Valse start voor voedselautoriteit

Morgen beslist het kabinet over de oprichting van de onafhankelijke Voedselautoriteit die de voedselveiligheid moet waarborgen. Door interne strijd op twee ministeries is de NVA nu al omstreden.

Het wordt een valse start voor de Nederlandse Voedselautoriteit (NVA). Morgen beslist het kabinet over de oprichting van wat hét onafhankelijke orgaan moet worden dat toeziet op de voedselveiligheid. Maar de verantwoordelijke ministers Borst (Volksgezondheid) en Brinkhorst (Landbouw) zijn er niet in geslaagd de veelvoud aan keuringsdiensten op hun ministeries al onder hoede te brengen van een sterke NVA met een onafhankelijke status.

,,Ik zie een nieuwe organisatie die ergens is tussengeschoven'', zegt F. Cohen, directeur van de Consumentenbond en betrokken bij het overleg over de NVA. ,,Het lijkt er op of er eenheid is, maar in werkelijkheid gebeurt er niks. Het is een lachtertje.''

De NVA wordt nu een uitvloeisel van ,,departementale stammenstrijd'', vindt adviseur levensmiddelenwetgeving bij Unilever, Gert Schipper. Hij vertegenwoordigt de voedingsmiddelenindustrie in het overleg over de NVA. ,,Zo schiet het niet op, de departementen werken niet goed samen'', zegt hij.

Brinkhorst en Borst wilden de uitvoering van de voedselcontrole concentreren bij de Keuringsdienst van Waren (nu Volksgezondheid)) en de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees (nu Landbouw) onder toezicht van de NVA. Ze stuitten op sterkte tegenstand tegen deze centrale rol voor de NVA. Nu hebben zij ervoor gekozen van de NVA voorlopig geen agentschap (zoals de NMA) of zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) te maken, maar deze als ,,ambtelijke dienst'' nog even onder beide ministeries te laten vallen. De NVA gaat na haar oprichting met de verschillende diensten, zoals de Keuringsdienst van Waren, een `werkplan' opstellen om de onderlinge verhouding te regelen.

Ook het streven van beide ministers om de NVA zoveel mogelijk al onder Landbouw onder te brengen, mislukte. Onder druk van haar ambtenaren pleitte Borst uiteindelijk toch voor een sterkere rol van VWS. Het idee van de ministers is dat de NVA nu lang moet gaat `groeien' tot een sterke onafhankelijke autoriteit, met een vergelijkbare rol als die waakhond NMA vervult voor de mededinging en de toezichthouder Opta voor de telecom.

De kritiek spitst zich toe op het gebrek aan onafhankelijkheid. ,,Als het geen ZBO wordt, hoeft het niet'', vindt Cohen van de Consumentenbond.

,,Ik heb nog voorgesteld: maak er dan voorlopig een stichting van'', zegt Yvonne van Sluys, als directeur van het Voedingscentrum nauw betrokken bij de oprichting van de NVA. Het Voedingscentrum, dat nu als onafhankelijke stichting consumenten voorlicht over veilig en gezond voedsel, moet uiteindelijk de communicatie van de NVA gaan doen. Van Sluys is een groot voorstander van een sterke NVA. Maar zolang de garantie van onafhankelijkheid en de mogelijkheid een eigen mening te ventileren er niet is, wil zij de onafhankelijkheid van het Voedingscentrum niet opgeven.

Unileverman G. Schipper vindt het juist van groot belang dat het NVA onder VWS gaat ressorteren. Het ministerie van Landbouw zou de schijn op zich kunnen laden van partijdigheid, vreest hij.

,,Gezondheidsautoriteiten wekken vertrouwen in het buitenland'' zegt Schipper. En dat is het belangrijkste voor de industrie, want de geloofwaardigheid van de voedingsmiddelenindustrie is in het geding, en daarmee de export.

Cohen van de Consumen-

tenbond heeft ook een voorkeur voor het ministerie van Volksgezondheid, maar hij vindt de onafhankelijke positie belangrijker. ,,Dat is belangrijk voor het imago en het vertrouwen van de samen-leving. Het belang van de consument en van de exporterende industrie lopen parallel.''

Van Unilever mag de NVA veel verder gaan dan nu wordt voorgesteld. De industrie staat een instantie voor ogen zoals de Food en Drug Administration (FDA) in de VS, met een sterke bevoegdheid voor crisismanagement. Zo doet de industrie zelf het óók, met draaiboeken voor calamiteiten. De industrie, zegt Schipper, is daarmee verder dan de overheid. ,,Maar naar ons wordt niet erg geluisterd.''

De voorstanders vrezen dat de NVA door de halve positie die het nu krijgt, niet effectief kan optreden als er een voedselcrisis uitbreekt. Het gezag van de NVA zou snel kunnen worden aangetast als de dienst wel al bestaat, maar geen kracht heeft, vrezen zij.