Jezus' wederopstanding 2

Elk getuigenis van een christen in het Nieuwe Testament heeft de verrijzenis van Jezus als middelpunt. Het `goede nieuws' van het evangelie betekent vooral het nieuws van Christus' verrijzenis.

Wanneer Paulus het evangelie verkondigde in aanwezigheid van de stoïcijnse en epicurische filosofen te Athene, dachten zij dat hij hun twee goden verkondigde: Jezus en `Anastasis' – Grieks voor verrijzenis. Dit geeft aan hoe belangrijk de verrijzenis was en hoe verbluft de filosofen en geleerden waren.

Rudolf Bultmann, `de vader van de ontmythologisering', zei dat ,,als de beenderen van Jezus morgen ontdekt zouden worden in een Palestijns graf, de kernelementen van het christendom onaangetast zouden blijven''. Paulus is duidelijk een andere mening toegedaan.

Paulus zei dat ,,als Christus niet is opgestaan, dan is onze prediking zonder inhoud en uw geloof leeg. Dan blijken wij zelfs van God een vals getuigenis te hebben afgelegd; want dan hebben wij tegen God in getuigd dat Hij Christus heeft opgewekt, wat Hij niet heeft gedaan, indien, zoals zij beweren, de doden niet verrijzen. Want als de doden niet verrijzen, is ook Christus niet verrezen, en als Christus niet is verrezen, is uw geloof waardeloos en ligt u nog in zonde. Dan zijn ook die mensen verloren die in Christus ontslapen zijn. Indien wij enkel voor dit leven onze hoop op Christus hebben gevestigd, zijn wij het meest van alle mensen te beklagen.''(1 Kor. 15:14-19).

Is het mogelijk zich op Paulus te beroepen om te beweren dat de verrijzenis als mythe kan worden verklaard? Wie dat beweert pleegt op zijn minst zelfbedrog.