Een voortdurende worsteling

`Wanneer ik verlies, besta ik niet meer.' Het is alsof Pete Sampras het tennisspel zo ervaart. Wanneer hij als verliezer van de baan sloft, lijkt niets hem meer te kunnen bewegen tot verder leven. Ogenschijnlijk in een comateuze toestand verlaat hij het strijdperk dat tot het epicentrum van zijn bestaan is geworden. Geen aardschok lijkt dan zijn blik nog te kunnen verlevendigen of zijn zenuwbestand op te winden voor een nieuwe uitdaging.

De ontgoocheling duurt nooit lang. Voordat men vreest dat hij zich in de kleedkamer verhangt aan een kapstok, heeft Sampras zich aan het front gemeld voor weer een strijd tegen de dood. Zo vergaat het deze relatief oude sportman (29) ook in zijn partijen. Niet altijd is hij superieur. Doorgaans laat hij zich eerst naar de rand van de afgrond sturen, om dan als een man die nederlagen als een afwijzing ervaart immense krachten op te diepen en zich alsnog de winst toe te eigenen.

Sampras verschilt weinig van veel anderen in deze samenleving, waarin winnen en scoren tot het hoogste goed zijn verheven en verliezen als een terminale ziekte wordt gezien. Mede daarom is deze Amerikaan met het chagrijn van een Griek, die te boek staat als de beste tennisser aller tijden, niet zo populair als flamboyante tennissers zoals vroeger McEnroe en Connors en nu Agassi, Kuerten en Hewitt. Men wil zich niet vereenzelvigen met een man die het leven aanvaardt als een worsteling. Het volk wil sporters die anders zijn.

Het spel van Sampras spreekt niet tot de verbeelding van de jagende mens. Maar wie de moeite neemt hem te analyseren, ziet dat hij geniaal is, al is het alleen maar door de manier waarop hij in verliezende positie alsnog wint. Onderzoek leert dat Sampras van jongsaf bezig is van grote broers te winnen. Het is niet onwaarschijnlijk dat zijn vader Soterios (Sam) en moeder Georgia hem, toen hij zeven jaar was, hebben gezegd dat tennis uiterst belangrijk was voor zijn ontwikkeling.

Op zijn zevende werd hij al uitgeleverd aan een professionele trainer, Pete Fischer. Hij was nog geen elf jaar, toen Fischer hem tegen de legendarische Rod Laver liet spelen om zich in groundstrokes te bekwamen. Ten overstaan van de Australiër sloeg de jongen van de zenuwen geen bal goed. Maar vanaf dat moment nam Sampras zich voor van elke grote, sterker geachte broer te winnen. Jeugdtoernooien won hij zelden, partijen tegen ouderen won hij steevast. Van mannen die volgens de wet van de natuur van hem moesten winnen, won hij.

Vader Sam, ruimtevaarttechnicus bij de Amerikaanse defensie, wilde het beste voor zijn tweede zoon (naast twee dochters). Hij wilde dat Fischer specialistische trainers zocht om Pete's spel te perfectioneren. En zo beschikte de jongen op zijn zestiende over een trainer voor zijn forehand, één voor zijn voetenwerk, één voor zijn volley en één voor zijn service. Toen Pete op zijn zestiende professional werd, brak hij met Fischer. `Hij wilde zijn hersens in mijn hoofd transplanteren.'

Mede dankzij zijn coach Tim Gullikson won Sampras vervolgens (bijna) alles wat te winnen viel. In 1996 overleed Gullikson als gevolg van een hersentumor. Kort daarop werd Pete's liefdesrelatie met Delaina Mulcahy verbroken. Het leven veranderde. Toch ging Sampras door met zijn gevecht, omdat hem dat was geleerd. Zeven keer won hij Wimbledon, niemand – ook zijn `grote broers' Rod Laver en Roy Emerson niet – deden hem dat voor. Hij bezit een huis in Florida, omringd door tennisbanen, zwembaden en een muziekstudio, en hij beschikt over een privévliegtuig. In materiële zin heeft hij alles en toch gaat hij op jacht naar de achtste Wimbledontitel. Hij lijkt vermoeid en bijna versleten. Maar als een perfectionist wil hij doorgaan met winnen.