Carnaval op twee wielen

De jaarlijkse T.T.-motorrace in Assen is een feest van bruisend bier en jankende motoren. Het is het grootste sportfestijn van ons land, maar ook een noordelijk carnaval van, soms platvoerse, uitbundigheid. In het Drents Museum in Assen worden beide facetten uitgebreid belicht in een overzichtstentoonstelling over het 75-jarig bestaan van de eerste Nederlandse motorwegrace.

Vrijwel de gehele benedenverdieping is ingericht met foto's, affiches, souvenirs, 24 authentieke motoren, bekers (inclusief de originele Texacobeker uit 1929), helmen, programmaboekjes, motorpakken en door fanatieke motorliefhebbers bijgehouden plakboeken en fotoalbums. De eerste T.T. (de afkorting staat voor Tourist Trophy) vond plaats op 17 juli 1925. Het was een nationale rit over kasseien, zand en grind. Een jaar later werd een zestien kilometer lang stratencircuit in gebruik genomen bij Assen. Daar waren al 14.000 toeschouwers bij aanwezig.

Op de tentoonstelling zijn foto's en filmbeelden te zien van wedstrijden uit die beginjaren. De commentator heeft het nog over de ,,350 kubieke centimeter klasse''. De Ier Stanley Woods zien we in 1929 tussentijds van zijn motor stappen om bij te tanken. Er waren diverse pits met brandstoftanks om de motoren, die een geringe actieradius hadden, bij te vullen.

De belangstelling voor het Asser motorevenement groeide. In 1947 waren er 67.000 bezoekers en eind jaren zestig 120.000. Uit het hele land vertrokken jarenlang extra treinen (een retourtje Rotterdam-MaasAssen derde klas kostte in 1938 ƒ3). En wie er in 1947 70 gulden voor overhad kon met de KLM vanaf Maastricht en Eindhoven naar Eelde vliegen, om vandaar naar Assen te rijden.

De echte motorfanaat zal smullen van de ,,huilende Scott'' 500 cc met vier versnellingen uit 1936 (topsnelheid 140 km). En natuurlijk van de NSU Sportmax 250 cc uit 1954 met aerodynamisch ogende voorkant.

Ook de sportgeschiedenis komt ruim aan bord. Menig sportliefhebber zal kippenvel krijgen bij de videobeelden van Wil Hartog. De ,,witte reus'' (wegens zijn witte pak, ook te zien in een vitrine. Het schijnt de nu 53-jarige Hartog nog als gegoten te zitten) werd in 1977 als eerste Nederlander afgevlagd als winnaar van de koningsklasse 500 cc. Duizenden uitgelaten toeschouwers begeleidden de coureur al zwaaiend met programmaboekjes naar zijn eindzege. Een sensatie, want Hartog gaf als privé-rijder een serie fabriekscoureurs het nakijken. We zien uitgelaten fans op het circuit knielen om het asfalt te kussen. Drie jaar later had Nederland weer een winnaar in de 500 cc: Jack Middelburg. Ook de motor van ,,Jumping Jack'' een Yamaha TZ – staat te pronk.

Maar de mooiste motor is misschien wel de step die het Asser jongetje en motorgek Willem Jan Kleppe in de jaren vijftig in elkaar knutselde. Hij schilderde zijn autoped zilvergrijs en vergrootte hem aan de zijkant met een stuk hout. Zo leek hij op de motor met zijspan van zijn idool, de Zwitser Camathios. In zwarte letters schreef hij diens naam voorop de step. Een andere jongen keurige stropdas en korte broek met kniekousen – doste zijn fiets als motor uit door er een stofzuigerslang en een bromfietsmotortje aan vast te maken. De ,,TT 33'' doopte hij het vehikel. Ietwat bedremmeld liet hij zich fotograferen, de motorbril op zijn voorhoofd.

Souvenirs zijn natuurlijk niet weg te denken. Sponsor Rizzla gaf oranje vloeipakjes uit met het opschrift ,,Azzen''. En er was zelfs een herenonderbroek te koop waarmee de drager de aanschouwer groette: ,,Regards, Grüsse, Dutch TT Grand Prix Assen''.

Duizenden bezoekers belegeren, voorafgaand aan de TT, Witten, dat elk jaar voor één nacht ,,motordorp'' is. Ze kamperen bij boeren of in de weilanden en wentelen zich in bier, urine en slijk.

De Asser Volkskrant-fotograaf Harry Cock registreerde diverse facetten van het volksfeest. In twee bovenzalen zijn dertig foto's te zien die de vaak vulgaire bandeloosheid tonen. Zoals die van de Duitse motorliefhebber die door een mengsel van modder en urine wordt gesleurd als initiatierite van een motorclub. Of de zatlap die, Christusbeeld op zijn T-shirt, laveloos tegen een gevel leunt.

Op 30 juni strijkt de meute weer in Assen neer voor de 76ste TT.

Brullende motoren en bruisend bier, The story of the Dutch TT. Drents Museum t/m 23 september. Brink 1, Assen. Tel. 0592-312741