Ik dans wie ik ben

Sidi Larbi Cherkaoui is choreograaf en danser, Belg en Marokkaan, en homoseksueel. ,,Ik wil de mensen mijn wereld intrekken.''

,,Mijn liefde voor dans komt zowel van het tekenen als van televisie'', zegt choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui. ,,Ik tekende veel, maar ik merkte dat je in de ruimte sneller kon tekenen door te dansen. Als kind keek ik veel naar Fame of de dansers van Janet Jackson en Madonna. Ik vond het prachtig en dacht, dit is wat ik wil. Met vrienden van de middelbare school deed ik mee aan een playbackwedstrijd, iemand van de televisie vroeg me auditie te doen en zo begon mijn carrière in het showballet. Ik trad 's avonds op in Vlaamse hitparadeshows, overdag ging ik naar school. In het begin was het fantastisch, maar al snel voelde ik me leeg; het ging er alleen maar om het uiterlijk en de omvang van je spieren. Het mooie plaatje. Ik wilde dat overstijgen.''

De Vlaams-Marokkaanse choreograaf en danser Sidi Larbi Cherkaoui (25) kreeg bekendheid door zijn optreden in de voorstelling Iets op Bach van Alain Platel. In diens Vlaamse gezelschap Les Ballets C(ontemporains) de la B(elgique) kreeg Cherkaoui de kans een eerste eigen voorstelling te maken: Rien de Rien. Hij trad onlangs ook op als acteur in De eenzaamheid van de katoenvelden het stuk van Marie Bernard Koltès.

De tengere Cherkaoui praat, met de snelheid van het licht en van de hak op de tak springend, over zijn nog jonge verleden. In 1995 deed hij mee aan een door theatermaker Alain Platel georganiseerde wedstrijd, de Beste Belgische Danssolo, die hij won met een videoclip-choreografie op Prince. Platel vroeg hem vervolgens mee te dansen in de voorstelling Bernadetje. Tegelijkertijd werd Cherkaoui door een scout gevraagd om te komen studeren bij P.A.R.T.S., de Brusselse dansschool van Anne Teresa de Keersmaeker.

Sensatie

Hij koos voor het laatste en kwam terecht in de wereld van de hedendaagse en abstracte dans; een sensatie voor iemand die nog nooit van Pina Bausch had gehoord. Hoewel hij al een tijdje aan jazzdans, klassiek ballet en stretching had gedaan, had hij nooit geweten dat je `vanuit tien verschillende technieken recht kon staan'. Na een jaar ging hij weg bij P.A.R.T.S. om alsnog met Platel en zijn groep Les Ballets C de la B te gaan werken. Hij had het idee dat hij het overaanbod aan informatie op de opleiding ook wel zonder school kon verwerven. Bovendien keken sommige van zijn medeleerlingen neer op zijn showbizz-achtergrond.

Cherkaoui: ,,Ik koos voor Alain omdat hij geen vooroordelen had tegen de showbizz. Hij plaatst theater, hedendaagse dans of andere vormen niet in een hiërarchie. Voor de voorstelling Iets op Bach heeft hij me misschien wel getypecast, omdat ik in die tijd geblondeerd haar had en explosief bewoog. Maar dat vond ik niet erg. Ik wilde me ontwikkelen door mijn eigen weg te gaan en ik was bang dat ik op P.A.R.T.S. anderen te veel zou gaan nadoen. Ik was een goeie leerling, maar aan het einde van het jaar zeiden ze tegen me: `We zien dat je het kunt, maar je verdwijnt er niet in'. Ik bleef altijd mezelf, alles wat ik deed was persoonlijk. Ze wisten niet of dat goed of slecht was, en ik realiseerde me dat ik helemaal niet ergens in wìlde verdwijnen. Alain koos me juist om wie ik was. En hij bood me de kans om met eigen materiaal te komen.''

Cherkaoui's optreden in Iets op Bach werd een eclatant succes, van Japan tot Amerika loofde de pers zijn danskwaliteiten. Omdat Platel hem zoveel ruimte had gegeven zichzelf te choreograferen, ontdekte hij dat hij stond te springen om `iets' te vertellen. Dat iets werd zijn debuutvoorstelling Rien de Rien, die vorig jaar in première ging en die ook al lovend onthaald werd door publiek en pers. Les Ballets C de la B is een democratisch gezelschap met een veelkoppige artistieke kern, waarbinnen Alain Platel de bekendste is. De groep wil een afspiegeling zijn van de samenleving. Geen perfecte danslijven maar gewone mensen bevolken vaak de voorstellingen van makers als Hans van den Broeck en Christine De Smedt.

Bij Cherkaoui uit die politieke bevlogenheid zich in het geloof in een maakbare samenleving, ook via de kunst en het creëren van voorstellingen. ,,Ik geloof in vragen stellen, vooral aan jezelf'', zegt Cherkaoui. ,,Verandering van gedachten is iets wat ik bij het publiek wil bereiken.''

Moskee

Rien de Rien speelt zich af in een ruimte die associaties oproept met een moskee. Perzische tapijten en Arabische kalligrafie verraden Cherkaoui's eigen achtergrond. Hij is kind van een islamitische Marokkaanse vader en een katholieke Vlaamse moeder. Een goede band met zijn zes jaar geleden overleden vader had hij niet. ,,Ik ben geboren in Antwerpen, ging naar een Vlaamse lagere school en kreeg 's avonds koranlessen. Tot m'n elfde heb ik gebeden gelezen dus ik versta wel wat Marokkaans, maar spreken kan ik 't niet omdat mijn ouders thuis Frans spraken. Toch voel ik me wel degelijk een Marokkaan. Alleen al met zo'n achternaam, zo'n donkere vader en vakanties bij familie in Marokko viel ik vroeger op. Pas toen ik ouder werd zagen mensen mij meer en meer als Belg. De hele racismekwestie heeft veel verschillende vormen en de manier waarop mensen met elkaar omgaan wordt telkens subtieler. Racisme wordt ook subtieler. Je zit eigenlijk al op het verkeerde spoor als je zegt dat je tolerant bent omdat je jezelf dan boven de ander stelt. Voor mij zijn nog steeds respect, interesse en inlevingsvermogen de sleutels tot communicatie. Er wordt me vaak gevraagd hoe het nou met de jonge Marokkanen op school moet. Ik zeg dan altijd, vraag het ze eens zelf, ieder individu apart. Confronteer ze met hun verlangens. Je kunt mensen tonen dat ze ergens doorheen moeten om ergens te komen.''

Op de vraag of hij niet bang is gebruikt te worden als knuffelallochtoon, antwoordt Cherkaoui dat hij zichzelf meer op die manier gebruikt dan dat anderen dat doen. Hij zegt letterlijk een product van twee culturen te zijn en daarom de `autoriteit' te krijgen om namens die culturen te praten. Hij kan zich opmerkingen veroorloven die uit de mond van iemand anders racistisch zouden klinken. ,,Ik wil niet alleen gewaardeerd worden voor mijn choreografieën, maar ook voor wie ik ben en wat ik voorstel. Dat ik homoseksueel ben hoort daar ook bij, dat ga ik als thema binnen die dubbelcultuur niet uit de weg. Dat een imam in Nederland homoseksuelen lager vindt dan varkens en honden, is iets waarvan ik me niet distantieer, omdat dat niets oplost. Ik weet waar zulke uitspraken vandaan komen, maar ik zou hem wel onder vier ogen willen vragen of hij iets tegen varkens en honden heeft. Ik zal hem vertellen dat ik een dierenvriend ben en ook nog vegetariër! Terugschelden en schreeuwen heeft geen zin, ik geloof meer in het op dezelfde golflengte komen, in beïnvloeding. Dat geldt ook voor de uitlatingen van het Vlaams Blok. Zij kiezen altijd voor woorden als immoreel en schandelijk. Afblaffen sorteert geen effect, je moet hun eigen woorden gebruiken: ik vind het immoreel en schandelijk van het Vlaams blok dat... Dan strijd je met dezelfde wapens. Mijn vader zei altijd tegen me `God heeft dit en dat gezegd'. Ik pareerde hem dan met `ja, maar God heeft ook dat en dat gezegd'. Op zo'n manier kun je gelijkwaardig praten.''

Geslachte geit

Het decor in Rien de Rien is een moskee omdat Cherkaoui het als een open plek ziet, een plaats waar mensen elkaar ontmoeten. Er zit een prachtige scène in waarin de Canadees-Jamaïcaanse danseres Angélique Willkie (ex-zangeres bij Zap Mama) en de nu 15-jarige actrice Laura Neyskens simultaan een verhaal vertellen. Met perfect synchroon uitgevoerde minigebaren (krabbelen aan hoofd en neus) en haperingen in het taalgebruik (onafgemaakte zinnen, denkpauzes en `eh's') vertellen ze hoe ze als toerist in een Afrikaans dorpje ter verwelkoming een geslachte geit te eten aangeboden krijgen. Ze zijn vegetariër; schuld, schaamte, verwarring, misverstanden en walging wisselen elkaar in deze fysiek gechoreografeerde taal af. Als choreograaf is Cherkaoui geobsedeerd door menselijke gebaren en menselijke communicatie. Hij danst zelf mee en zorgt zo voor de nodige abstractie.

,,Ik werk graag met abstracte dans maar denk daarna altijd, wat ga ik ermee doen en waarmee combineer ik het? Pure abstractie om de abstractie in mijn eigen werk interesseert me op dit moment niet. Ik wil het alleen gebruiken om mensen mijn wereld in te trekken. Ik werk niet zozeer vanuit dans, maar combineer beweging met mijn thema's. Abstracte dans is het materiaal dat ik het beste beheers en ken, en tegelijk wil ik in mijn voorstellingen praten over kwesties die onopgelost lijken maar waarvoor soms wel een oplossing is. Of je mijn voorstellingen dans of theater noemt maakt me niet uit, ik zoek naar harmonie in beweging, tekst en vorm.

,,In een duet met danser Damien Jalet doen we een choreografie van vier armen en zingen we een deel uit een volkse versie van het Stabat Mater in het Italiaans. Daarbij heb ik me laten inspireren door Leonardo Da Vinci. In protestantse landen als Nederland en Engeland reageert het publiek er lacherig op, in landen als Frankrijk worden ze er stil van. Daar zijn mannenlichamen die elkaar op die manier aanraken blijkbaar iets anders. Ik vind het boeiend om die verschillende culturele reacties aan te voelen. Uiteindelijk beoordeel je andere culturen altijd vanuit je eigen cultuur. Die stel je het minst im Frage en dat is de enige waarover je echt iets kunt zeggen. Wat dat betreft is niemand neutraal.''

`Rien de Rien' is te zien op 28 en 29/6 in de Schouwburg in Rotterdam en op 10 en 11/7 in Bellevue Amsterdam op het Julidans Festival, waarin Les Ballets C de la B centraal staat. Van 6-21 juli is er een fototentoonstelling in Arti & Amicitiae. Op 7/7 treedt Les Ballets C de la B op met `9 x 9' van Christine De Smedt, op 18/7 met `Lac des Singes' van Hans van den Broeck. In het najaar gaat Rien de Rien op tournee door Nederland. Inl: www.julidans.com of 020-5237700

`Afblaffen sorteert geen effect'