Justitie naar strafbank in Clickfonds-zaak

Niet beursfraude, maar de handelwijze van justitie lag gisteren onder het mes bij de Amsterdamse rechtbank. De niet-ontvankelijkheid van het OM betekent groot reputatieverlies.

Het was een bijna meelijwekkende situatie, gisteren in de Van Hall-zaal van de Amsterdamse rechtbank. Al na enkele minuten leek de zetel voor de officier van justitie in een strafbankje te veranderen. Steeds witter wegtrekkend moesten fraudeofficieren H. de Graaff en J. Tonino een juridische geseling ondergaan van de Clickfondskamer, de rechtbank die speciaal is samengesteld voor de afhandeling van de beursfraudezaken. In ongekend brisante bewoordingen rekenden de rechters af met het justitieonderzoek rond het voormalige commissionairshuis Leemhuis en Van Loon. Het ,,patroon van onzorgvuldig optreden'' werd zelfs dermate ernstig geacht dat ,,de strafrechtspleging in het algemeen schade heeft geleden'' en getypeerd als ,,een ernstige inbreuk op de beginselen van een behoorlijk procesrecht''. Dat gebeurde zelfs zó erg ,,dat dit in strijd komt met de zorgvuldigheid die de officier van justitie in de uitoefening van zijn ambt dient te betrachten''. Het OM werd vervolgens niet ontvankelijk verklaard. Alleen voor een kleine loonbelastingaffaire werden relatief lichte geldboetes opgelegd.

Nou waren de `echte' beursfraudeaspecten in deze tak van het Clickfonds nog maar tot één feit beperkt. Eerder vielen verdenkingen als misbruik van voorwetenschap en witwassen al uit het dossier.

De verdenking voor de directie van Leemhuis en van Loon richtte zich nu nog op het in stand houden van een criminele organisatie die coderekeningen aanbood om via Zwitserland de belasting te ontduiken. In april had de Clickfondskamer al drie ex-medewerkers van Strating Effecten vrijgesproken omdat er met het systeem van die coderekeningen juridisch niets mis was. Gisteren kwam de rechtbank niet eens toe aan een inhoudelijke behandeling. Er volgde een gedocumenteerde opsomming van ,,verschillende onzorgvuldigheden'' die hebben geleid tot ,,onnodige schade aan de verdachten''. Zo bleken de rechter-commissaris, De Nederlandsche Bank, media en rechtbank zelf onvolledig voorgelicht en werden de verdenkingen bij de start van het onderzoek in 1997 veel te hard aangezet.

Dieptepunt was de rechtshulpprocedure naar Zwitserland, waar het OM administratieve gegevens wilde hebben van cliënten van de daar woonachtige vermogensbeheerder D. de Groot. In de Duitse versie van het rechtshulpverzoek bleken essentiële verschillen te staan ten opzichte van de Nederlandse tekst. Zo was er een extra, cruciaal belastende zin toegevoegd over het witwassen van drugsgelden. Volgens de verdediging gebeurde dat bewust om de strenge Zwitserse voorwaarden voor het verstrekken van rechtshulp te omzeilen. De rechtbank wilde zo ver niet gaan, maar tilde wel zwaar aan de kwestie, vooral omdat er tijdens de zittingen geen afdoende verklaring voor de verschillen kwam. Sterker: ambtenaren van de Fiscale Inlichtingen en Opsporingdienst (FIOD) verklaarden zelfs anders dan ze eerder in ambtsedig opgemaakte proces-verbalen deden. Ook de FIOD kreeg daarom een tik op de vingers van de rechtbank, net als de Economische Controledienst (vanwege het niet doorgeven van ontlastende informatie voor verdachten) en de chef van de Criminele Inlichtingendienst (vanwege ,,onzorgvuldig'' verklaren ter zitting).

Met name officier van justitie H. de Graaff, vanaf het begin de leider van de Clickfondsoperatie, kan zich het zware oordeel van de rechtbank aanrekenen. Zijn onderzoek bleek te weinig doordacht, hij delegeerde en communiceerde moeizaam en werd bovendien in alle Clickfondszaken tot nu toe betrapt op slordigheden. Ook gisteren stond er weer een fout in de dagvaarding, waardoor hoofdverdachte Vermeulen tot overmaat van ramp ook nog eens werd vrijgesproken van één van de niet beursfraude-gerelateerde feiten. Toch zou het niet fair zijn alleen De Graaff tot zondebok te maken. Veel fundamenteler is de constatering dat het binnen het OM blijkbaar aan een intern correctiemechanisme ontbrak. Wie heeft De Graaff's bevindingen ooit getoetst op hardheid of strafrechtelijke vervolgbaarheid? Waarom werd er, toen na enkele maanden al duidelijk was dat de verdenkingen moeilijk waar bleken te maken, geen gas teruggenomen? En waarom hieven de verschillende toezichthouders geen waarschuwende vinger over bijvoorbeeld de juridische complicaties die er aan de verdenking over de coderekeningen kleven?

Het OM behaalde met Clickfonds niet alleen maar zeperds. Het is vaak gezegd: zonder de beursfraudeaffaire was de integriteit in de financiële sector waarschijnlijk niet zo prominent op de agenda verschenen. Bovendien is de rechterlijke afhandeling nog niet voltooid. Maar de rechtbank bevestigde in haar vonnis gisteren wel dat Justitie als een olifant door de porseleinkast is gegaan. Dreigende schadeclaims en beschadigde burgers zijn het gevolg, maar vooral: reputatieverlies. Voor verdachten èn het OM.