Het Ajax van de pers

Het gaat goed met HP/De Tijd, zegt Henk Steenhuis (hoofdredacteur sinds maart 2001). Het gaat goed met Elsevier, zegt Arendo Joustra (hoofdredacteur sinds januari 2000). Het gaat goed met Vrij Nederland, zegt Xandra Schutte (hoofdredacteur sinds november 2000). Het gaat zelfs zo goed met HP/De Tijd, dat Steenhuis van zijn uitgever binnenkort vijf of zes nieuwe redacteuren mag aannemen.

De hoofdredacteuren van de drie grote opiniebladen waren het gisteren op een bijeenkomst van de Vereniging voor Commerciële Communicatie MWG – zeg maar advertentieverkopers – opvallend met elkaar eens. Het moest maar eens afgelopen zijn met die sombere praatjes over de toekomst van hun weekbladen. Kijk liever eens naar wat er bij de kranten gebeurt, ooit hun grote bedreiging, waar de oplages achteruit hollen en de inkomsten uit advertenties dalen. En al die magazines op zaterdag, je ziet toch dat daar geld bij moet. Molenstenen om hun nek zijn het voor de kranten, net als de bezorging die nu al 15 tot 20 procent van hun kosten uitmaakt.

Leedvermaak kon je het niet noemen, maar enig genoegen aan de tegenslag van hun belangrijkste concurrent ontleende het drietal hoofdredacteuren wel aan de huidige ontwikkelingen op de lezersmarkt. Ze zien in Nederland, net als in het buitenland waar het bladen als Focus, Der Spiegel en Le Nouvel Observateur voor de wind gaat, een groeiende markt voor het tijdschrift dat efficiënt informeert, bondig duidt en brede maatschappelijke ontwikkelingen alert signaleert.

Met vreugde zien de drie hoofdredacteuren de lezer overvoerd raken door radio, tv, internet en bovenal door die al maar dikker wordende kranten die niet meer selecteren maar aan elke millimeter ontwikkeling meteen weer een halve pagina spenderen, zoals Joustra constateert. ,,Terwijl lezers hoogstens tijd hebben voor wat krantenkoppen en nieuwsflitsen op de tv. Aan het einde van de week willen ze weten wat waan was en wat belangrijk om te onthouden. Dat vertellen de kranten niet en wij wel'', aldus Joustra.

,,Wij zijn creatief, klein, snel en hanteerbaar'', zegt Schutte. ,,Kranten zijn oceaanstomers die op zaterdag een moedeloos makende hoeveelheid informatie brengen. Wij zijn de Ajax-opleiding van de journalistiek. Kijk maar hoe gretig de kranten de afgelopen jaren mensen van ons hebben overgenomen. En hoe ze de vormen van ons hebben geleerd, van analyses tot het grote interview.''

Joustra vergelijkt de kranten met de NS. ,,Ze gaan uit van het aanbod en staan met de rug naar de lezers. Service is er een vies woord.'' Van zulke zwakheden profiteert de opiniepers de laatste tijd. Tenminste als de definitie van het genre wat wordt aanpast. Voor klassieke opiniebladen als De Groene Amsterdammer ziet Joustra nog steeds weinig groei. Elsevier, en ook HP/De Tijd en Vrij Nederland, zijn volgens hem tegenwoordig `general interest' bladen die met een uitgesproken mening een grote doelgroep bereiken. Elsevier zag de oplage in 10 jaar tijd groeien van 115.000 tot 137.000 en bereikt daarmee wekelijks zo'n 600.000 mensen.

Ook Vrij Nederland gaat goed. ,,De laatste maand beter dan ooit'', zegt Schutte die sinds de recente restyling al `duizenden nieuwe abonnees en proefabonnees' mocht noteren. Minder goed gaat het met de onderzoeksjournalistiek bij de weekbladen, moest ze toegeven op een vraag van een van de zo'n honderd commerciële mensen in de zaal. ,,Die ambitie kun je niet meer hebben want de concurrentie is verschrikkelijk groot.''