Wederopstanding 2

Herman Philipse wekt de indruk dat het vinden van de juiste interpretatie van de opstanding van Jezus het terrein van vakmensen is, die bij voorkeur aan een echte universiteit werken. Aangezien Philipse geen theoloog is, laat hij een hoogleraar Nieuwe Testament, die telefonisch bereikbaar is, een uitspraak doen waarmee hij de buiten zijn boekje gaande econoom Bomhoff terechtwijst.

Had Philipse een andere hoogleraar om zijn mening gevraagd, bijvoorbeeld iemand van de Theologische Universteit Kampen, zou het antwoord zeker anders geweest zijn.

Vervolgens is de filosoof Philipse van mening dat Paulus het meer met ds. Ter Linden eens zou zijn dan met Bomhoff. Het ontgaat Philipse blijkbaar dat Paulus nooit de pretentie heeft gehad de opstanding van Jezus in een wetenschappelijk kader te plaatsen. Paulus schrijft zijn belangrijkste werk, de Brief aan de Romeinen, als `dienstknecht van Jezus Chrsitus', als `apostel en evangelieprediker' voor leken. Paulus zegt in Romeinen 10 vers 9 en 10: ,,Indien gij met uw mond belijdt dat Jezus Heer is, en gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden''.

Philipse weet blijkbaar niet dat ons behoud niet afhangt van wat vakmensen (christelijk of niet) de juiste uitleg vinden, maar van duidelijke uitspraken, gedaan door bijbelschrijvers zoals Paulus, die oprecht begaan waren met het wel en wee van mensen.