Kraanvogel terug na 250 jaar

Een zes weken oud kraanvogelkuiken (`grus grus') bewoont het Fochteloërveen, een hoogveengebied op de grens van Friesland en Drenthe. Dat is heel bijzonder, want 250 jaar lang kwam er geen kraanvogelei uit in Nederland. Voor Natuurmonumenten, beheerder van het 2.500 hectare grote natuurgebied, bewijst de terugkeer van de kraanvogel als broedvogel dat een structureel herstel van het kwetsbare hoogveengebied resultaat heeft.

De laatste vijf jaar werd het waterpeil in het natuurgebied verhoogd, werden landbouwgronden aangekocht als buffer en zijn er stuwen en damwanden geplaatst. Het gebied werd daardoor natter en daardoor mede geschikt voor de grote, statige vogel, die een voorkeur heeft voor ruime venen en moerassen als broedplaats. De rust en ruimte hier, met zijn vele stille plekken, zouden het mede geschikt hebben gemaakt voor kraanvogels.

De afgelopen drie jaar waren er al drie broedparen gesignaleerd in het hoogveengebied, zegt R.Kreetz van Natuurmonumenten. ,,We zagen de vogels baltsen en paren en wisten dat het eerste broedgeval er zat aan te komen. Maar wanneer dat gebeurt, weet je niet. De kraanvogel moet een gebied eerst echt goed leren kennen voor hij een nest bouwt.'' De moedervogel legde begin april één ei op een eilandje middenin het ontoegankelijke veengebied.

Kraanvogels broeden normaal gesproken in moerassige gebieden in Noord-Europa. Het zijn trekvogels, die in de herfst naar Spanje en Frankrijk vliegen. Kreetz vermoedt echter dat het nu ontdekte broedpaar, als gevolg van de zachte winter, overwinterd heeft in het Fochteloërveen.

In de Middeleeuwen broedde de kraanvogel in groten getale in ons land. Ontginning van hoogveen, drooglegging van moerassen, de jacht en het rapen van de eetbare eieren leidden ertoe dat de vogels met hun trompetachtige roep Nederland als broedgebied gingen mijden.

Kreetz hoopt dat de Drents-Friese kraanvogels na hun overwintering in zuidelijker streken andere paren meenemen, zodat grotere aantallen zich hier permanent zullen vestigen.