Zorgmakelaar

EIND 1996 nam de Tweede Kamer een motie aan over het bevorderen van de reïntegratie van ex-gedetineerden in de maatschappij. Daarvoor was een plan van aanpak nodig dat zou worden opgesteld door de Stichting Reclassering Nederland. Dit plan zou in de loop van 1999 beschikbaar komen. Maar helaas, dat was niet mogelijk ,,tengevolge van prioriteiten op andere terreinen'', zoals minister Korthals (Justitie) de Kamer diplomatiek mededeelde.

Toch kan men reïntegratie van ex-gedetineerden rustig omschrijven als een kerntaak van de reclassering, een opdracht waardoor zij zich onderscheidt van andere vormen van hulpverlening. Het is een veeg teken wanneer men het op zo'n punt laat afweten. Deze sombere hypothese wordt bevestigd door een rapport over de nieuwe penitentiaire beginselenwet dat deze week verscheen. Het resocialisatieprogramma voor gedetineerden moet het stellen met amper de helft van het aantal bedoelde deelnemers. Hoe zit het dan met die andere prioriteiten? De Utrechtse hoogleraar strafrecht Kelk klaagt in de jongste aflevering van het tijdschrift voor de rechterlijke macht juist dat een reclasseringstaak als de zogeheten `vroeghulp' aan opgepakte verdachten her en der in de verdrukking is geraakt. Ook dit was eens een activiteit waardoor de reclassering zich onderscheidde.

Over de oorzaken van de malaise wordt verschillend gedacht. Minister Korthals erkent in een reactie op het evaluatierapport dat op dit terrein nogal wat bureaucratische rompslomp en onnodig ingewikkelde regelgeving is. Het is zeker goed dat de bewindsman zich dit aantrekt. Maar er is nog een ander knelpunt: het reclasseringsbudget. Daarmee is het zelfs dubbel mis. De Rekenkamer rapporteerde zojuist dat de reclasseringsstichting nog steeds niet op orde is met zijn financieel beheer. Hoogleraar Kelk wijst er op dat de financiële prioriteiten ten koste dreigen te gaan van de inhoudelijke.

DE RECLASSERING is zakelijker geworden en dat is op zichzelf winst. Dit proces heeft echter een natuurlijk einde wanneer de eigen, kritische identiteit wordt wegbezuinigd. Reclassering staat hoe dan ook voor de menselijke maat van de strafrechtspleging. Dat is een lastige post om te begroten. Bij het 175-jarig bestaan van de reclassering in Nederland, drie jaar geleden, werd openlijk de vraag gesteld of ,,de authentieke reclasseringsbegeleiding'' een wezenlijk onderdeel van de zorg blijft of dat er uitsluitend aan ,,case-management'' en ,,doorverwijzen'' wordt gedaan. De reclassering als ,,zorgmakelaar'' noemt Korthals dat. Maar is dat nog reclassering?