Lawaaihinder als luxeprobleem

Zomer: ramen en deuren gaan open, het leven verplaatst zich naar balkon of tuin en de versterker moet een tandje hoger opdat-ie ook daar te horen is. Kratje pils erbij en tot diep in de nacht is het gezellig. Door de Amsterdamse grachten trekken eindeloze konvooien van o zo sympathieke bootjes met o zo leuke pruttelmotortjes met o zo keurige mensen aan het roer. De eerste verschijnen om tien uur 's ochtends, de laatste is zo tegen elf uur 's avonds uitgeprutteld. Pas dan keert de stilte weer, tenzij men in de buurt woont van een café dat tot tegen zonsopgang schenken mag.

Ongeveer zo zien de talloze Nederlandse lawaai- en geluidgehinderden de nieuwe zomer aanbreken en zij lijden al op voorhand. Hoeveel het er zijn? Tienduizenden, honderdduizenden, miljoenen misschien, kom er maar eens achter. Zelf maken ze geen geluid en het zijn er maar een paar die de klachtenlijn bellen of die wanhopige brieven sturen naar de krant. Ze kennen elkaar niet.

Vanavond laat de VPRO in de documentaire Herrie een aantal geteisterden aan het woord. Het is een prachtige film geworden, die de wanhoop en razernij bijna lichtvoetig in beeld brengt. Zonder al te expliciete analyses of conclusies wordt toch bija alles gezegd wat er te zeggen is. In dit geval vooral door `vrachtwagenchauffeur Erik', een vriendelijke, tolerante en redelijke man. Een man die toch wel wat lawaai gewend is zou je zeggen, maar die keer op keer verbijsterd staat als weer nieuwe helse apparatuur door de overheid wordt toegelaten. Bladblazers, cirkelzagen, 160 decibelversterkers voor in de auto.

Alle aspecten van de geluid- en lawaaioverlast (twee verschillende zaken) komen aan de orde. De misselijkmakende repressieve tolerantie van de klachtenlijnen. De statistici, die onverstoorbaar turven. De te hulp geroepen technici die het geluid meten maar meestal niet voldoende decibellen kunnen noteren. Het dierpsychologisch gegeven dat lawaaimaken een bewijs van potentie is: vooral jonge mannen maken lawaai.

En natuurlijk ook het niet te verhullen feit dat nogal wat geluidgehinderden op hun beurt querulanten en aartsklagers zijn die in elke ander eeuw ook geklaagd zouden hebben. Als de haat maar hoog genoeg gestegen is kan zelfs het slikgeluid van de medemens onverdraaglijk zijn. Lawaaihinder is ten dele ook een luxeprobleem of een kwestie van ledigheid. In de oorlog had niemand last van lawaai.

Het enige bezwaar dat misschien tegen de film te maken is is dat het probleen té lichtvoetig wordt behandeld. Dat zo de indruk ontstaat dat het hier niet werkelijk om een bedreiging van de volksgezondheid gaat. Decennia geleden wees hoogleraar sociale geneeskunde en directeur-generaal volksgezondheid Pieter Muntendam daar al op. Het verbaasde hem dat actiegroepen altijd maar aankomen met weer nieuwe onbewezen gevaren van minieme concentraties exotische chemicaliën terwijl bij wijze van spreken om de hoek de gezondheid aantoonbaar schade wordt toegebracht door een teveel aan lawaai. Toen moest het ergste nog komen.

Dokwerk: Herrie, VPRO, Ned.3, 21.00-22.00u.