Verwarring taalprobleem allochtonen

Het gaat steeds beter op school met allochtone kinderen, staat in een rapport. Toch is deze conclusie strijdig met eerdere rapporten.

,,Allochtone kinderen hebben een spectaculaire voorsprong ten opzichte van hun ouders. Waarom roept niemand dat? Waarom sterkt niemand hen in die kracht?''

Staatssecretaris Adelmund reageerde eind 1999 emotioneel op kritische vragen van Tweede Kamerleden over het in hun ogen achterblijvende resultaat bij het onderwijs aan allochtone kinderen.

Adelmund lijkt alsnog haar gelijk te halen. Uit een gisteren gespresenteerd rapport van het Instituut voor Toegepaste Sociologie (ITS) en het SCO Kohnstamm Instituut blijkt dat allochtone leerlingen in de laagste groepen van het basisonderwijs hun leerachterstand aan het inhalen zijn. Het onderzoek is verricht in opdracht van het ministerie van Onderwijs.

Vooral met Turkse en Marokkaanse kinderen gaat het beter: zij werden de afgelopen jaren 8 procent beter in rekenen en 10,5 procent beter in taal. Ter vergelijking: kinderen van hoogopgeleide Nederlandse ouders scoorden respectievelijk 2 en 5 procent beter.

,,Bemoedigend'', zegt een woordvoerster van het ministerie van Onderwijs dan ook. Volgens haar werpen begeleiding van achterstandsleerlingen, klassenverkleining en bijspijkercursussen hun vruchten af.

Toch zijn de resultaten in tegenspraak met de conclusies van andere onderzoeken van de laatste twee jaar. Zo noemde de Inspectie van het Onderwijs in het jaarlijkse Onderwijsverslag de situatie van de allochtonen nog ,,systematisch zwakker dan men op grond van hun achtergrondkenmerken kan verwachten''. In januari kwam de Rekenkamer met een rapport waarin dit een ,,hardnekkig en complex'' probleem heette.

Is er dan echt iets veranderd in het onderwijs aan allochtonen? De Twentse onderzoeker prof. R. Bosker, die zich vorig jaar in een studie kritisch opstelde over het taalonderwijs aan allochtone kinderen, is voorzichtig. ,,Het wordt inderdaad steeds gestructureerder. Aan de andere kant, het kan ook een generatie-effect zijn. Allochtone kinderen die nu naar school gaan, beheersen het Nederlands vaak al beter dan hun oudere broers en zussen.''

Het is inderdaad lastig, zo niet onmogelijk de resultaten van de ectra investeringen van de laatste jaren nu al vast te kunnen stellen. Zegt woordvoerder E. Keijsers van het Rotterdamse Centrum voor Educatieve Dienstverlening (CED), dat gespecialiseerd is in projecten voor achterstandsleerlingen. ,,Maar goed, het kan heel goed zijn dat het beter gaat. Er lopen bemoedigende projecten. Scholen worden verder deskundiger en steeds meer Turkse en Marokkaanse peuters bezoeken de peuterspeelzaal. Ik denk dat dit onderzoek goed laat zien dat extra aandacht zijn vruchten afwerpt.''

Ik geloof er niets van, zegt directeur R. Walbrecht van openbare basisschool Delfshaven in Rotterdam (98 procent allochtone leerlingen). ,,Hun taalvaardigheid mag dan groter worden, hun sociale vaardigheden gaat echter alleen maar achteruit. Voor het schoolrapport maakt het dus geen verschil.''