Utopische tuin zonder dieren

Niet elke Britse koepelvormige toeristenattractie is een commerciële flop. Anders dan de Millennium Dome, die aan de Theems bij Greenwich nog steeds naargeestig op een koper wacht, kan het Eden Project in Cornwall de toeloop nauwelijks aan. De grootste botanische kassen op aarde, die dit voorjaar opengingen, trekken dit jaar naar schatting zo'n anderhalf miljoen bezoekers, twee keer meer dan geraamd.

In den beginne was er alleen de lege krater bij St Austell, een van de vele verlaten mijnen voor porseleinklei die delen van Cornwall in een maanlandschap hebben veranderd. Nu is er een lusthof. Onder reusachtige koepels van staal en kunststof, biomen genoemd, zijn de verschillende klimaten van de aarde herschapen met duizenden verschillende bomen, struiken en bloemen.

In de ene groep bollen heerst de vochtige warmte van de Caraïben, de sawah's van Maleisië, het West-Afrikaanse oerwoud en het regenwoud van Brazilië. Er ruist een waterval en computergestuurde sproeiers laten het er elke paar minuten regenen. Langs het slingerpad groeien bananen, kokosnoten en ananassen, terwijl teak- en mahoniebomen naar de zestig meter hoge nok reiken.

De andere groep is gewijd aan de gematigd-warme klimaten van Californië, Zuid-Afrika en de Middellandse Zee. Daar wandelen je tussen de wijnstokken, olijfbomen, het prikkelbos van de Corsicaanse maquis en langs een woestijn waar na een recent buitje een tapijt van oranje bloemetjes is uitgerold.

Tussen de groepen bollen, die het ideale decor voor een James Bond-film zouden zijn, is half tegen de rand van de mijn een parktuin aangelegd. Daar gedijen exotische en inheemse planten, bomen, struiken en kruiden in de milde buitenlucht van Cornwall. Van Chileense bomen tot indigo uit India en bessen en appels uit Cornwall. Daar ook staan tenten waar lokale artiesten, natuurbeschermers en storytellers hun stands bemannen.

Eden is het levenswerk van Tim Smit, een verbritste Nederlander, die archeologie studeerde, zijn brood verdiende als manager van de popgroep Procul Harum en Barry Manilow en bij toeval in de planten terecht kwam. Letterlijk. Begin jaren negentig ontdekte hij op het landgoed Heligan bij St Austell de resten van een ooit fabelachtig uitgestrekte tuin, die in een Doornroosje-wildernis was veranderd, nadat het meeste personeel van het landgoed in de Eerste Wereldoorlog was omgekomen. Smit herstelde de tuinen in hun oorspronkelijke staat en opende ze voor het publiek om te laten zien hoe welgestelde families ooit leefden met bomen en vruchten. The Lost Gardens of Heligan zijn nu een populaire attractie. Tijdens die jaren van graven, metselen en fondsenwerven rijpte in zijn hoofd het plan voor Eden: in het groot nóg eens laten zien welke verhouding mens en plant hebben, maar dan niet door weg te snoeien, maar door op te kweken. De millenniumwisseling bracht de doorbraak. Smit wist de commissie die de miljarden met loterijgelden beheerde voor zijn plan te winnen en kwam terug uit Londen met de helft van de 86 miljoen pond die Eden moest kosten.

Geen land met zoveel openbaar toegankelijke tuinen en botanische instituten, van zakformaat tot Kew Gardens. Geen land met zoveel bloemenshows en tuinierprogramma's waar existentiële vragen als `Moet ik mijn euphorbia terugsnoeien nadat zij gebloeid heeft?' worden behandeld. Geen land ook met zoveel tuincentra voor een ontspannen dagje winkelen tussen goudvissen en barbecuemeubels. Wie vorige week het publiek onder de koepels in een lange file tussen het groen zag schuifelen, kon even denken dat Eden naadloos op die Britse tuintrend inhaakt.

Maar Eden wil méér zijn dan alleen de zoveelste groene trekpleister, zegt Robin Lock, chef tropische planten en Nederlander. Eden is een plantaardig theater. De bomen en planten zijn geen wetenschappelijke collectie, maar acteurs. In het futuristische decor moeten ze samen laten zien ,,hoe afhankelijk de mens – bewust of niet – van planten was en is, hoe planten gebruikt en misbruikt kunnen worden en hoe mens en plant samen duurzaam kunnen overleven.'' Milieufundamentalisme? Het lijkt er op. Niet voor niets is de term bioom afkomstig uit de cultfilm Silent Running (1971), over een poging de aarde na een kernramp opnieuw van leven te voorzien vanuit grote bollen vol planten die door het zonnestelsel cirkelen. En er is een tunnel van riet waar bezoekers hun persoonlijke belofte om tot een betere wereld te komen kunnen opprikken (,,Denk aan de 4 R'en: reduce, repair, reuse en recycle'').

Maar de populair-educatieve toets blijkt in de praktijk het belangrijkst, laat Lock zien tijdens een rondleiding door zijn twee hectare Britse tropen. ,,Kijk, dit is de ylang ylang'', wijst hij enthousiast naar een onopvallend groen struikje met een beetje hangende bladeren, zoals alleen tropische bosbouwers dat kunnen. ,,Die levert het belangrijkste ingrediënt voor Chanel No. 5.''.

,,En dit is red stink wood'', zegt hij even verder bij een soort prunus. ,,Hieruit wordt traditioneel een medicijn tegen prostaatkanker gewonnen. Dat is nu internationaal verboden om de plant te beschermen en dus worden ze nu illegaal uit de natuur gehaald, zodat én de gezondheid en de natuur slechter af zijn''.

Zo gaat het verder, steeds warmer en steeds vochtiger, langs een Maleisische paalwoning met gember en doerians in de tuin en een brommer tegen de veranda (,,Binnenkort komen er kippen, maar daar hebben we een dierentuinvergunning voor nodig''), langs de chiclet-boom die ooit de latex voor kauwgom leverde, langs bananen, rubberbomen, lotussen, oliepalmen, mangroves koffie- en colabomen, nootmuskaat en kaneel, hardhout, timmerhout en brandhout, kapok en varens, langs copraplanten, lotussen en lianen, sterrevruchten, bamboebossen, ficussen, broodbomen, de collectie meranti's die de Universiteit van Wageningen heeft geschonken en de Bo-boom waaronder de Boeddha ooit mediteerde. En als niemand oplet plukt hij apetrots een donkere vrucht die op de stam van een forse struik groeit. ,,Hier, proef maar, een jaboticaba uit Brazilië'', zegt Lock. ,,In het westen kun je dankzij gekoeld luchtvervoer bijna elke vrucht krijgen, maar deze niet, want hij rot binnen een dag.'' Proefnotitie: de jaboticaba houdt het midden tussen een lyche en een druif en zou het prima doen bij Tong Picasso.

Een uur later is het moeilijk door het bos nog de bomen te zien. Al zijn er op het oog een paar leemtes. In Locks tropenbos ontbreekt het wee-zoet-kruidige humustapijt dat letterlijk de basis is van echte regenwouden, want Eden ruimt gevallen blaren meteen op en bemest kunstmatig. Wat ook ontbreekt is het kruipend, springend, wroetend, fladderend en langsflitsend en -zoemend gedierte van het echte oerwoud. En dat komt er ook nooit, zegt Lock, afgezien van kevers en vogels voor het bestrijden van ongedierte en bestuiving. ,,Dieren leiden af van de planten. Om een aap te zien moet je maar naar de dierentuin.''

En als Eden de relatie mens-plant nóg completer in beeld te brengen zouden ten slotte een papaverveld en een coca-plantage niet hebben misstaan.

Lock erkent dat Eden niet af is. De meeste planten zijn immers nog klein en hebben een heel leven voor de boeg. ,,Kom over vijf jaar maar eens terug'', zegt hij. Voor de gemiddelde bezoeker is Eden nu al een paradijs. ,,Nou weten wij stadsbewoners weer eens wat we missen'', zucht een dame, die uitrust naast de dertig meter hoge waterval.

Eden Project, St. Austell, Cornwall, ma t/m zo 10-18u. Volw £9.50 5-15 jr £4 Inl 00-441726811911 Internet www.edenproject.com