Wat minder verfijning levert meer bruikbaars op

In de nieuwe installaties voor afvalscheiding kan steeds meer worden teruggewonnen. Wat wordt verbrand, levert weer energie op.

JA, BEAAMT DICK SPANJAARD als we samen door de gangen van zijn kantoor lopen, ,,alle huishoudelijk afval ruikt hetzelfde. Het is een onmiskenbare geur, je ruikt het onmiddellijk.'' Ir. D.J. Spanjaard is manager bij Essent Milieu in Wijster, een afvalscheidings- en verbrandingsinstallatie die twee jaar geleden nog bekend stond als VAM. Met de nieuwe installatie – pas vijf jaar in bedrijf – is Essent de grootste afvalscheider van Nederland. Daarnaast staat in Wijster de grootste composteerinstallatie van Europa.

Afval scheiden is lang gezien als een soort `derde weg', naast storten en verbranden. Mechanische scheiding van het restafval (oud papier, composteerbaar gft en glas zijn er `aan de bron' al grotendeels uit) zou een scala aan herbruikbare fracties opleveren. Als het aanbod van deze fracties er eenmaal was, zou zich vanzelf een markt vormen, was de gedachte.

Reeds in 1980 werd daarvoor door VAM in Wijster een scheidingsfabriek gebouwd. ,,Die eerste fabriek'', zegt Spanjaard, ,,was achteraf gezien te verfijnd. De installatie scheidde van alles en nog wat. Het grote bezwaar was de beperkte beschikbaarheid: er ging van alles kapot. We hebben hem natuurlijk verscheidene malen aangepast. Maar wat we ervan geleerd hebben, is dat we de scheiding veel eenvoudiger moeten houden. De nieuwe installatie die we in 1996 in bedrijf namen, is zeer robuust. Er zijn drie parallelle scheidingsstraten van elk 40 ton per uur. Dus als er eens een uitvalt, gaat de productie gewoon door. In feite hebben we zelfs een behoorlijke overcapaciteit.''

De ovens verbranden het hoogcalorische afval, in vaktermen RDF (refuse derived fuel), een van de producten die door de scheidingsinstallatie wordt uitgesorteerd. RDF bestaat in hoofdzaak uit papier en plastic. Met de vrijkomende warmte wordt – zoals inmiddels vrijwel standaard in Nederland – elektriciteit opgewekt. Deze wordt voor het grootste deel aan het net geleverd.

Een nog betere kwaliteit RDF wordt echter verkocht: aan de cementindustrie voor het branden van cement en aan Scandinavië waar het wordt ingezet voor de stadsverwarming. Dit laatste product kan redelijk schoon verbrand worden zonder uitgebreide rookgasreiniging. De afvalverbrandingsinstallaties in Nederland hebben daarvoor wel uitgebreide voorzieningen – de helft tot een derde van een AVI (afvalverbrandingsinstallatie) bestaat uit rookgasreiniging.

Voor het scheiden worden vier technieken ingezet. Ten eerste gewoon zeven. Dat gebeurt in grote, ronddraaiende trommelzeven, zo groot als een huiskamer. De doorsnede van de gaten bepaalt wat er doorgaat: er ontstaat een grove en een fijne fractie.

Ten tweede de windzifters. Hierbij valt het afval door een luchtstroom. De relatief lichte dingen (papier, plastic zakken, karton, folies) worden weggeblazen, de zware voorwerpen (steen, glas, metaal) vallen erdoor.

Ten derde worden de ijzeren en stalen voorwerpen weggenomen met elektromagneten. Blikjes, buizen, kleine apparaten, spijkers, schroeven, alles wat maar van ijzer of staal (ferroschroot in vaktermen) is, wordt weggevangen. In de meeste huisvuilverbrandingsinstallaties gebeurt dit achteraf, dus na de verbranding. Het kleine schroot wordt nog nagesorteerd op batterijen en kroonkurken.

Spanjaard: ,,De voorscheiding die wij uitvoeren heeft wat dit betreft enkele voordelen. Vertind blik heeft als product een iets hogere waarde dan verbrandingsschroot – en door het verbranden verdwijnt het tin. Maar belangrijker is dat de RDF die wij verbranden veel homogener is dan ongesorteerd huisvuil. Procestechnisch is dat een groot voordeel. Wij kunnen de verbranding beter beheersen. De askwaliteit is mooier en de inzetbaarheid is groter.''

Na de verbrandingsoven wordt de slak nog gesorteerd op nonferroschroot, in hoofdzaak aluminium en koper. Dat gebeurt met wervelstroomtechniek (eddy current) waarbij een sterke elektromagneet voorwerpen van nonferrometaal wegduwt en het daarmee scheidt van de steenachtige slakken. Het gaat daarbij in hoofdzaak om aluminium en koper. Spanjaard: ,,Er loopt nog onderzoek om dit non-ferromateriaal voorafgaand aan de verbranding terug te winnen, maar dit wordt een afweging van kosten en baten.'' Bij verbranding verast het dunwandig aluminium, dus voorscheiding zou meer opleveren. Daar staat tegenover dat in Nederland de meeste drankblikjes van staal zijn en niet van aluminium.

De bodemslak wordt afgezet als funderingsmateriaal voor wegen. Door de goede procesbeheersing is de uitloogbaarheid van zware metalen gering. Als de markt erom vraagt, zou uit het waswater van de rookgasreiniging ook nog gips gewonnen kunnen worden.

Spanjaard: ,,Je kunt Wijster beschouwen als een afvalverbrander met voorgeschakelde scheidingsinstallatie. In verwerkingskosten maakt het niet veel uit. Het verschil is dat wij het proces beter kunnen sturen. En een groter deel van het afval krijgt een nuttige bestemming dan bij gewone verbranding.''