Herstel het wantrouwen

Om te kunnen spreken van geschonden vertrouwen, moet er eerst vertrouwen hebben bestaan. Ook als de hoop wordt uitgesproken op een herstel van vertrouwen moet er eerst vertrouwen geweest zijn. Volgens Alders, voorzitter van de commissie die de ramp in Volendam onderzocht, is ,,de belangrijkste taak van de overheid nu om het vertrouwen van de burgers te herstellen''.

Ik denk dat het precies omgekeerd is: wat wij nodig hebben is geen herstel van het vertrouwen in de overheid, maar herstel van het wantrouwen. Democratie is georganiseerd wantrouwen. Aan vertrouwen hebben we niets. Achterdocht, argwaan, ongeloof, scepsis hebben we nodig. De Amerikaanse journalist I.F. Stone zei dat ,,elke regering bestaat uit leugenaars en niets van wat zij zeggen moet worden geloofd''. Hij had gelijk. Wij zijn te lichtgelovig, te goed van vertrouwen en misschien te onverschillig. Onze naam is Joris Goedbloed. Wij slapen op twee oren.

Behalve de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht kent het Nederlandse staatsbestel tegenwoordig, voor als er ergens iets misgaat, de onderzoekende macht. Deze onderzoekende macht is doorgaans niets anders dan de uitvoerende macht in pastorale vermomming. Van de commissie-Oosting die de vuurwerkramp in Enschede onderzocht, kan nog worden betoogd dat zij onafhankelijk was van het openbaar bestuur. Maar haar bevoegdheden waren nergens geregeld. Het belangrijkste kenmerk van de onderzoekende macht is niet het verrichten van onderzoek, maar ,,herstel van het vertrouwen van de burgers'', met andere woorden: dezelfde taak als in normale omstandigheden wordt toebedeeld aan voorlichters, adviesbureaus, pr-managers en reclamemakers. De onderzoekende macht is een hele grote Postbus 51.

Nu hebben Oosting en Alders ongetwijfeld nuttig werk gedaan voor zover het de reconstructie van de door hun commissies onderzochte calamiteiten betreft. Mijn wantrouwen geldt niet hun rapporten, maar hun dienstbaarheid aan de public relations van de overheid vis à vis de burgers. Het zijn geruststellingscommissies, hun aanbevelingen zijn vertrouwenwekkende maatregelen, hun schutspatroon heet Klaas Vaak. Hiermee zeg ik geen kwaad woord over Oosting of Alders, maar wel over het regenteske systeem van vrijblijvend onderzoek naar bestuurlijk falen, uitgevoerd door mederegenten.

Tot welke onwaarachtigheid en miezerigheid dit leidt, om niet te spreken van keiharde bedriegerij en leugenachtigheid, bleek dinsdag uit een uitzending van NOVA. Onderwerp: het roemruchte fotorolletje dat een luitenant van Dutchbat tijdens de val van Srebrenica had volgeschoten met voor Nederlandse militairen compromitterende beelden van de deportatie van moslims door Servische oorlogsmisdadigers. Het verhaal is bekend. Een laborant van de Militaire Inlichtingendienst zou het rolletje geheel per ongeluk verknoeid hebben. Niet te geloven. Op verzoek van minister De Grave (Defensie) onderzocht een commissie-Van Kemenade in 1998 of Defensie ,,het proces van waarheidsvinding over Srebrenica doelbewust heeft belemmerd, tegengewerkt of beperkt''. Dat was de zogeheten doofpottencommissie. Na afloop van zijn werk deelde Van Kemenade mee dat het fotorolletje ,,vrij onbelangrijk was''. Een menselijke fout. Hij keek in de camera's en sprak: ,,Geen doofpot. Vergeet het fotorolletje.''

Uit NOVA bleek echter dat Van Kemenade daar helemaal geen onderzoek naar had laten doen. De laborant die het per ongeluk onbruikbaar zou hebben gemaakt, is zelfs nooit gehoord. Evenmin liet de commissie het verknoeide rolletje onderzoeken. Was dat wel gebeurd (NOVA kreeg er de beschikking over en deed wat Van Kemenade naliet) dan had de conclusie moeten luiden dat de foto's wel degelijk opzettelijk zijn vernietigd. Eerder al had het radioprogramma Argos aannemelijk gemaakt dat de commissie-Van Kemenade zelf onderdeel was van een operatie-doofpot.

Nu gaat het me hier niet om het fotorolletje, maar om Van Kemenade. Zo'n keurige man. Net als Alders oud-minister en Commissaris der Koningin. Een man met een goede reputatie. Waarom zou zo'n bestuurlijk zwaargewicht, belast met het ophelderen van een zaakje dat een uur in de wind stinkt, willens en wetens een ondeugdelijk onderzoek verrichten en zonder feitelijke gronden allerlei geruststellende onwaarheden in de wereld helpen? Het antwoord zal wel moeten luiden dat het doel de bescherming van de eer van de Nederlandse strijdkrachten was. De doofpottencommissie werd door Defensie in het leven geroepen om een parlementaire enquête naar `Srebrenica' te verhinderen.

Daar heeft Van Kemenade zich voor geleend en hij is ermee weggekomen. Laat nu dezelfde alleskunner voorzitter zijn geweest van een werkgroep die de rechterlijke macht ervan heeft beschuldigd het openbaar bestuur te ondermijnen. (`Bestuur in geding', 1997). De rechter zou volgens de zelfbenoemde werkgroep-Van Kemenade, waar ook Peper lid van was, op de stoel van de politiek gaan zitten. En kijk nu eens met welk aplomb bestuurders op de stoel van de rechter gaan zitten en recht spreken in eigen zaak. In een rechtstaat is de overheid onderworpen aan het recht, maar wij hebben inmiddels een onderzoekersstaat. Daar is de rechtsbescherming ondergeschikt aan gebrekkige en willekeurige politieke onderzoekscommissies.

Van Kemenade is – dankzij het journalistieke wantrouwen van Argos en NOVA – volkomen ongeloofwaardig geworden. Daarmee is het systeem van onderzoek door de overheid in eigen zaak gediskwalificeerd. Waar herstel van vertrouwen van de burgers het hoogste doel is, komen de leugens om bestwil op de proppen. Een Commissaris van de Koningin, door de regering benoemd, is niet in staat tot onafhankelijk onderzoek.

Wie onderzoekt de onderzoekers? Dat lijkt me een urgente kwestie te worden in de Nederlandse onderzoekscultuur. Als we Van Kemenade niet kunnen vertrouwen, wie dan wel? De minister van Defensie soms? Nee, zijn vege lijf werd door het doofpotonderzoek gered. De minister van Binnenlandse Zaken dan, die formeel als enige Van Kemenade ter verantwoording kan roepen? Nee, oude-jongens-krentenbrood. De Tweede Kamer? Nee, die zag af van een Srebrenica-enquête en kan over deze zaak niemand, ook Van Kemenade niet, onder ede horen.

Al die bezweringsrituelen, die rouwverwerking, die politieke psychotherapie, die gratuite onthutstheid en schaamte van bestuurlijk Nederland naar aanleiding van Volendam en Enschede – het is allemaal bijzonder roerend. Maar vertrouwen? Stuur eerst Van Kemenade de laan uit, dan praten we verder.