moeilijk te voorspellen welke patiënt in welke categorie terechtkomt. Patiënten die er slecht aan toe lijken, kunnen binnen enkele dagen verrassend opknappen. Helaas is het omgekeerde ook mogelijk. Behalve voor de patiënt is die onzekerheid ook een probleem voor de artsen die graag zouden willen weten of bepaalde behandelingen niet bij voorbaat zinloos zijn.

Met een nieuwe beeldvormende techniek, Magnetic Resonance Diffusion-weighted Imaging (MR DWI) genaamd, kan men het transport van water door de hersenen afbeelden. Dit raakt vanzelfsprekend verstoord als bij een infarct een bloedvat verstopt is. Met MR DWI kunnen infarcten al binnen enkele minuten na hun ontstaan opgespoord worden. Ook kan de grootte van het gebied dat door het infarct beschadigd is, worden gemeten. Bovendien kan de MR DWI `zien' of de schade recent is ontstaan of al wat ouder is. De onderzoekers wilden nagaan of met deze gegevens iemands kansen op herstel beter zijn te voorspellen dan met de neurologische testen waarmee tegenwoordig wordt gewerkt.

Zij hebben daartoe in een ziekenhuis in Boston van 66 patiënten die na een beroerte werden binnengebracht binnen 36 uur een MR DWI gemaakt. Hooguit een uur later ondergingen de patiënten een neurologische standaardtest, de National Instutes of Health Stroke Scale (NIHSS). Maximaal drie maanden later werd aan de hand van een derde test vastgesteld hoe hun toestand zich had ontwikkeld.

Na uitgebreide statistische analyse bleek dat beide methode een goede voorspellende waarde hebben, maar dat een combinatie van beide nóg nauwkeuriger is. De combinatie resulteerde in een driepuntsschaal, waarin iemands kansen op herstel als goed, matig of slecht worden aangeduid. Bij toetsing achteraf bleek dat slechts zes procent van de patiënten uit de groep `slecht' toch herstelde, evenals 47 procent van de mensen met de score `matig'. Van wie de herstelkansen als `goed' werden ingeschat, was 93 procent er na drie maanden inderdaad weer helemaal bovenop.