Wek de linie tot leven

De Nieuwe Hollandse Waterlinie moet een representatieve `megasingel' worden. Het kabinet heeft grootse plannen, maar ook kunstenaars hebben ideeën over het gebied.

Batterij, beer, caponnière, contrescarp, kazemat, lunet, ravelijn, reduit. Woorden die wachten op een schrijver. Toch heeft alleen F.B. Hotz zich laten inspireren door de Hollandse Waterlinie en de taal die daarbij hoort. Hij verzon er een prachtige aanduiding voor: dood weermiddel, de titel van zijn eerste verhalenbundel. In het gelijknamige verhaal ziet een eenzame vestingbouwer de negentiende eeuw aan zich voorbijtrekken. Zijn verdedigingswerk, immer op weg naar perfectie, wordt na iedere verbetering ingehaald door nieuwe militaire technieken.

Als het aan de plannenmakers van vier ministeries ligt, verandert de Nieuwe Hollandse Waterlinie van `dood weermiddel' in `vitale megasingel'. De linie is uitgeroepen tot Nationaal Project en is genomineerd voor de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Na de Stelling van Amsterdam verdient ook deze verdedigingslinie een plaats op de erelijst van uniek erfgoed. Wat nu nog nutteloos en verscholen in het landschap ligt, moet het paradepaard worden van ons cultuurhistorisch besef. In de woorden van de projectleider: ,,Wat mij voor ogen staat is dat de Nieuwe Hollandse Waterlinie opnieuw Neêrlands trots wordt. Zodat een Nederlandse minister over pakweg vijftien jaar zijn gasten van een Chinese handelsdelegatie kan laten zien hoe wij vroeger gebruik maakten van een zo kenmerkend element in ons land, het water.''

De eerste keer dat het water werd gebruikt was tijdens de opstand tegen de Spanjaarden, eind zestiende eeuw. Steden werden beschermd door het omringende gebied onder water te zetten. Prins Maurits nam het initiatief voor een linie die Holland en Utrecht moest beschermen tegen aanvallen uit het zuiden of oosten. In het rampjaar 1672 werd de Hollandse Waterlinie voor het eerst in staat van verdediging gebracht. Tussen Muiden en Gorinchem, langs Woerden en Schoonhoven, lag een zone van een halve meter water: te diep om doorheen te waden, niet diep genoeg om doorheen te varen. Jammer dat het ging vriezen en de soldaten van Lodewijk XIV konden oversteken, een euvel dat zich bij de volgendeFranse inval opnieuw zou voordoen.

De Oude Hollandse Waterlinie kreeg een verbeterde opvolger. Tussen 1815 en 1940 is permanent gebouwd aan de Nieuwe Hollandse Waterlinie, ten oosten van de stad Utrecht. De linie, 85 kilometer lang, loopt van het IJsselmeer tot de Biesbosch. Ruim twintig forten, aangevuld met tientallen batterijen en andere vestingwerken, bewaken de plaatsen die niet onder water kunnen worden gezet, bij sluizen of toegangswegen. Zwaardere munitie maakt permanente aanpassing van de forten noodzakelijk, maar tegen de in 1885 geïntroduceerde brisantgranaat waren zelfs de dikste muren niet bestand. Anders dan haar voorganger heeft de Nieuwe Hollandse Waterlinie haar defensieve functie nooit kunnen waarmaken. In 1940 vlogen de Duitse vliegtuigen hoog over water en forten, en dropten de parachutisten achter de linie. Het weermiddel, te ingenieus voor brute aanvalsmethoden, werd afgedankt.

Rehabilitatie

Decennia lang werd er niet naar de restanten omgekeken, maar nu is de rehabilitatie nabij. Cultuurhistorie heeft de warme belangstelling van dit kabinet, met name van de ministeries van Landbouw Natuurbeheer en Visserij, Onderwijs Cultuur en Wetenschappen, Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Verkeer en Waterstaat. Twee jaar geleden kwamen zij met de Nota Belvedere, over de haat-liefde verhouding tussen cultuurhistorie en ruimtelijke ordening. Beschermen van het verleden en ontwerpen van de toekomst staan vaak tegenover elkaar, maar de Belvedere-plannen streven naar verzoening. Om de eenvormigheid in Nederland tegen te gaan, moet er meer aandacht komen voor lokale kenmerken van een regio of stad. Archeologische, landschappelijke en bouwkundige elementen moeten worden benut door planologen. Hét voorbeeld voor dit streven is de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

Kunstenaars worden zelden betrokken bij dit soort plannenmakerij. Ten onrechte, vindt tentoonstellingsmaker Brigitte van der Sande, en vroeg aan binnen- en buitenlandse kunstenaars om hun visie op de waterlinie te laten zien. Morgen opent de manifestatie Waterproof in Fort Asperen in de Betuwe, waar Van de Sande al twee keer eerder de kunstmanifestatie in de zomermaanden verzorgde. 's Winters is het fort gesloten, dan wordt het overgenomen door de vleermuizen.

Wek de linie tot leven, luidde het verzoek aan de deelnemende kunstenaars. Nodig de bezoeker uit om verleden en toekomst van de linie aan den lijve te ervaren. Bijvoorbeeld door hem in het fort te laten slapen. Het ombouwen van forten tot luxe-hotels, naar voorbeeld van de in kastelen en kloosters gevestigde paradores in Spanje, is een van de opties die wordt overwogen als toekomstige functie. Zonder luxe kan het nu al: Fort Spion is een mini-camping en in Fort Vuren kunnen wandelaars en fietsers overnachten.

Sober maar volmaakt idyllisch is een overnachting in het tuinhuisje van Piet Hein Eek. Het huisje, zoals altijd bij Eek opgetrokken uit afvalhout, is net groot genoeg voor een gloednieuwe tafel met stoelen, een oud-granieten gootsteen met een boilertje uit het museum en een uitnodigend bed achter de klamboe. Wie hier slaapt, is bovendien het dichtst bij de buitendouche van Joep van Lieshout, met uitzicht over de moestuin van de buren. Binnen in het fort is het minder knus, zonder uitzicht en met klamme muren. Claudy Jongstra laat haar gasten slapen op strobalen met een laag vilt, Dorine de Vos maakte een anti-design slaapkamer met veel foto's en frutsels. Zeven slaapkamers telt het fort, en voor 150 gulden is diner en ontbijt inbegrepen.

Ook in andere hotelfuncties wordt voorzien. Wie wat wil drinken kan terecht in de bar van Maxime Ansiau, `ontspannen' kan bij het virtuele oorlogsspel van Calin Dan. Het zelfreinigende toilet, waarbij de gebruiker door een glazen ruitje kan zien hoe zijn poep wordt omgezet in compost, is van Joep van Lieshout. Jan Versweyveld, vaste vormgever van theatermaker Ivo van Hove, maakte een letterlijke oase van rust. Eén voor één kunnen bezoekers plaatsnemen in zijn meditatieruimte, waar ze even alleen zijn met steuren en koi-karpers. Ook al staat het fort bol van vocht, het visvijvertje is een verrassing en doet precies wat het wil doen: de passant tot stilstand brengen.

Volledig toegesneden op de locatie, en de mooiste bijdrage in Fort Asperen, is van landschapsarchitect Paul Roncken. Hij laat het verleden spreken door de muren af te luisteren. Omdat de stenen muren vol water zitten, en water geluid opslaat, is het volgens Roncken mogelijk om met fijne meetapparatuur het `auditieve geheugen' van het fort aan te boren. Hoe dieper in de muur wordt gemeten, hoe verder terug in de tijd, en hoe eentoniger het geluid. In het ideale geval reist de verbeelding het oor achterna, steeds dieper de muur in, terug in de tijd. Het isolement van de smalle keldergang, behangen met meetapparatuur, gekleurde draadjes en koptelefoons, helpt daarbij. De verwarring over wat waar is en wat onzin, vergelijkbaar met de fake-documentaires van een paar jaar geleden, maakt het auditieve geheugen prikkelend.

Partycentrum

Fort Asperen is dankzij de zomerse manifestaties waarschijnlijk het bekendste fort van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De huidige gebruikers van de andere forten lopen uiteen: Voordorp is een partycentrum, Hoofddijk is onderdeel van de botanische tuin van de Universiteit Utrecht, in Nieuwe Steeg zit een Belgische wapenfabrikant, in Steurgat komen luxe-appartementen. Sommige forten zijn in bezit van particulieren, veel zijn er van Defensie en Staatsbosbeheer. Soms zijn ze vrijwel onvindbaar, het militaire belang eiste zo min mogelijk ruchtbaarheid. Het enige idee dat niet werd gerealiseerd voor Waterproof was het plan om een fort terug te geven aan de natuur en volledig af te sluiten. Staatsbosbeheer vond het een mooi plan, maar achtte het onuitvoerbaar. Volledig afsluiten is in Nederland onmogelijk, mensen gaan met snijbranders de hekken openmaken omdat ze per se naar binnen willen.

Samenhang moet er komen, vinden de vier ministeries, die de regie hebben toebedeeld aan Geke Faber, staatssecretaris van LNV. Integrale benadering is het sleutelwoord. De Nieuwe Hollandse Waterlinie moet een herkenbare eenheid worden, geen verzameling van lokale initiatieven. Die samenhang zal niet meevallen, want daarvoor moet overeenstemming worden bereikt tussen vier ministeries, vijf provincies, vijf waterschappen en 27 gemeenten. Dus werd er een stuurgroep opgericht om al die overheden bij elkaar te brengen, en een projectbureau om plannen te maken.

Komend najaar presenteren vijf ontwerpers hun scenario's, elk met een eigen perspectief voor de linie. De een kijkt naar waterbeheer, de volgende naar de natuur, een derde naar toeristische mogelijkheden, een vierde naar museaal behoud en een vijfde naar stedelijke functies aan de rand van de Randstad. Volgens projectleider Leny van Vliet-Smit worden de ideeën omwille van de discussie gescheiden ontwikkeld, maar zal het uiteindelijke plan een combinatie zijn van de vijf perspectieven.

Wie termen gebruikt als `megasingel', `robuuste verbindingszone' en `Natte As' wekt wantrouwen. Het ergste wat de waterlinie kan overkomen is een rigoureuze opknapbeurt. Er is al een logo, en er zijn ongetwijfeld ambtenaren die heel graag een gestandaardiseerd bordje met dat logo en een toelichting bij elk vestingwerk willen plaatsen. Juist de onbestemdheid rondom de forten is mooi, in een land waar elk stukje natuur is opgenomen in minstens twee wandel- en fietsroutes met bijbehorende bordjes. Maar goed dat al die overheden het waarschijnlijk nooit eens zullen worden, dat voorkomt gelijkschakeling van een gebied waar nu nog iets te ontdekken valt.

De deelnemers aan Waterproof hebben geen last van praktische of bureaucratische beperkingen. Drie buitenlandse kunstenaars presenteren ambitieuze plannen voor de hele waterlinie. Georges Descombes uit Zwitserland suggereert een proefzone voor alternatieve landbouw. De Amerikaanse Agnes Denes offert tal van gemeenten op aan een natuurgebied, maar ze verkijkt zich op de plattegrond. Sprookjesachtig is haar transparante fort, een glaspaleis. De Britse theatermaker Cliff McLucas komt met een uitvoerbaar en interessant plan voor `deep mapping': een enorme plattegrond waar mensen overheen kunnen lopen en waar de ontwikkeling van de waterlinie in aanvullende lagen op wordt bijgehouden.

Jeanne van Heeswijk bezoekt deze zomer zoveel mogelijk onderdelen van de linie, en doet daarvan verslag op de website www.dehollandsewaterlinie.nl. Ze vergelijkt de waterlinie met het raketschild van Bush, ook een verdedigingsgordel die is gebaseerd op afschrikking door projectie. De afschrikking werkt omdat de ander zich er een beeld van vormt, ongeacht de werkelijke verdienste van de verdediging. Een virtuele reis langs de linie, met speciale aandacht voor de ontoegankelijke forten, sluit daar bij aan.

De ideeën in Fort Asperen zijn spannender dan die in de `startnotitie' van het projectbureau Nieuwe Hollandse Waterlinie. Alle beleidsmakers en ontwerpers moeten deze zomer naar de Betuwe. En daar moeten ze minstens een uur doorbrengen in de bioscoop van Job Koelewijn. Eerder stond de container, met een opening op de plaats van het bioscoopdoek, in een Fries weiland en in Antwerpen. Een mooiere plek dan bovenop Fort Vuren is moeilijk denkbaar. Gevangen in een zwarte doos kijk je naar een natuurfilm, met in de hoofdrol de tussen bomen stromende Waal.

Waterproof - Kunstenaars verkennen de toekomst van de Hollandse Waterlinie. Van 23 juni t/m 30 sept. in Fort Asperen, Fort Vuren en Slot Loevestein (30 juni gesloten). Reserveren voor overnachtingen in Fort Asperen bij de VVV Leerdam: 0345-613057.

Bij de manifestatie verschijnt het boek `De Nieuwe Hollandse Waterlinie', met bijdragen van Nicolaas Matsier, Carl de Keyser en Selma Schepel. Uitg. St. Fort Asperen/Waanders.

Beschermen van het verleden en ontwerpen van de toekomst staan vaak tegenover elkaar

Het ergste wat de waterlinie kan overkomen is een rigoreuze opknapbeurt