Stiptheid treinen naar dieptepunt

De vertragingen op het spoor zijn in de eerste week van het nieuwe dienstrooster bij de Nederlandse Spoorwegen groter dan ooit. In de week van 10 tot 17 juni had bijna een derde van alle treinen vertraging. Dat percentage is sinds de verzelfstandiging van NS in 1995 niet zo hoog geweest.

Uit de wekelijkse rapportage van NS blijkt dat in de week na 10 juni 71,3 procent van de treinen op tijd reed. De week daarvoor was dat nog 85,3 procent. Het bedrijf streeft naar 88 procent dit jaar. Het nieuwe rooster was bedoeld om vertragingen tegen te gaan, maar het vergt wel 150 man meer treinpersoneel dan bij het oude rooster. De meeste vertraging werd in de eerste week dan ook veroorzaakt door treinen die uitvielen, doordat er geen machinist of conducteur voor beschikbaar was.

Vooral in Amsterdam, Haarlem, Lelystad en Amersfoort is er een tekort aan machinisten en conducteurs. Alleen al in de Randstad is een tekort aan bijna 250 machinisten en conducteurs. Als medewerkers zich ziek melden, is er geen vervangend personeel om de treinen te bemannen. Ook kapotte treinen leiden tot vertragingen. In de eerste twee weken van het nieuwe rooster had NS extra stafpersoneel ingezet. Dat is vanaf vandaag niet langer het geval.

NS wijst erop dat bij de invoering van een nieuw rooster altijd meer vertraging optreedt dan gewoonlijk. Ook de treinbotsing bij het centraal station van Utrecht gooide de dienstregeling danig in de war. Toezichthouder Railned en de Raad voor Transportveiligheid onderzoeken de toedracht van het ongeval.

Diezelfde raad presenteerde vanochtend een rapport waarin de directies van NS Reizigers en andere spoorvervoersbedrijven wordt geadviseerd maatregelen te nemen om te voorkomen dat treinen door rood licht rijden.

Volgens de raad is het aantal keren dat een trein door rood licht rijdt, de afgelopen jaren sterk toegenomen. Tot 1995 gebeurde dat gemiddeld 150 keer per jaar. Het afgelopen jaar was dat bijna het dubbele, ruim 280 keer. De aanleiding voor het rapport is een treinbotsing op 28 november 1999 in Dordrecht. De botsing vond plaats nadat een dubbeldekstrein door een rood sein was gereden. De Automatische Trein Beïnvloeding (ATB) van de dubbeldekker trad vervolgens niet in werking.

Verder werpt de raad in haar rapport de vraag op of de veiligheidssystemen van Railinfrabeheer, NS Reizigers, Railned en de Verkeersleiding voldoende zijn en of ze goed op elkaar zijn afgestemd.