Strijders voor Vrij Papoea weer actief

Twee Belgische televisiemakers, die sinds begin juni worden vermist in de Indonesische provincie Papoea (voorheen Irian Jaya), blijken te zijn ontvoerd door een strijdgroep van de Organisatie voor een Vrij Papoea (OPM). Zij worden vastgehouden bij Ilaga, een plaatsje in het ontoegankelijke Centrale Bergland, aan de noordelijke grens van het Lorentz Natuurreservaat.

De Belgen werden volgens de politie op 7 juni als vermist opgegeven. Dezer dagen werd de rooms-katholieke kerk in de provinciehoofdstad Jayapura benaderd door een groepje OPM-strijders dat wordt aangevoerd door Titus Murip. Zij zouden de beide Belgen al sinds 5 juni vasthouden. Een woordvoerder van de kerk meent dat zij de aandacht willen vestigen op hun strijd voor een onafhankelijk West-Papoea. De ontvoerders vroegen om een ontmoeting met vertegenwoordigers van de katholieke kerk en het evangelische kerkgenootschap Kingmi, die beide een groot aantal lidmaten tellen onder de Bergpapoea's.

De provinciale politiechef, inspecteur-generaal Made Mangku Pastika, heeft de onderhandelingen met de ontvoerders aanvankelijk toevertrouwd aan het districtshoofd van Ilaga. Gisteren gaf hij de beide kerkgenootschappen het groene licht voor een ontmoeting.

De OPM heeft sinds de val van ex-president Soeharto in 1998 enige tijd geen acties van betekenis ondernomen. In februari 2000 hebben Papoea-notabelen – traditionele leiders, onderwijzers en protestantse dominees – zich georganiseerd in de Papoearaad, die zegt langs vreedzame weg te ijveren voor een onafhankelijk West-Papoea. Het Papoea-Presidium (PDP), het uitvoerende orgaan van deze bovengrondse, maar nog steeds niet legale beweging, heeft deelname van OPM-strijders afgehouden. Dit heeft kwaad bloed gezet bij enkele OPM-commandanten, die, zeggen zij, sinds de overdracht van westelijk Nieuw-Guinea door Nederland aan Indonesië, in 1963, de zaak van een `vrij West-Papoea' levend hebben gehouden. Nu de door het PDP bepleite `dialoog' met Jakarta in het slop zit, steekt de OPM de kop weer op.

Op 30 maart overviel een gewapende groep een Indonesisch bedrijf dat hout kapt in de Vogelkop, het uiterste westen van Papoea, en is verwikkeld in een conflict met de lokale bevolking over grond. Bij deze actie werden drie werknemers gedood. Daarop werden leden van de Mobiele Brigade (Brimob), speciale politietroepen, naar het gebied gestuurd. Zij traden vooral hard op tegen dorpsbewoners die betrokken waren bij het geschil. Op 13 juni heeft een `onbekende bewapende groep' een post van de Brimob aangevallen in Wondiboi, eveneens in de Vogelkop, waarbij vijf agenten werden gedood.