`Aan de overkant word je verkracht'

Iedereen in Macedonië moet partijkiezen. De groeiende etnische kloof en het toenemend geweld tegen burgers dwingt hen daartoe.

In de bus van Belgrado naar Skopje rekken de Serviërs hun nekken bij het passeren van Aracinovo. Om het dorp, niet ver van de snelweg, hebben Macedonische regeringstroepen en Albanese rebellen de afgelopen week hard gevochten. De korenvelden roken nog na.

Bij de toegangsweg tot Skopje neemt de bus gas terug – achter de bocht deelt de verkeerspolitie steevast boetes uit aan hardrijders. De politie staat er ook vandaag, niet om boetes uit te delen, maar om een oorlog aan te gaan. De agenten dragen kogelvrije vesten en liggen achter stapels zandzakken met de geweren in de aanslag. Auto's uit door Albanezen bewoonde gebieden, te herkennen aan de nummerplaten, worden gecontroleerd.

In het busstation in Skopje, ten noorden van de rivier de Vardar, waar de meeste Albanezen wonen, lopen nog mensen. Maar de altijd vrolijk wuivende kapper, die niet alleen je haren knipt maar ook je baard scheert en je neusharen schroeit, is gesloten `vanwege de situatie', zegt zijn buurman.

In de kebab-winkel van Hasim, even buiten het station, pikken we gewoontegetrouw een biertje en een worstje om het stof van de reis weg te spoelen. Hasim is een Slavische moslim en valt zodoende buiten de boot; hij is te veel Macedonisch om moslim te zijn en te veel moslim om Macedonisch te zijn. Zijn zaakje bevindt zich tussen twee frontlinies: achter hem hebben de Albanezen hun winkels, vóór hem drijven de Macedoniërs hun nering. ,,Tot morgen'', klinkt het als we weggaan. ,,Misschien wel, misschien niet'', grijnst Hasim.

Skopje is, enkele dagen na ernstige rellen, rustig. Maar wie goed kijkt, ziet dat de stad veranderd is. Albanese bewoners blijven vooral aan hun kant van de stad, ten noorden van de rivier. Macedonische vrouwen piekeren er niet over om de brug over te steken. ,,Aan de andere kant van de brug word je verkracht'', zegt een van hen stellig.

De 26-jarige Albanees Besfort en zijn jongere broers komen nog wel naar het door Macedoniërs bewoonde zuiden van de stad. Immers, de hippe cafés liggen aan deze kant. Besfort is volgens eigen zeggen niet bang voor de Macedoniërs. Hij is bang voor de politie.

President Boris Trajkovski verklaarde gisteren dat hij zijn politie- en andere veiligheidstroepen in de hand heeft. De Zweedse minister van Buitenlandse Zaken, Anna Lindh, (Zweden is momenteel voorzitter van de EU), steunde zijn uitspraken. [Vervolg MACEDONIË: pagina 5]

MACEDONIË

'Macedoniërs dwingen tot keus'

[Vervolg van pagina 1] Trajkovski had nog steeds de `volle controle' over de gewapende krachten in het land, meende Lindh. Dat echter blijkt uit weinig. Besfort was maandagavond met (Macedonische) vrienden uit. Toen de massa demonstranten voor het parlement groeide, besloot hij naar huis te gaan.

Zijn Macedonische vrienden, die wel gingen kijken, hielden hem via de mobiele telefoon op de hoogte. In de menigte stonden agenten en legerreservisten, gewapend en wel. Ze schreeuwden leuzen tegen de Albanezen in het land, waaronder `Gaskamers voor de Albanezen!' Sommige soldaten namen deel aan de kortstondige verovering van het parlement. ,,Hoe kan ik mij veilig voelen?'' zegt Besfort. ,,Agenten en soldaten willen ons helemaal niet beschermen.''

Besfort somt de voorbeelden op. Laatst werden er schoten gelost vanuit een rode Volkswagen-kever op de Albanese ambassade, bij hem in de buurt. Besforts broer rijdt ook in een rode kever. Enkele dagen later werd die dan ook aangehouden.

De jongen werd uit de auto gesleurd, er volgde geduw en getrek, er vielen klappen. Eenmaal op het politiebureau bleek het om een andere kever te gaan. Toen had Besforts broer al een kapot oog.

De jonge Albanees wil geen kant kiezen noch die van het Nationale Bevrijdingsleger (UÇK) van de rebellen, noch die van het Macedonische leger. ,,Maar de Macedonische autoriteiten dwingen mij bijna de kant van het UÇK op. Mijn neven die in het noorden van het land wonen, worden in elkaar geslagen op controleposten. Hoe zou ik mij kunnen aansluiten bij Macedonische veiligheidstroepen?''

Veel jonge mannen denken er zo over. Uit angst voor een algemene mobilisatie slapen ze al niet meer thuis. De politie kon wel eens aan de deur staan om hen te dwingen de wapens op te pakken. Besforts moeder heeft haar keus al gemaakt. De Macedoniërs krijgen haar drie zonen niet mee. Het UÇK heeft recht op één zoon: Besfort, want die is de oudste en heeft zijn militaire dienstplicht vervuld. ,,Ik zit er niet op te wachten'', zegt deze.

Besfort denkt niet dat het UÇK hem komt halen. ,,Het heeft genoeg goed getrainde mannen.'' Maar zijn vrienden blijven vragen: als het erop aankomt, voor welk leger kies je dan? Laatst werd hij boos. ,,Dat ligt aan jullie'', snauwde hij. ,,Als jullie zo door blijven gaan, kies ik voor het UÇK.''

HOOFDARTIKEL: pagina 9