Uitleveringswet voor Joegoslavië cruciaal

Het Joegoslavische parlement buigt zich morgen over een omstreden uitleveringswet die samenwerking met het VN-tribunaal regelt. De druk is groot: op het spel staat 1,2 miljard dollar - en méér.

`Voor een vrije Slobo', schreeuwden vijfduizend demonstranten dit weekeinde voor de centrale gevangenis van Belgrado. In zijn cel kon Slobodan Miloševic hun steunbetuigingen horen.

Het zijn niet alleen demonstrerende burgers die warme gevoelens koesteren voor de gevallen dictator van Joegoslavië. Vorige week wisten de Montenegrijnse ministers in de federale regering dagenlang de behandeling van de uitleveringswet op te houden. De wet moet de overdracht van Miloševic aan het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag mogelijk maken.

De Montenegrijnse ministers hebben jaren samengewerkt met Miloševic, maar loyaliteit was niet hun voornaamste drijfveer. Ze zijn bang voor hun hachje; de volgende arrestant kon wel eens uit de eigen gelederen afkomstig zijn. De Montenegrijnse ministers konden uiteindelijk niet voorkomen dat de regering het wetsontwerp aannam en naar het parlement stuurde. Maar in dat parlement hebben de aan Miloševic gelieerde partijen - waaronder die van de Montenegrijnen - een meerderheid.

De ruzie in de regering heeft veel vertraging opgeleverd. En tijd heeft de Joegoslavische regering niet. Eind volgende week staat een omvangrijke donorconferentie voor Joegoslavië op de agenda. Liefst 1,2 miljard dollar hoopt Joegoslavië in Brussel binnen te halen. Maar dan moet samenwerking met het Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag zijn gegarandeerd.

De donorconferentie is al een keer uitgesteld; ze zou vorige maand worden gehouden, maar de Amerikanen zegden af. Joegoslavië had te weinig vooruitgang geboekt bij de samenwerking met het Tribunaal. Eerst moet de uitleveringswet er komen en moet de regering een begin maken met de uitlevering van Miloševic, zei Washington. Maar kostbare dagen zijn opgegaan aan de ruzie in de regering. En Miloševic zit nog altijd in de cel in Belgrado.

De regering van Servië ziet het federale geruzie ongerust aan. De Servische premier Zoran Djindjic levert Miloševic liever vandaag dan morgen uit aan het tribunaal. De Serviërs zijn weliswaar niet overtuigd van Miloševic' schuld aan oorlogsmisdrijven, maar beseffen wel dat hij in de weg staat van internationale erkenning en het daarbij behorende geld. Ruim een miljard dollar is een flink bedrag Servië kan het goed gebruiken. Sterker: het kan niet verder zonder dat geld.

Want de economie is een ramp. Een miljoen Serviërs hebben minder dan 55 dollar per maand te besteden. Intussen is de prijs van een brood in de afgelopen maanden verzesvoudigd. De werkloosheid bedraagt 27 procent. Fabrieken werken op halve kracht of liggen stil. Buitenlandse investeerders wachten af. Ze kunnen trouwens toch niet aan de slag, want het banksysteem werkt niet.

Het ligt grotendeels aan de Servische regering zelf, meent econoom Milko Štimac van de vooraanstaande denktank G17 in Belgrado. ,,Er is geen excuus voor het trage optreden van de nieuwe regering'', aldus Štimac. ,,Tien jaar heeft ze in de oppositie gezeten. Tien jaar heeft ze niet nagedacht. Bij haar aantreding had de regering geen idee wat te doen.''

De economen van de G17 zijn erkende voorstanders van de uitlevering van Miloševic aan Den Haag. Hun voormalige voorzitter, vice-premier Miroljub Labuš, waarschuwde al maanden geleden te zullen opstappen als de `kwestie Miloševic' de ontwikkeling van Servië blijft hinderen.

Wordt de donorconferentie afgeblazen, dan zullen de consequenties groot zijn. Elektriciteit, brood, suiker en spijsolie moeten dan op rantsoen. De sociale onrust zal bovendien toenemen; honderden werknemers van staatsbedrijven protesteren nu al dagelijks tegen het uitblijven van hun salaris. Van een andere orde is de `verkeerde signaalwerking'. Door weg te blijven van de donorconferentie geven de Amerikanen het signaal dat het nog altijd niet pluis is in Servië. Buitenlandse investeerders zullen het land blijven mijden. De donorconferentie moét volgens de G17 daarom doorgaan. Het geld moet worden geïnvesteerd in infrastructuur en investeringskredieten voor nieuwe, middelgrote bedrijven. Het moet in elk geval niet worden `opgegeten'.

Niet iedereen is het daarmee eens. Bij het Reconstruction Agency van de Europese Unie, vier verdiepingen lager, vindt men dat Servië eerst directe hulp moet krijgen. ,,Hoe kunnen we praten over economische ontwikkeling als de landbouw nog op socialistsche leest is geschoeid'', vraagt Hasso Molineus zich af. Hoe laat je een bedrijf draaien zonder energie en hoe krijg je zieke werknemers aan het werk zonder goede gezondheidszorg?

De donorconferentie wordt georganiseerd door de Europese Commissie en de Wereldbank áls ze doorgaat. Van de Europese Unie mag het: een aantal EU-lidstaten voert een minder rigide beleid ten aanzien van Joegoslavië's samenwerking met het Tribunaal dan de VS.

Overigens vindt niet iedereen dat de uitleveringswet die morgen in het Joegoslavische parlement wordt behandeld, van doorslaggevend belang is. Het is eigenlijk allemaal poespas om niets, brommen sommige buitenlandse diplomaten. Want de oprichtingsvergadering van het Joegoslavië-tribunaal schrijft voor dat alle VN-lidstaten verplicht zijn mee te werken. Joegoslavië is in november lid van de Verenigde Naties geworden. Met andere woorden: een uitleveringswet is helemaal niet nodig - ook zonder zo'n wet kan (en moet) Joegoslavië Miloševic en andere verdachten uitleveren.

Maar de Joegoslavische president Vojislav Koštunica, zelf jurist, wil de uitlevering van zijn voorganger in eigen land juridisch dichttimmeren. Het zal geen vlotte zitting worden. Grote ruzies worden verwacht. Nieuwe vertragingen ook. En de donorconferentie op 29 juni kruipt dichterbij.