Ster in twee smaken

Jack Lemmon, de acteur altijd lol had in zijn eentje en goed kon somberen met z'n tweeën, is vannacht op 76-jarige leeftijd in Los Angeles aan complicaties van kanker overleden. De tweevoudige Oscarwinnaar Lemmon speelde zijn beste rollen onder regie van Billy Wilder, zoals Some Like it Hot met Marilyn Monroe en Tony Curtis (1959), The Apartment (1960), Irma la Douce met Shirley MacLaine (1963). Grote roem verwierf hij met de komedies die hij samen met acteur Walter Matthau maakte in een genre dat waarschijnlijk door hen werd uitgevonden en vervolmaakt: de vrijgezellenkomedie. Twee alleenstaande heren worden huisgenoten tegen wil en dank (The Odd Couple, 1968), buren (Grumpy Old Men, 1994, en Grumpier Old Men, 1995) of moeten samen op reis (in een reprise van hun eertijdse succes in The Odd Couple II: Traveling Light, 1998). Lemmon had de rol van de mopperige goedzak, die vaak door de olijkere en wereldwijzere Matthau werd overdonderd. Andere onvergetelijk rollen van het duo waren in The Fortune Cookie (1996) en de journalistenfilm The Front Page (1974).

Zijn eerste Oscar ontving de aan Harvard opgeleide zoon van een donutkoning al vroeg in zijn loopbaan voor een bijrol in de dramatische komedie Mister Roberts (1955, John Ford), tegenover oude rotten als Henry Fonda en James Cagney en Betsy Palmer, met wie Lemmon een romantisch duo vormde. In 1973 kreeg hij de prijs voor Beste Mannelijke Hoofdrol in de film Save the Tiger (John G. Avildsen), waarin hij een zakenman neerzet die zichzelf verscheurd ziet tussen het idealisme van zijn jeugd en de cynische praktijk van alledag. In totaal zou Lemmon zeven keer voor een Academy Award worden genomineerd; opmerkelijk genoeg meer voor dramatische rollen dan voor humoristische. Gouden Palmen ontving hij tijdens de filmfestivals van Cannes in 1979 en 1982 voor The China Syndrome en Missing. In 1988 kreeg hij een Lifetime Achievement Award.

Halverwege de jaren zestig speelde hij de eerste van die ernstigere rollen, in het semi-autobiografische Days of Wine and Roses (1963), waarin hij verslag deed van een langdurige alcoholverslaving. In 1973 regisseerde hij zijn eerste film, Kotch, een komedie waarvoor hij zijn oude maatje Matthau in de hoofdrol vroeg.

John Uhler Lemmon (Boston, 8 februari 1925) is omschreven als een acteur in twee smaken: zoet en bitter. De ruim zestig films die hij maakte zouden steeds keurig binnen die twee categorieën passen. Maar beter is het om hem een salmiaksmaak toe te dichten, onder zijn lyrisch-romantische momenten school altijd een treurige frons.

Lemmon verklaarde meermalen eigenlijk maar weinig te begrijpen van het acteursvak (zijn beroemdste uitspraak is: `Now, whats all the fuz about no movie tonight?') en er een hekel aan te hebben steeds maar weer mensen aan het lachen te moeten maken. Dat verklaart later in zijn carrière de keuze voor serieuzere, politiek geladen rollen, zoals in The China Syndrome (1979), Missing (1982) of David Mamets Glengarry Glenn Ross (1992), JFK (1991), The Player (1992) en Short Cuts (1993).

Lemmon was getrouwd met actrice Felicia Farr en vader van acteur Chris Lemmon.