`Overdracht Miloševic zeker'

De Joegoslavische regering draagt ex-president Slobodan Miloševic over aan het VN-tribunaal, zelfs al komt het Constitutionele Hof tot de conclusie dat het decreet over de uitlevering in strijd is met de grondwet.

Dat zei gisteren de Servische premier Zoran Djindjic. Hij zei dat de statuten van het VN-tribunaal ,,direct zullen worden toegepast, zelfs als het Constitutionele Hof bepaalt dat het decreet in strijd is met de grondwet.'' Hij voegde daaraan toe dat de uitlevering mogelijk al vrijdag plaatsvindt. ,,Dat is de kortst mogelijke termijn. Ik weet niet of die kortst mogelijke termijn wordt gehaald, maar het gaat om een overzienbare periode. En ik denk niet dat drie of tien dagen een essentieel verschil maakt'', aldus de premier.

De opmerkingen worden in verband gebracht met de vrijdag beginnende donorconferentie voor Joegoslavië, die voor de economische wederopbouw van groot belang is en die door de Verenigde Staten wordt geboycot als Miloševic niet wordt uitgeleverd. Het tribunaal staat overigens op het standpunt dat Miloševic niet wordt `uitgeleverd' aan een ander land, maar dat hij wordt `overgedragen' aan een VN-instantie. De Joegoslavische grondwet verbiedt de uitlevering van staatsburgers aan een ander land.

President Koštunica maakte gisteren nog eens duidelijk dat de regering Miloševic zeer tegen haar zin aan het tribunaal overdraagt en dat ze hier alleen toe overgaat onder internationale druk. Koštunica zei dat hij het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden niet vertrouwt en dat hij liever had gezien dat Miloševic in eigen land wordt berecht. Maar, zo voegde Koštunica daaraan toe, ons land kan zich geen isolement permitteren. ,,We willen geen geïsoleerd land zijn. We willen geen pariastaat zijn in de wereld. Integendeel: we willen normale betrekkingen met de wereld.'' Koštunica noemde de situatie ,,extreem zorgelijk''. ,,Onze samenwerking met het Haagse hof zou niet gebaseerd moeten zijn op uitlevering alleen. We zouden onze burgers in eigen land moeten berechten, desnoods onder supervisie van het Haagse tribunaal.'' Het tribunaal kan niet worden vermeden, aldus Koštunica. ,,Mijn pogingen onze burgers in eigen land te berechten zijn gestrand op twee zaken: de druk uit Washington en het feit dat mijn partij [in het parlement] een minderheid is.'