Eenzaam lichaam en geest

Hij heeft een lichaam gekregen, dat is al heel wat. Eerst moest hij het zonder stellen. Was hij alleen maar geest, intelligentie. `'n Lief, vrij geestje heb ik.' Maar daarmee is hij niet tevreden. Hij wil een lichaam. `'n Lichaam heb je voor bepaalde gevoelens. Die wil ik ook hebben. Ik weet zeker dat ik ze heb.'

Het lichaam moet leren met de armen te zwaaien onder het lopen. Het krijgt verlangens. `Eh...ik heb ook nog nooit gegeten bijvoorbeeld en ik zou wel een slaatje lusten.' Het lichaam krijgt een grote mond. `Ik eis een vriendin.'

Dit is Adam, de hoofdpersoon van Gerrit Krols meesterlijke boek De man achter het raam. Hij is geen man maar een computer die een mens wordt, `niet meer dan een prototype' zeggen zijn makers. Dat klopt wel. Adam doet alles voor het eerst.

De man achter het raam is buitengewoon geestig en buitengewoon onthutsend. Het stelt vragen die eruit zien als triomfantelijke uitroepen: `Wat zal het betekenen, voor m'n intelligentie, een lichaam te hebben!' en het laat zien hoe eenzaam lichaam en geest kunnen zijn. Deze roman is de meest aangrijpende die Krol ooit geschreven heeft. Hij eindigt in de vuilnisbak. En met een dankwoord voor wat er is geweest.

Het is geen wonder dat Krol dit boek heeft opgenomen in het boek dat Krols Keus heet en dat hij ter gelegenheid van zijn P.C. Hooftprijs heeft samengesteld. Er zitten ook columns in en een essay en bovendien nóg een meesterlijke roman: Een Fries huilt niet. Met ook een man in de hoofdrol, die eigenlijk nauwelijks beter dan Adam weet hoe dat moet, leven. Deze man heeft alleen geen makers aan wie hij eisen omtrent zijn bestaan kan stellen. Hij moet het allemaal zelf bedenken. Zijn vrouw weet wel hoe het moet. Hij raakt dan ook van haar gescheiden.

`Ik zou haar bellen.

``Lieve schat, ik zal veel in Parijs zijn.'

Ik zou haar niet bellen.'

Alles wat Krol schrijft schittert. Het lijkt hard, omdat de zinnen zo trefzeker zijn en zo goed weten hoe ze erbij willen staan. Juist daardoor kan de inhoud zacht zijn en kunnen alle wanhopig makende vragen gesteld worden die we ons elke dag almaar door kunnen stellen over alles wat we doen en meemaken. Deze boeken zijn pogingen tot systeem, soms denk ik wel eens: pogingen tot geloof, in een orde die voor ons niet te achterhalen is. `Er is altijd een plaats van waaruit die atomen, zo verspreid en beweeglijk, één geheel blijken te zijn, één ogenblik.'

Wie dit boek meeneemt op vakantie heeft geen enkel ander boek meer nodig. Want deze romans heb je nooit uit. Nooit. Dat durf ik te garanderen.

Gerrit Krol: Krols Keus. Querido, 313 blz. ƒ25,–