Plichtsverzuim

HANDHAVING VAN de brandweervoorschriften moet regel zijn. Uitzonderingen kunnen hoogstens bij onevenredige hardheid worden toegestaan. Dit zei de commissie-Polak/Versteden vorige maand in het rapport ,,Een brand om van te leren'' dat zij op verzoek van de gemeente uitbracht over de nieuwjaarsramp in Volendam. Deze les wordt nu van een uitroepteken voorzien door de commissie-Alders. Haar rapport geeft een onthutsend beeld van een ondernemer en een gemeente voor wie brandveiligheid niet telde. Net als bij de vuurwerkramp in Enschede ligt de eerste verantwoordelijkheid bij de eigenaar van het rampbedrijf. De Volendamse cafébaas had ook zonder aanmaning door de overheid kunnen weten dat hij geen ontvlambare versiering behoorde te gebruiken en dat de nooduitgangen niet deugden. Hij heeft in de rampnacht ook willens en wetens viermaal zoveel mensen toegelaten als zijn zaak aankon.

Dit doet echter niet af aan de beschamende achteloosheid die de overheid aan de dag legde. Het gemeentebestuur is volgens de onderzoekscommissie veertien jaar lang ernstig tekortgeschoten in zijn wettelijke zorgtaak. Het rampenplan was in de woorden van Alders ,,niet meer dan een verouderd telefoonboek'', de algemene bestuurlijke geoefendheid was afgenomen. Kwalijk is dat geen enkel lid van het college van B en W zich verantwoordelijk voelde voor brandpreventie. Deze, zeker in een uitgaansgemeente, niet te verwaarlozen aangelegenheid moest het stellen zonder portefeuillehouder.

DE DIAGNOSE DIE de commissie stelt, is zo hard dat onvermijdelijk de vraag rijst of dit niet moet leiden tot een strafvervolging tegen de gemeente. De rechtspraak van de Hoge Raad staat hieraan in de weg. Het hele rapport-Alders staat in het teken van exclusieve overheidstaken. Een gemeente kan volgens het hoogste rechtscollege alleen strafrechtelijk worden aangepakt voor de uitvoering van taken die ook door derden kunnen worden verricht. In het geval van Volendam is al eerder bepleit dat het openbaar ministerie toch maar een strafzaak tegen de gemeente probeert. Aan avonturisme van deze kant is echter weinig behoefte. Met reden was er enkele jaren geleden kritiek op minister Korthals (Justitie) die een proefproces over preventief fouilleren in de Millinxbuurt uitlokte hoewel hij op zijn vingers kon natellen dat de rechter dit niet kon goedkeuren, hetgeen ook gebeurde. De minister heeft alsnog een voorstel tot wetswijziging ingediend, waar ook nog het nodige over valt te zeggen maar dat in elk geval de koninklijke weg volgt.

Het rapport-Alders is koren op de molen van Kamerleden die bepleiten de strafrechtelijke immuniteit van de overheid maar helemaal af te schaffen. De regering ligt tot dusver dwars. In elk geval kan het verwijt van plichtsverzuim niet zonder gevolgen blijven. Het probleem is wel dat Volendam blijkens een recent rapport van de Rekenkamer niet alleen staat met een rammelende rampenbestrijding. Er is geen enkel excuus meer om rampenbestrijding niet bovenaan de urgentielijst te plaatsen. Het onderwerp moet, zoals een Kamerlid na de presentatie van het rapport-Alders zei, ,,absolute prioriteit krijgen bij de gemeenten''. Dat is een juiste opmerking, die echter deel uitmaakt van het probleem.

DE GROTE OPGAVE is gemeenten van hogerhand onder druk te zetten zonder dat zij hun verantwoordelijkheden kunnen afschuiven op provincie of rijk. Dat geldt voor het hele thema van veiligheid en controle. Ook het recept van Alders is juist maar onvolledig: ,,doen''. Honderd procent handhaving is echter niet alleen onmogelijk, het is ,,niet zelden contraproductief'', zoals de Raad van State waarschuwt in zijn jongste jaarverslag. De neiging is begrijpelijk om na Volendam alle gedogen in de ban te doen. Maar dat is om twee redenen te simpel. Ten eerste is het plichtsverzuim van het gemeentebestuur iets anders dan gedogen. Een werkelijk gedoogbeleid is een zorgvuldige keuze. Regelrechte lamlendigheid valt daar buiten. Een tweede complicatie is dat gedogen, zoals de commissie-Polak/Versteden al constateerde, vaak te maken heeft met ,,te hoog opgeschroefde of ongenuanceerde regelgeving''. Behalve een spoedcursus voor gemeentebesturen is dan ook een spoedsanering van de regelvloed nodig. Die moet toch weer uit Den Haag komen.