Flutter

,,Hoe noem je een pedicure zonder werk?'' vroeg de oude man die ik af en toe opzoek. ,,Ik zal het maar zeggen, want daar kom je toch nooit op. Voetzoeker! Leuk hè? Ik los tegenwoordig cryptogrammen op, je moet wat. Sinds we in het tehuis zitten, halen ze mijn vrouw elke dag een paar uur op om haar een beetje bezig te houden. Dat betekent dat ik veel meer dan vroeger in m'n eentje zit te koekeloeren. Ik kijk veel televisie voor bejaarden de mooiste uitvinding van de vorige eeuw en ik los puzzels op. Boekenlezen lukt slecht, bij pagina twee val ik al in slaap.

,,Ik ga er weinig uit. Kost me te veel lucht. Mijn vrouw gaat wel mee op uitstapjes. Ze geniet ervan, zeggen de begeleiders, ook al kan ze zich er na afloop weinig meer van herinneren. Dansen doet ze ook graag. Ik schat dat wij de laatste veertig jaar van ons huwelijk twee keer gedanst hebben, maar hier leeft ze zich helemaal uit op het volksdansuurtje. Ze raakte de laatste keer bijna in trance, wat de begeleiders niet goed vonden, want die willen de controle over iemand niet verliezen.

,,Nee, ik heb weinig behoefte aan uitstapjes. Pannenkoekeneten, het museum, het bootreisje, ik heb het vroeger vaak genoeg gedaan met de kinderen. Al die ouwe mensen bij elkaar, het trekt me niet. Er kan ook zo makkelijk iets gebeuren. Mevrouw Hendriks kreeg een beroerte op de Keukenhof! Haar tong sloeg opeens dubbel, ze moesten haar met de ambulance weghalen. Ik zou trouwens nooit hebben gemerkt dat ze opeens met dubbele tong sprak, want voor mijn gevoel deed ze dat altijd al.

,,We krijgen op de kamer vooral veel aanloop van meneer Verwaasdonk. Hij denkt dat hij hier woont, maar zijn kamer is aan de andere kant van de gang. Dus dan gaat opeens onze deur open en komt meneer Verwaasdonk binnengeschreden. Hij blijft in het midden van de kamer staan en kijkt verbaasd om zich heen. Hij begrijpt niet wat wij daar doen. Meneer Verwaasdonk, zeg ik dan, u bent verkeerd, u woont hier niet. Wie zegt dat, stamelt hij, en hij blijft staan. Maar met enige overreding lukt het me uiteindelijk toch om hem weg te krijgen tot de volgende dag.

,,'s Middags gaan we zoveel mogelijk beneden in de zaal warm eten. Je zit met zo'n zes, zeven mensen steeds dezelfde aan een vaste tafel. Voor de meeste mensen is dat het enige uitje van de dag. Wat mij frappeert is hoe de vrouwen zich met sieraden en mooie horloges optuigen. De vrouwen zijn uiteraard ver in de meerderheid, ook aan onze tafel. Het sterke geslacht kijkt verslagen vanonder de groene zoden toe. Ik kan niet zeggen dat de conversatie tussen die vrouwen erg levendig is. Dezelfde generatie, opgegroeid in dezelfde plaats en toch niets te wisselen hebben merkwaardig.

,,Ik blijf lekker dokteren. Ik ben nu verkouden en krijg een apparaatje om het slijm een beetje los te maken. Een flutter. Zegt je dat wat? Mij ook niet. Maar als je het mij vraagt, wordt het leven tegen het einde één grote flutter.''