Geweld, crisis en profiteurs

Zimbabwe, eens een bloeiend Afrikaans land, verkeert in een diepe crisis. Het jongste politieke geweld verlamt de economie. Of ging het al eerder mis? ,,Help ons Mugabe met de zweep het land uit te jagen.''

Bij reisbureau Relux Travel in Harare hadden ze de hele vorige maand één buitenlandse klant. Tot een jaar terug verschenen hier maandelijks wel honderd toeristen, voor het boeken van excursies, safari's en rondleidingen. ,,Onze zaken zijn dood, morsdood, het enige dat we nog verkopen zijn vliegtickets aan Zimbabweanen die het land willen verlaten'', zegt de manager.

Het toerisme is een van de zwaarst getroffen sectoren van de Zimbabweaanse economie. Maar ook elders is het kommer en kwel, de mijnbouw, de landbouw, de industrie: de hele economie lijdt onder de instabiliteit die de regering-Mugabe met haar `politisering' teweeggebracht heeft.

Jarenlang was Zimbabwe voor toeristen een ideale bestemming, met een combinatie van natuurschoon – Victoria watervallen, Kariba-meer, wildparken – culturele rijkdom en goede verbindingen. Maar het politieke geweld dat begin vorig jaar losbrak, doet de meeste toeristen wegblijven en heeft het toerisme vrijwel tot stilstand gebracht. Hoewel hotelmanagers en overheidsfunctionarissen hun uiterste best doen de ernst van de situatie te bagatelliseren – zeggen dat het heel erg is zou de laatste bezoekers ook nog wegjagen – weet iedereen dat de hotels leeg staan en de vliegtuigen bij gebrek aan passagiers aan de grond blijven.

Op de anders druk bevlogen route tussen Harare en Victoria watervallen is nu nog één vlucht van Air Zimbabwe per dag en zelfs deze wordt nog regelmatig wegens gebrek aan belangstelling geannuleerd. Vrijwel alle grote internationale luchtvaartmaatschappijen, waaronder KLM en Air France, mijden Zimbabwe. Alleen British Airways doet Harare nog aan voor intercontinentale vluchten. Dankbare profiteurs zijn de Zuid-Afrikanen.

South African Airways heeft zijn vluchten opgevoerd en een nieuwe route geopend naar Livingstone, ook gelegen aan de watervallen, maar dan in Zambia. Ook de Zambianen kunnen hun geluk niet op. Hun kant van de watervallen was altijd een armetierige, onderontwikkelde aangelegenheid. Tot het politieke geweld in het buurland begon. In een jaar tijd stampte de hotelketen Sun International South Africa aan de Zambiaanse zijde een groot hotelcomplex uit de grond.

Zimbabwe voldoet aan alle voorwaarden die van een ontwikkelingsland een goed ontwikkelde staat kunnen maken: voldoende grondstoffen, uitstekende landbouwomstandigheden, een tamelijk homogene, niet al te grote bevolking, een goede infrastructuur en een relatief hoog opleidingsniveau. ,,Ons grootste probleem is macro-economische instabiliteit", zegt Lindani Ndlovu, general-manager van het bureau Intermarket Research in Harare.

Ndlovu legt uit dat de crisis niet pas vorig jaar begon met de gewelddadige campagne van door president Mugabe gesteunde oorlogsveteranen tegen blanke boeren en grote bedrijven. De analist gaat terug naar het begin van de jaren negentig, toen het IMF enige miljarden dollars in Zimbabwe pompte, hoofdzakelijk ter ondersteuning van de betalingsbalans, om het land op weg te helpen. Daar stond een heel pakket maatregelen waar Harare zich aan zou moeten houden tegenover, als terugdringing van het financieringstekort, beteugeling van de inflatie, besnoeiing op overheidsuitgaven en privatisering van staatsbedrijven. Daar kwam weinig van terecht, zegt Ndlovu.

Vanaf 1997 ging het bergafwaarts. Eerst eisten èn kregen de 50.000 oorlogsveteranen van hun regering elk een grote zak met geld, `voor bewezen diensten' tijdens de antikoloniale strijd van de jaren zeventig. Het waren uitgaven die de staatskas verre te boven gingen. Daarna, in 1998, stuurde Mugabe zijn troepen naar de oorlog in Democratisch Congo, opnieuw een aderlating van jewelste. Het IMF staakte verdere leningen. Vanaf 1999 begon de landkwestie op te spelen, resulterend in de permanente bezetting van 1.700 boerderijen. Intussen kwam van de IMF-voorwaarden helemaal niets meer terecht. ,,We hadden meteen vanaf 1996 moeten privatiseren", zegt Ndlovu, ,,we hebben veel geld en terrein verloren.''

Hij kenschetst de economische politiek van Zimbabwe in het afgelopen decennium als ,,vrijwel non-existent", waarbij de regering te pas en te onpas intervenieerde. Met andere woorden: als president Mugabe geld nodig had, onder meer voor zijn eigen luxe, ging hij het halen bij de minister van Financiën. De bejaarde leider (77 inmiddels) zag vorig jaar zelf ook wel in dat er op dit terrein iets moest gebeuren en hij benoemde daarom een nieuwe bewindsman op Financiën, de jonge technocraat Simba Makoni. Die was kortgeleden in het Zuid-Afrikaanse Durban te gast op het World Economic Forum, waar hij toehoorders verraste met zijn fris-van-de-lever-aanpak en een opvallend pragmatische benadering.

De minister wond er geen doekjes om en zocht niet naar excuses: ,,Ons land bevindt zich in een diepe crisis.'' Hij veroordeelde zelfs met zoveel woorden de bezettingen van de boerderijen door de oorlogsveteranen en zei dat dit geen regeringspolitiek was.

Waarnemers in Harare geloven dat Makoni de zaken bewust op scherp heeft gezet. Als hij zijn zin niet krijgt, zou hij hetzelfde kunnen doen als een andere vakminister, die vorige maand uit ontevredenheid met het regeringsbeleid opstapte. Makoni wees er wel op dat het de vierde maal is dat zijn land door een diep dal gaat, ,,en we zijn er steeds bovenop gekomen''.

In Zimbabwe kwamen tot dan toe onbekende activiteiten als bloementeelt en struisvogelboerderijen in de jaren tachtig en negentig van de grond, gelokt door de vruchtbare bodem, regens en het matig-warme klimaat, met een betrekkelijk gering verschil tussen zomer- en wintertemperaturen. Zo streken verscheidene rozenkwekers, onder wie Nederlanders, neer in Zimbabwe. Onder hen de drie gebroeders Ilsink, die in Concession, ten oosten van Harare, het bedrijf Luxaflor runnen. De eigenaars willen liever geen bezoekers, beducht voor eventuele toorn vanuit Harare. Een van de rozenkwekers zegt over de telefoon dat de firma in afwachting is van betere politieke tijden. Zoals de hele zakenwereld van Zimbabwe hoopt men dat het niet lang meer zal duren met het bewind-Mugabe, begin volgend jaar zijn er per slot van rekening presidentsverkiezingen en kan alles anders worden.

De exporteurs van bloemen, fruit en groente voelen de economische crisis aan den lijve. De reusachtige devaluatie van de Zimbabweaanse dollar betekent dat ze een veel hogere prijs moeten betalen voor de import van chemicaliën en andere benodigdheden. Transport van de producten is een probleem geworden door de schaarste aan brandstof en het wegvallen van de vele vluchten naar Europa, de grootste afzetmarkt. En net als de boeren en ondernemingen in de steden loert ook voor de rozenkwekers het gevaar van de onberekenbare oorlogsveteranen, die elk moment voor de deur kunnen staan. ,,Bij ons is het tot nu toe rustig gebleven'', zegt een van de Ilsink-broers.

Het politieke geweld teistert ook de mijnbouw (goud, platina, zware metalen, kolen). Blanke managers worden belaagd of gedwongen te vertrekken, mijnwerkers moeten onder dwang deelnemen aan bijeenkomsten van de regeringspartij ZANU-PF. De managing-director van Zimplats, een grote platina-producent, zegt niettemin dat zakendoen een kwestie van vooruitkijken is. ,,We wonen hier en geloven in dit land'', aldus Roy Pitchford. Zimbabwe heeft grote voorraden van het edelmetaal en kan volgens Pitchford, als deze ten volle worden geëxploiteerd, de tweede producent ter wereld worden, na Zuid-Afrika.

Intussen ligt Zimbabwe voor de zoveelste keer achter met het terugbetalen van leningen aan het IMF. De totale buitenlandse schuld aan verscheidene internationale geldschieters bedraagt inmiddels 4,5 miljard dollar. Opnieuw bleek onlangs hoezeer de interpretaties van Makoni en Mugabe op dit punt verschillen. De minister zei in Durban dat hij met het IMF zoekt naar een oplossing en dat hij het eens is met de opvattingen van het fonds dat de Zimbabweaanse dollar moest devalueren. Mugabe nam op hetzelfde moment in Jakarta deel aan de top van de G-15, waar hij een algehele hervorming van het IMF bepleitte ten gunste van Afrika. In plaats van in te gaan op de voorwaarden en argumenten van de financiële instellingen, stelde hij méér giften en méér zachte leningen aan Zimbabwe voor. Dat zit er niet in. In en buiten Zimbabwe wacht men af wat de komende zes maanden op politiek gebied zal gebeuren, alvorens het land naar de stembus moet.

Tenzij er fraude of geweld aan te pas komt, wordt algemeen aangenomen dat de oppositiepartij MDC daarbij een grote kans heeft Mugabe na ruim twintig jaar uit het zadel te wippen. Ndlovu en andere economisch analisten zijn het er over eens dat een machtswisseling de werkelijke impuls zal betekenen voor herstel van de economie.

Ook de gewone Zimbabweaan snakt naar verandering. Een schoonmaker in het Meikles-hotel van Harare zegt tegen de bezoeker: ,,Neem de volgende keer een vracht sjambokken voor me mee uit Zuid-Afrika. Het is tijd dat we de regering met de zweep verjagen.''