WILLEM WILMINK

Met veel succes is het afgelopen seizoen in theater Concordia in zijn eigen Enschede een voorstelling rond de liedteksten van Willem Wilmink gespeeld, onder de passende titel Wie weet waar Willem Wilmink woont. De uitvoerenden waren plaatsgenoten, muzikaal geleid door Frank Deiman en geregisseerd door Evert de Vries. Ze zongen de mooiste Wilmink-nummers, van zijn eerste tekst voor de cabaretgroep Don Quishocking (het weemoedige De oude school) tot en met het ontroerende Enschede huilt, naar aanleiding van de ramp die de stad vorig jaar trof.

Nu van dit programma een cd is gemaakt, valt ook buiten Enschede te horen dat hier met grote toewijding een zeer respectabel eerbetoon is gemaakt. Dat niet elke solistische prestatie op een even hoog professioneel peil stond, spreekt vanzelf. Veel belangrijker zijn de sfeervolle klank van het orkestje, waarin viool en accordeon de toon aangeven, en de zorgzame voordracht die recht doet aan de zuivere eenvoud van de Wilmink-teksten.

Maar er zijn ook uitschieters, zoals de ragfijne samenzang in Arm Den Haag (,,de weduwe van Indië ben jij''), het mooi omfloerste Frekie door de soliste Niki Smiet en de grappige canon in het Tegelliedje. Alleen de muzikale overdaad in het zo sober geschreven gedicht Ben Ali Libi bevalt mij minder; daar dringt de zanger zich vóór de tekst. In de rest van de nummers staat alles en iedereen in dienst van Willem Wilmink, en zo hoort het ook. Al was het maar omdat hij in één zinnetje kan samenvatten waar een ander veel meer woorden voor nodig heeft. Over ouder worden bijvoorbeeld, in het autobiografische In de Javastraat: ,,...en wat ik bijleer, lijkt steeds meer op wat ik al wist.''

Wie weet waar Willem Wilmink woont, Sil 066