New York Times prijst romans en strandboeken

Het boek The two hearts of Kwasi Boachi, de vertaling van De zwarte met het witte hart van de Nederlandse schrijver Arthur Japin wordt door The New York Times aanbevolen in de jaarlijkse lijst zomerboeken. Volgens de krant – die een veertigtal boeken uit het aanbod van het afgelopen halfjaar selecteerde is Japins boek `een rijke, ruimtelijke en menselijke eerste roman, zich afspelend in de negentiende eeuw, door een Nederlandse schrijver wiens hoofdpersoon, een Ashanti-prins, min of meer wordt gegijzeld in de jaren 1830 en wordt gedwongen te leven in een ballingsoord waar een zwarte man geen waarde heeft'.

In de afdeling non-fictie prijst de krant ook een boek van een van oorsprong Nederlandse auteur; het onlangs in deze krant besproken The Ape and the sushi master van de in de Verenigde Staten werkende bioloog Frans de Waal (zie Boeken, 8 juni). De krant noemt het `een boeiende studie van een van 's werelds belangrijkste primatologen, waarin wordt beweerd dat de cultuur meer verschuldigd is aan de lagere orden dan mensen gewoonlijk geloven'.

Een week na de publicatie van deze lijst (met verder voor de hand liggende boeken als de recentste romans van Philip Roth, Don Delillo, Julian Barnes en Anita Brookner) heeft de krant overigens een andere lijst aanbevelingen gedaan, voor de beste `strandboeken'. Dit onder het motto: `Waar zelfs een niet-goed boek niet slecht kan zijn'. Tot de uitverkoren edelpulp behoort Good in Bed, het debuut van Jennifer Weiner, French Lessons. Adventures with Knife, Fork and Corkscrew van Peter Mayle, Hollywood Wives: The New Generation van Jackie Collins en de biografie Down the Highway. The Life of Bob Dylan door Howard Sounes (zie Boeken, 11 mei).