Deutsche Telekom gokt met beursgang T-Mobile

Deutsche Telekom (DT) heeft beloofd zijn schuldenlast omlaag te brengen. Dat is mooi. Maar het concern zal er een zware dobber aan hebben zijn doel – het verminderen van de schuld van 69 miljard euro tot 50 miljard euro aan het eind van 2002 – te bereiken. Het plan staat of valt met het binnenhalen van 8 tot 9 miljard euro door een deel van T-Mobile naar de beurs te brengen. Zo'n grote beursgang op een neergaande markt brengt op z'n minst risico's met zich mee.

De optelsom is simpel. DT heeft 19 miljard euro nodig. De verkoop van belangen moet 10 tot 11 miljard euro opleveren: 2,4 miljard euro voor Wind, 2 miljard euro voor Sprint, 2,5 miljard euro voor de kabelactiviteiten, 1 tot 2 miljard euro voor onroerend goed en 2,5 miljard euro voor diverse andere bezittingen. Zelfs als we aannemen dat dat allemaal lukt, blijft er nog een gat van 8 tot 9 miljard euro over. Dat bedrag moet komen uit de beursgang van een deel van T-Mobile, de mobiele dochter van DT.

Op dit moment is er op de markt weinig belangstelling voor zo'n grote beursgang van een mobieletelefoniebedrijf. Ook heeft het voor de aandeelhouders van DT weinig zin als de aandelen van T-Mobile verkocht worden op een dalende markt. Daarom heeft DT zichzelf tot het eind van volgend jaar gegeven om de beursgang te lanceren. In feite gokt het bedrijf erop dat de stemming tegen die tijd weer beter zal zijn.

Misschien gebeurt dat ook. Maar de ommekeer zal waarschijnlijk te laat komen om een lagere kredietwaardigheid te voorkomen, die onvermijdelijk is als T-Mobile niet al dit jaar naar de beurs gebracht wordt.

Een lagere kredietwaardigheid hoeft niet rampzalig te zijn: zelfs met een schuld van 60 miljard euro aan het eind van het jaar, ofwel viermaal de verwachte winst vóór rente en belastingen, kan DT makkelijk aan zijn renteverplichtingen voldoen. Maar beleggers, die overwegen de deze week door DT voor een bedrag tussen de 5 en 8 miljard euro uitgegeven euro-obligaties te kopen, lijken dat risico niet te willen nemen. Daarom zijn de obligaties voorzien van een clausule die beleggers verzekert van een hogere couponrente als de kredietwaardigheid vermindert.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld