Koreanen vluchten in gebouw VN

Zeven Noord-Koreanen, behorende tot één familie, zijn vanochtend in Peking het kantoor van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR binnengedrongen. Ze eisen toestemming om zich in Zuid-Korea te vestigen, zo heeft een Japanse journalist meegedeeld die hen begeleidt.

De familie – grootouders, ouders, een zoon, een dochter en een neef – ontvluchtte het door hongersnood geteisterde Noord-Korea twee jaar geleden door de grensrivier met China over te steken.

Duizenden Noord-Koreanen proberen jaarlijks te ontsnappen uit hun land. Hulporganisaties schatten dat er in het noorden van China en in Mongolië in totaal tussen de 150.000 en 300.000 Noord-Koreaanse illegalen verblijven. De vluchtelingen die in handen van de Chinese autoriteiten vallen, worden zonder pardon weer teruggestuurd. In Noord-Korea worden zij vervolgens onderworpen aan strenge straffen en opsluiting in kampen. De Zuid-Koreaanse ambassade in China kan hen vanuit Peking niet helpen aan een uitgeleide naar Seoul.

Het gezin dat nu in het kantoor van de UNHCR zit, vluchtte in 1999 uit Noord-Korea. Vijf van de oorspronkelijke zeventien leden van het gezin werden opgepakt en naar Noord-Korea teruggestuurd. Vijf anderen zijn uitgeweken naar Mongolië, aldus het Japanse persbureau Kyodo.

Het gezin liet vorig jaar een boek publiceren, waarin de omstandigheden in Noord-Korea uit de doeken worden gedaan. In het boek staan onder meer potloodtekeningen van om voedsel bedelende mensen en politieagenten die mensen mishandelen.